Archief 745
Inventaris 745-393
Pagina 203
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven memo of verslag betreffende de melkvoorziening.

Origineel

Handgeschreven memo of verslag betreffende de melkvoorziening. Boerenmelk wordt door fabrieken "gestandaardiseerd op
2.5 % vetgehalte" - dit is onze tegenwoordige z.g. volle
melk - die aan kinderen e zieken worden gedistribueerd. -
Amsterdam heeft eenige z.g. standaardiseering bedrijven
die de melk bij de veehouders ophalen e deze ~~melk~~
standaardiseeren op 2.5 % - Deze hoeveelheid is voor
A’dam niet genoeg e wordt aangevuld door de fabrieken
uit Nd Holland - e aangevoerd door auto’s

A’dam heeft noodig per dag 150 000 l. volle melk (2.5%)
[pijl omlaag]
e 250 000 per dag l. tapte melk {die gekld uitroom-is}

De boeren die aan A’damsche stand. - bedrijven leverden
~~ook de boeren in Noord~~ werden gehandicapt door
vervoersmoeielijkheden. Deze moeielijkheden zijn thans
voor 90 % opgelost. ~~zoodat de bonnenmelk (125.000 l.)~~
dadelijk zeker gesteld zijn. Terwijl de levering thans
± 125 000. - dus tekort 25 000 l. bonnenmelk
melk geleverd moeste worde door Nd Holl. zuivelfabr.
Ook deze 25 000 l. zijn zeker gesteld. Komen nagenoeg aan. -
Dus Bonnenmelk is aanwezig - straks. -


16 - 2 / 500 1/000
Alg. Ver. melkvoorziening * Standaardisatie: De tekst beschrijft dat "volle melk" wordt afgeroomd tot een vetgehalte van 2.5%. Dit was een gebruikelijke maatregel tijdens schaarste om meer melk beschikbaar te maken voor de bevolking (met name kwetsbare groepen zoals kinderen en zieken).
* Logistiek: Amsterdam produceert zelf niet genoeg melk. De aanvoer is afhankelijk van vrachtwagenstransport vanuit de rest van Noord-Holland. De tekst maakt melding van transportproblemen die grotendeels (voor 90%) zijn opgelost.
* Cijfers: De behoefte van Amsterdam wordt becijferd op 150.000 liter volle melk en 250.000 liter taptemelk (magere melk) per dag.
* Tekorten: Er wordt gesproken over een tekort van 25.000 liter "bonnenmelk" (melk die alleen via rantsoeneringsbonnen te verkrijgen was), dat door melkfabrieken uit Noord-Holland wordt opgevangen. Dit document is een typisch voorbeeld van ambtelijke of bedrijfsmatige berichtgeving tijdens een periode van rantsoenering en distributie, hoogstwaarschijnlijk tijdens of kort na de Tweede Wereldoorlog. De term "bonnenmelk" wijst direct op de distributiestamkaarten en melkbonnen die destijds noodzakelijk waren. De "Algemene Vereniging voor Melkvoorziening" speelde een centrale rol in het coördineren van de stroom melk van het platteland naar de grote steden om hongersnood of ernstige tekorten te voorkomen.

Samenvatting

  • Standaardisatie: De tekst beschrijft dat "volle melk" wordt afgeroomd tot een vetgehalte van 2.5%. Dit was een gebruikelijke maatregel tijdens schaarste om meer melk beschikbaar te maken voor de bevolking (met name kwetsbare groepen zoals kinderen en zieken).
  • Logistiek: Amsterdam produceert zelf niet genoeg melk. De aanvoer is afhankelijk van vrachtwagenstransport vanuit de rest van Noord-Holland. De tekst maakt melding van transportproblemen die grotendeels (voor 90%) zijn opgelost.
  • Cijfers: De behoefte van Amsterdam wordt becijferd op 150.000 liter volle melk en 250.000 liter taptemelk (magere melk) per dag.
  • Tekorten: Er wordt gesproken over een tekort van 25.000 liter "bonnenmelk" (melk die alleen via rantsoeneringsbonnen te verkrijgen was), dat door melkfabrieken uit Noord-Holland wordt opgevangen.

Historische Context

Dit document is een typisch voorbeeld van ambtelijke of bedrijfsmatige berichtgeving tijdens een periode van rantsoenering en distributie, hoogstwaarschijnlijk tijdens of kort na de Tweede Wereldoorlog. De term "bonnenmelk" wijst direct op de distributiestamkaarten en melkbonnen die destijds noodzakelijk waren. De "Algemene Vereniging voor Melkvoorziening" speelde een centrale rol in het coördineren van de stroom melk van het platteland naar de grote steden om hongersnood of ernstige tekorten te voorkomen.

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6