Dienstbrief / Circulaire
Origineel
Dienstbrief / Circulaire 1 juni 1942 L. de Kruyff (Hoofd van het Gemeentelijk Materialenbureau) Heeren Hoofden van Diensten en Bedrijven (Amsterdam) [Stempel linksboven: Wapen van Amsterdam]
[Stempel middenboven in paars: Nº 100/12/3 M. 1942 2/6]
Telefoon: 43321, 43130
Toestellen: 568, 569, 576
Verzoeke bij beantwoording datum en nummer van dezen brief te vermelden
No. 13$^c$/214$^a$ G.M.B.
Amsterdam, 1 Juni 1942.
Bijlagen: --
Gemeentelijk Materialenbureau
Oudezijds Achterburgwal 213 Amsterdam (Centrum)
Aan: Heeren Hoofden van Diensten en Bedrijven.
[Handgeschreven aantekening in blauw: mw th. Jonkman(?) 7-]
Ingevolge een desbetreffende circulaire van de Sectie Verf en Verfgrondstoffen van het Rijksbureau voor Chemische Producten, verzoek ik U beleefd mij zoo spoedig mogelijk een opgave te doen toekomen van Uw voorraad rauwe lijnolie/gekookte lijnolie/standolie op 1 Juni 1942 in liters, alsmede van het aantal van de op dien datum bij U als schilder werkzame personen.
Bij deze opgave mag lijnolie-drab niet worden verwaarloosd.
Het Hoofd van het
Gemeentelijk Materialenbureau,
[Handtekening: L. de Kruyff]
[Linksonder in kleine druk: Stadsdrukkerij Amsterdam 5872-3-42-750]
[Rechtsonder handgeschreven: loo] Dit document is een administratieve vordering uit de bezettingstijd. Het Gemeentelijk Materialenbureau fungeert hier als tussenpersoon voor het 'Rijksbureau voor Chemische Producten'. De kern van de brief is een inventarisatie van strategische grondstoffen (lijnolie in verschillende vormen) en mankracht (schilders).
Opvallend is de nadruk op "lijnolie-drab", het bezinksel dat normaal als afvalproduct werd gezien, maar door de extreme schaarste tijdens de oorlog blijkbaar ook geregistreerd en hergebruikt moest worden. De tekst "zoo spoedig mogelijk" is in de getypte tekst onderstreept om de urgentie aan te geven. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) ontstond er al snel een groot tekort aan grondstoffen. De bezetter stelde 'Rijksbureaus' in die toezicht hielden op de distributie en het verbruik van vrijwel alle materialen. Lijnolie was een cruciaal product: het diende als basis voor verf en coatings, maar was ook een bron van vetten die voor andere (industriële of voedings-) doeleinden geconfisqueerd konden worden.
Het feit dat deze brief exact op 1 juni 1942 is gedateerd en vraagt naar de voorraad op diezelfde dag, duidt op een stringente 'peildatum-controle'. Bedrijven en gemeentelijke diensten waren verplicht hieraan mee te werken om te voorkomen dat er illegale voorraden ("zwarte voorraad") werden aangelegd. De ondertekenaar, L. de Kruyff, was in die periode een bekende functionaris binnen het Amsterdamse ambtenarenapparaat belast met de logistiek van schaarse goederen. G.M.B. Rijksbureau