Archiefdocument
Origineel
De Vischverdeeling ex de Nederlandsche Landstand. [Handgeschreven rechtsboven:] W. v. Duinhoven
VD/HG.
464/4A/1 M.
23 April 1942.
De Vischverdeeling ex
de Nederlandsche Landstand.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
In aansluiting op ons telefonisch gesprek van hedenmorgen heb ik de eer U, ingevolge Uw opdracht, het volgende te berichten.
Door den heer Balk, Streekleider van den Nederlandschen Landstand voor de Streek Amsterdam en omgeving is een dezer dagen als lid van de U bekende "Verdeelingscommissie voor Visch" naast het lid M. Gootjes, die reeds voor den Landstand zitting heeft, aangewezen de heer C. Zwaan.
De Directeur van de Nederlandsche Visscherijcentrale die de onderhavige Commissie heeft ingesteld, maakt bezwaar tegen de wijze, waarop de heer Zwaan, zonder zijn voorkennis, in voornoemde Commissie heeft zitting genomen. Voor de toelating van Zwaan had namelijk een gemotiveerd verzoek bij dezen Directeur moeten zijn ingediend. Toen de heer Balk mij de vorige week zijn plan kenbaar maakte, heb ik hem medegedeeld, dat het zitting nemen van Zwaan door den Directeur der Nederlandsche Visscherijcentrale moest worden goedgekeurd. Evenwel heeft de heer Balk den heer Zwaan met een machtigingsbrief naar de eerstvolgende vergadering der Verdeelingscommissie gezonden; de Voorzitter dezer Commissie, de Inspecteur van mijn dienst, die niet op de hoogte was, heeft Zwaan, op grond van den in zijn bezit zijnden brief, waarop stond vermeld, dat de Directeur van het Marktwezen met een en ander bekend was, tot de vergadering toegelaten.
De heer Balk deelde mij voorts gisteren mede, dat door hem met de heeren van het Bureau van den Beauftragte voor de stad Amsterdam de vischregeling te Amsterdam wordt geregeld; hij maakte bezwaar, dat in de Verdeelingscommissie zaken werden besproken, die hem nog niet bekend waren!
Ik heb hierop den heer Balk erop opmerkzaam gemaakt, dat deze aangelegenheid wordt voorbereid door den Wethouder voor de Levensmiddelen en de Nederlandsche Visscherijcentrale: dus de daarvoor tot nu toe aangewezen instanties. Dit document is een ambtelijk schrijven dat een bureaucratisch conflict blootlegt binnen het distributieapparaat tijdens de bezettingstijd. De kern van het conflict is de eigengereidheid van de heer Balk, Streekleider van de Nederlandsche Landstand. Hij heeft de heer C. Zwaan buiten de officiële procedures om benoemd in de 'Verdeelingscommissie voor Visch'.
De schrijver wijst op een drieledige frictie:
1. Procedureel: De verplichte goedkeuring door de Directeur van de Nederlandsche Visscherijcentrale is overgeslagen.
2. Misleiding: Balk heeft Zwaan een brief meegegeven die suggereerde dat de Directeur van het Marktwezen akkoord was, waardoor de commissievoorzitter (de Inspecteur) de heer Zwaan onterecht heeft toegelaten.
3. Bevoegdheidsstrijd: Balk claimt direct met de Duitse Beauftragte (de Duitse toezichthouder op het stadsbestuur) te overleggen over de visregeling, waarmee hij de Nederlandse wethouder en de bestaande distributieorganen probeert te passeren of te ondermijnen.
De toon van de brief is formeel-ambtelijk, maar de onderliggende irritatie over de machtsgreep van de Landstand-functionaris is duidelijk voelbaar. De brief dateert van april 1942, een periode waarin de Duitse bezetter steeds meer grip probeerde te krijgen op de Nederlandse voedselvoorziening. De Nederlandsche Landstand, opgericht in 1941, was een nationaalsocialistische organisatie waar alle boeren en vissers verplicht lid van moesten zijn. Het was een instrument voor 'gelijkschakeling' van de agrarische sector.
Binnen het stadsbestuur van Amsterdam ontstond in deze jaren een voortdurende strijd tussen de resterende Nederlandse bestuursstructuren (zoals de Wethouder voor Levensmiddelen) en de nieuwe, door de NSB gedomineerde organisaties zoals de Landstand. Het feit dat de heer Balk schermt met zijn contacten bij het bureau van de Beauftragte (Hans Böhmcker) is kenmerkend voor de manier waarop collaborerende instanties hun wil probeerden op te leggen aan het lokale bestuur door zich te beroepen op de directe steun van de Duitse autoriteiten. De visdistributie was cruciaal, aangezien de voedselschaarste in 1942 steeds nijpender werd.