Handgeschreven memo / ambtelijke notitie.
Origineel
Handgeschreven memo / ambtelijke notitie. Februari 1942 (tijdens de Duitse bezetting van Nederland). Insp.
Indien werkelijk blei
is gezonden (en Stam rap-
porteert dit ook) dan had
Stam 0,16 moeten berekenen
(zie prijslijst); voor blei
geldt nl. niet de maat boven
of onder 20 cm., doch
blei tot 1 pond 0,16
" boven 1 " 0,25
Hr. Stam
nader rapport
4-2-42
deBoer
3/2 '42 [initialen]
[In rood potlood:] H. de Boer bespr.
rapp. Stam 6/2 - '42
f 0.84 vergoeden aan Hellenbroek. Is Stam afge-
trokken door bij bepalen van de verkoopprijzen.
11-2-42 [initialen] Dit document betreft een administratieve correctie naar aanleiding van een onjuiste prijsstelling voor een partij vis (blei). De kern van de kwestie is dat voor de meeste vissoorten een prijs geldt gebaseerd op de lengte (de grens van 20 cm), maar dat voor blei de prijs per gewicht (per pond) bepaald dient te worden volgens de toenmalige prijslijst.
De inspecteur stelt vast dat er 0,16 (gulden) berekend had moeten worden voor blei onder het pond, en 0,25 voor blei boven het pond. Uit de aantekeningen onderaan blijkt dat de zaak is afgehandeld: er is een bedrag van 0,84 gulden vergoed aan een zekere Hellenbroek. De notitie doorloopt een proces van 3 februari tot 11 februari 1942. Het document dateert uit de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties (zoals het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd). Er golden maximumprijzen en strikte voorschriften voor de handel in vis.
Dergelijke interne memo's zijn typerend voor de bureaucratische afhandeling van prijsbeheersing en distributie. Het feit dat er over een bedrag van 84 cent wordt gecorrespondeerd, illustreert de precisie en de strikte controle op de economie in die tijd. De namen "Stam" en "De Boer" komen vaak voor in archieven van regionale visserij-inspecties of distributiekantoren.
Samenvatting
Dit document betreft een administratieve correctie naar aanleiding van een onjuiste prijsstelling voor een partij vis (blei). De kern van de kwestie is dat voor de meeste vissoorten een prijs geldt gebaseerd op de lengte (de grens van 20 cm), maar dat voor blei de prijs per gewicht (per pond) bepaald dient te worden volgens de toenmalige prijslijst.
De inspecteur stelt vast dat er 0,16 (gulden) berekend had moeten worden voor blei onder het pond, en 0,25 voor blei boven het pond. Uit de aantekeningen onderaan blijkt dat de zaak is afgehandeld: er is een bedrag van 0,84 gulden vergoed aan een zekere Hellenbroek. De notitie doorloopt een proces van 3 februari tot 11 februari 1942.
Historische Context
Het document dateert uit de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening in Nederland strikt gereguleerd door de bezetter en de Nederlandse overheidsinstanties (zoals het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd). Er golden maximumprijzen en strikte voorschriften voor de handel in vis.
Dergelijke interne memo's zijn typerend voor de bureaucratische afhandeling van prijsbeheersing en distributie. Het feit dat er over een bedrag van 84 cent wordt gecorrespondeerd, illustreert de precisie en de strikte controle op de economie in die tijd. De namen "Stam" en "De Boer" komen vaak voor in archieven van regionale visserij-inspecties of distributiekantoren.