Archief 745
Inventaris 745-392
Pagina 481
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Archiefdocument

Origineel

[Rechtsboven handgeschreven:] 9 Sept 41

N o t i t i e s van een bespreking op 9 September 1941 van den Directeur van het Marktwezen, den heer C.F.Sixma, den bedrijfschef, den heer J.Broerse, den waarnemend Secretaris, den heer H.A.van Duinhoven, de heeren Kramer, Dijkstra en Bood van de grossiersvereeniging "Onderling Belang" en de heeren Van der Mey, Van Rijn en Barends, bestuursleden van de Federatie van Vereenigingen van Kleinhandelaren in Aardappelen, Groenten en Fruit.

Betalingsregeling op de Centrale Markt.

De Directeur memoreert, dat het onderhavige onderwerp niet nieuw is voor den handel. Eenige jaren geleden is een ontwerp gemaakt om de betaling op de Centrale Markt in goede banen te leiden, doch dit is niet doorgegaan, omdat de handel niet tot eenstemmigheid kon komen. Thans is de zaak door de grossiers opnieuw aan de orde gesteld. Aangezien het hier een aangelegenheid betreft, welke tusschen de grossiers en kleinhandelaren moet worden geregeld, verzoekt spreker den heer Dijkstra om het onderwerp te willen inleiden.

De heer Dijkstra zet uiteen, dat de onderhavige regeling in 1939 vele struikelblokken op haar weg heeft gevonden. Op de markt bestond onder de grossiers zelf niet de volle medewerking. Vooral de grossiers in zuidvruchten hebben zich een tegenstander verklaard van de te treffen regeling. Deze handel was een voorstander van een lang crediet. Thans wordt echter op de Centrale Markt vrijwel geen zuidvruchtenhandel meer gedreven. In de tweede plaats bestond er in 1939 een uitgebreide leurderij in de stad. De kleinhandelaren, die van de Centrale Markt zouden moeten worden uitgesloten, omdat zij zich niet aan de regeling wilden onderwerpen, zouden op gemakkelijke manier door deze leurders kunnen worden bediend. Thans vindt vrijwel de geheelen handel over de Centrale Markt plaats. Tenslotte waren er in 1939 op de Centrale Markt markttuinders en een kleinhandelsveiling gevestigd, die zich bij de nieuwe regeling niet konden aansluiten. Thans is ten aanzien van deze tuinders en de veiling op de Centrale Markt een radicale wijziging in den verkoop gekomen, zoodat van die kant geen moeilijkheden meer zijn te verwachten.

In verband met de korte markttijden tengevolge van de verduisteringsvoorschriften moet het als een groote verbetering worden beschouwd als er op de Centrale Markt een centrale betalingsregeling wordt getroffen. De regeling is in hoofdzaak gebaseerd op het bestaan de stelsel in Haarlem. Naast de centrale bank komt er een Commissie uit grossiers en winkeliers, die over geschillen zullen beslissen. Verder is de opzet geheel overeenkomstig als die, welke in 1939 zou worden ingevoerd. De week wordt op Vrijdag afgesloten en op Zaterdag worden de vorderingen van de groothandelaren bij de Centrale Bank ingediend. De kleinhandel heeft dan tot Woensdag daaropvolgend de gelegenheid om te betalen.

De heer Barends is van meening, dat een dergelijk apparaat zal werken in het belang van den bona fide handel. Spreker juicht derhalve een goede betalingsregeling ten volle toe.

De Directeur is van meening, dat het stelsel heel goed kan zijn, doch dat er sancties zullen moeten worden getroffen om een regeling behoorlijk te kunnen uitvoeren. Er zullen grossiers zijn, die zich niet bij de onderhavige regeling zullen willen aansluiten?

De heer Dijkstra zegt, dat de niet-georganiseerde grossiers, die zich niet bij de regeling zullen willen aansluiten, onbeperkt crediet kunnen blijven geven.

De Directeur is van meening, dat dit derhalve moet worden ondervangen. Er moet een regeling komen, die alle belanghebbenden moet omvatten. Spreker herinnert eraan, dat er wellicht binnenkort wetsvoorschriften zullen worden uitgevaardigd, die de organisatieplicht voor den geheelen handel zullen voorschrijven, terwijl door de betreffende organisaties dan onder bepaalde voorwaarden bindende regelingen zullen kunnen worden getroffen ook ten aanzien van de betaling.

De heer Dijkstra antwoordt, dat men hiermede niet veel opschiet op het oogenblik. Een regeling als door den heer Sixma bedoeld is verder verwijderd, dan tot nu toe ooit het geval is geweest. Er zijn vele moeilijkheden en een daarvan is, dat men geen behoorlijke vakverdeeling weet te maken. Speciaal op de kleinere plaatsen is het moeilijk om den kleinhandel in vakken onder te verdeelen, omdat men daar allerlei artikelen in een winkel verkoopt.

[Handgeschreven tekst onderaan:]
de landraad zal landelijk onderverdeeld worden hoe wordt dan b.v. Amsterdam een „streek” waarvoor dan weer dit gewenst is speciale bepalingen zullen gelden ..

--- * Kern van het document: Het verslag beschrijft de poging om de financiële afwikkeling tussen de groothandel (grossiers) en de detailhandel (winkeliers) te centraliseren via een bank- en commissiesysteem. Het doel is de handel te saneren en kredietrisico's te verkleinen.
* Veranderingen t.o.v. 1939: De heer Dijkstra voert aan dat eerdere weerstand is weggevallen doordat de handel in zuidvruchten is gestopt (door de oorlogsomstandigheden en blokkades) en de informele 'leurderij' is afgenomen.
* Systeem: Er wordt gekozen voor het "Haarlemse model". Dit houdt in: wekelijkse afsluiting op vrijdag, aangifte op zaterdag en verplichte betaling door de winkelier uiterlijk de woensdag daarop.
* Problematiek: De grootste zorg is de handhaving (sancties). Als niet iedereen meedoet, kunnen niet-georganiseerde grossiers concurrentievoordeel behalen door lange kredieten te blijven verstrekken aan winkeliers.
* Organisatiegraad: De directeur hint op de komende "organisatieplicht", wat een direct gevolg is van de gelijkschakeling en de invoering van de bedrijfsorganisaties onder het Duitse bezettingsbewind.

--- Dit document stamt uit het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland (september 1941). De context van de Tweede Wereldoorlog is op verschillende punten in de tekst zichtbaar:

  1. Verduisteringsvoorschriften: Deze beperkten de handelstijden op de markten, waardoor een efficiënte administratieve afhandeling noodzakelijk werd.
  2. Schaarste: De opmerking dat er "vrijwel geen zuidvruchtenhandel meer" is, duidt op het wegvallen van de import vanuit overzeese gebieden en Zuid-Europa.
  3. Ordening van de handel: De bezetter streefde naar een totale controle over de voedselvoorziening. De genoemde "organisatieplicht" verwijst naar de oprichting van de Bedrijfsorganisatie (de verplichte lidmaatschappen van ondernemers bij hoofdbedrijfschappen en productschappen).
  4. Centrale Markt: De bespreking heeft betrekking op de Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center-locatie), die destijds de spil was van de groenten- en fruitdistributie in de regio. De genoemde C.F. Sixma was een prominente figuur binnen het Amsterdamse Marktwezen. Barends (De heer) C.F. Sixma Dijkstra (De heer) Dijkstra voert (De heer) H.A. van Duinhoven J. Broerse Marktwezen

Samenvatting

  • Kern van het document: Het verslag beschrijft de poging om de financiële afwikkeling tussen de groothandel (grossiers) en de detailhandel (winkeliers) te centraliseren via een bank- en commissiesysteem. Het doel is de handel te saneren en kredietrisico's te verkleinen.
  • Veranderingen t.o.v. 1939: De heer Dijkstra voert aan dat eerdere weerstand is weggevallen doordat de handel in zuidvruchten is gestopt (door de oorlogsomstandigheden en blokkades) en de informele 'leurderij' is afgenomen.
  • Systeem: Er wordt gekozen voor het "Haarlemse model". Dit houdt in: wekelijkse afsluiting op vrijdag, aangifte op zaterdag en verplichte betaling door de winkelier uiterlijk de woensdag daarop.
  • Problematiek: De grootste zorg is de handhaving (sancties). Als niet iedereen meedoet, kunnen niet-georganiseerde grossiers concurrentievoordeel behalen door lange kredieten te blijven verstrekken aan winkeliers.
  • Organisatiegraad: De directeur hint op de komende "organisatieplicht", wat een direct gevolg is van de gelijkschakeling en de invoering van de bedrijfsorganisaties onder het Duitse bezettingsbewind.

Historische Context

Dit document stamt uit het tweede jaar van de Duitse bezetting van Nederland (september 1941). De context van de Tweede Wereldoorlog is op verschillende punten in de tekst zichtbaar:

  1. Verduisteringsvoorschriften: Deze beperkten de handelstijden op de markten, waardoor een efficiënte administratieve afhandeling noodzakelijk werd.
  2. Schaarste: De opmerking dat er "vrijwel geen zuidvruchtenhandel meer" is, duidt op het wegvallen van de import vanuit overzeese gebieden en Zuid-Europa.
  3. Ordening van de handel: De bezetter streefde naar een totale controle over de voedselvoorziening. De genoemde "organisatieplicht" verwijst naar de oprichting van de Bedrijfsorganisatie (de verplichte lidmaatschappen van ondernemers bij hoofdbedrijfschappen en productschappen).
  4. Centrale Markt: De bespreking heeft betrekking op de Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center-locatie), die destijds de spil was van de groenten- en fruitdistributie in de regio. De genoemde C.F. Sixma was een prominente figuur binnen het Amsterdamse Marktwezen.

Genoemde Personen 6

Barends (De heer) C.F. Sixma Dijkstra (De heer) Dijkstra voert (De heer) H.A. van Duinhoven J. Broerse

Locaties

Centrale Markt

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Paling Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Vlees Vleeswaren: Wild

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Ambtenaren

J. Broerse Bedrijfschef

Kooplieden in dit dossier 1

M. Soep Uilenburg

Gerelateerde Documenten 6