Administratieve correspondentie (klad of doorslag).
Origineel
Administratieve correspondentie (klad of doorslag). 20 november 1943. Monopolie-
recht 1943.
N.V. Centrale
Markt Service
A’dam 20/11 1943
W. H. M.
Sijpen [?]
Onder terugzending
van de met Uw kantbrief dd.
27 Oct. jl. om advies ontvangen
stukken no. 858 L.M. 1943 hebben
de ondergetekenden de eer U te
berichten, dat ten aanzien van
het betalen van het monopolie-
recht door de N.V. Centrale Markt
Service door den Bm. bereids
een standpunt is ingenomen,
hetwelk aan deze N.V. per
brief van 27 Maart 1942 no. 400
L.M./1941 is kenbaar gemaakt.
Uit dezen brief blijkt, dat de
Vennootschap zich van de betaling
van het monopolierecht kan
bevrijden, door van dat recht
afstand te doen. Zoolang zij
dit niet doet, zal zij een
monopolierecht moeten blijven
voldoen. Voor het jaar 1942
werd dit bij Besluit van den
Bm. dd. 7 Aug. 1942 no. 686
L.M. 1942 bepaald op f 400.--.
Hiervan moet de Vennoot-
schap nog f 200.-- betalen. Het document is een ambtelijk schrijven betreffende een zakelijk geschil over de betaling van een "monopolierecht" door de N.V. Centrale Markt Service. De kern van de brief is een herinnering aan een eerder ingenomen standpunt door de Burgemeester (Bm.).
De N.V. probeert blijkbaar onder de betaling van dit recht uit te komen. De afzender stelt echter dat de enige manier om van deze betalingsverplichting af te komen, het volledig afstand doen van het betreffende recht is. Zolang de N.V. de rechten behoudt, dient zij te betalen. Er wordt specifiek verwezen naar een openstaande schuld van 200 gulden over het jaar 1942, waarvoor het totale bedrag op 400 gulden was vastgesteld.
De schrijfstijl is formeel en juridisch-administratief van aard, typerend voor de gemeentelijke bureaucratie van die tijd. Dit document is gedateerd op 20 november 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode stond Amsterdam onder Duits bestuur, met de door de bezetter aangestelde burgemeester Edward Voûte aan het hoofd. De "Centrale Markt" verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat, die in die tijd een cruciale rol speelden in de voedselvoorziening van de stad.
Het "monopolierecht" duidt op een exclusief recht om bepaalde diensten te verlenen of goederen te verhandelen op het marktterrein. Uit dit document blijkt dat, ondanks de oorlogsomstandigheden, de reguliere administratieve en fiscale processen van de gemeente (zoals het innen van leges en rechten) nauwgezet werden voortgezet. De afkorting "L.M." in de kenmerken verwijst vermoedelijk naar de afdeling "Leges en Markten".