Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). J. Boeken. Nº 66/s/2 M. 1942 29/4
Amsterdam 27/4 1942 (Nº 66/s/1 NL)
In Antwoord op u schrijven van 24 April 1942
Mijnheer met deze richt ik een verzoek
tot u om mij s.v.p mijn plaats in de
Markthal nº 37 te doen vervallen daar
ik geschorst ben voor den tijd van zes
maanden van 23/2 tot 22/8 1942
er is mij ook ter oore gekomen als dat
ik moet Licwadere. Hoopende ik
daar goed russeltaat van zult ontvangen
Ik dat al al dene tijd niets meer
Achtend J. Boeken
Joden Breestraat nº 63 II
Amsterdam
M mijn handel die ik al die tijd
gedreven heb aan de markt bestond
uitsluitend van het Credit dat ik
op de Veilingen genoten heb: want
kapitaal bezit ik niet want ik
moet zelf bij kinderen eten. De brief is geschreven door J. Boeken, een marktkoopman uit Amsterdam. De tekst bevat verschillende spelfouten die duiden op een fonetische schrijfwijze (zoals "Licwadere" voor liquideren en "russeltaat" voor resultaat).
De kern van de brief is het verzoek om zijn marktplaats (nummer 37) in de Markthal op te zeggen. De reden hiervoor is tweeledig: hij is voor zes maanden geschorst en hij heeft vernomen dat hij moet "liquideren" (zijn zaak beëindigen). Onderaan de brief voegt hij een persoonlijke noot toe over zijn penibele financiële situatie: hij werkte volledig op krediet en heeft geen eigen kapitaal, waardoor hij voor zijn maaltijden afhankelijk is van zijn kinderen. Het document dateert van april 1942, een cruciale periode tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De afzender woont in de Jodenbreestraat, in het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam.
De term "Licwadere" (liquideren) verwijst in deze context naar de anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Joodse ondernemers en marktkooplieden werden in 1941 en 1942 stelselmatig uit het economische leven geweerd. Hun zaken werden ofwel overgenomen door 'Ariërs' (Arisering) of, zoals in dit geval waarschijnlijk, gedwongen geliquideerd. De schorsing en de gedwongen liquidatie zijn directe gevolgen van de vervolging. De opmerking over het gebrek aan kapitaal en het eten bij zijn kinderen schetst de bittere armoede waarin veel Joodse Amsterdammers door deze uitsluitingsmaatregelen terechtkwamen. J. Boeken
Samenvatting
De brief is geschreven door J. Boeken, een marktkoopman uit Amsterdam. De tekst bevat verschillende spelfouten die duiden op een fonetische schrijfwijze (zoals "Licwadere" voor liquideren en "russeltaat" voor resultaat).
De kern van de brief is het verzoek om zijn marktplaats (nummer 37) in de Markthal op te zeggen. De reden hiervoor is tweeledig: hij is voor zes maanden geschorst en hij heeft vernomen dat hij moet "liquideren" (zijn zaak beëindigen). Onderaan de brief voegt hij een persoonlijke noot toe over zijn penibele financiële situatie: hij werkte volledig op krediet en heeft geen eigen kapitaal, waardoor hij voor zijn maaltijden afhankelijk is van zijn kinderen.
Historische Context
Het document dateert van april 1942, een cruciale periode tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De afzender woont in de Jodenbreestraat, in het hart van de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam.
De term "Licwadere" (liquideren) verwijst in deze context naar de anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Joodse ondernemers en marktkooplieden werden in 1941 en 1942 stelselmatig uit het economische leven geweerd. Hun zaken werden ofwel overgenomen door 'Ariërs' (Arisering) of, zoals in dit geval waarschijnlijk, gedwongen geliquideerd. De schorsing en de gedwongen liquidatie zijn directe gevolgen van de vervolging. De opmerking over het gebrek aan kapitaal en het eten bij zijn kinderen schetst de bittere armoede waarin veel Joodse Amsterdammers door deze uitsluitingsmaatregelen terechtkwamen.