Archief 745
Inventaris 745-393
Pagina 340
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte officiële kennisgeving/verordening.

Van: Het Gemeentelijk Materialenbureau, ondertekend door Ir. E. de Kruijff.

Origineel

Getypte officiële kennisgeving/verordening. Het Gemeentelijk Materialenbureau, ondertekend door Ir. E. de Kruijff. vatorbanden, vervaardigd uit rubber of balata, een en ander onder voorwaar-
de, dat de reeds gegeven of nog te geven voorschriften van het Rijksbureau
voor Rubber ten aanzien hiervan stipt worden opgevolgd.
Van het verbod tot het ter herstelling bewerken (repareeren), zonder
hiertoe vooraf schriftelijke vergunning te hebben ontvangen, wordt voorts
dispensatie verleend:
a. wanneer de reparatie wordt uitgevoerd door bij het Rijksbureau als zoo-
danig ingeschreven drijfriemenfabrikanten;
b. aan gebruikers, die reeds op 1 Maart 1940 gewoon waren genoemde goederen
in eigen beheer te repareeren, mits zij over de voor deze werkzaamheden ge-
schikte vaklieden beschikken en het goederen betreft, welke krachtens een
geldige vergunning in hun bedrijf in gebruik zijn,
in beide gevallen onder de voorwaarde, dat de voor elke reparatie ge-
bruikte hoeveelheden materialen, naar soort en gewicht, benevens den aard
der reparatie, in een reparatieregister geboekt worden.
Aanvragen om een vergunning tot het koopen of in ontvangst nemen van
drijfriemen worden gedaan door inzending via het Materialenbureau aan de
Arbeidsinspectie, onder welke het betrokken bedrijf ressorteert, van een
volledig en naar waarheid ingevuld en onderteekend formulier. No. 506
Hiervan wordt dispensatie verleend voor gevallen, waarin een dringende
noodzakelijkheid voor den aankoop bestaat met het oog op de belangen van
oorlogs- of vitale bedrijven; de aanvragen tot het aanschaffen van nieuwe
goederen kunnen in deze gevallen rechtstreeks via het Materialenbureau aan
het Rijksbureau worden ingezonden.
In gevallen van uitersten nood kan de bestelling van nieuwe goederen
direct aan den leverancier geschieden, die terstond mag verkoopen en afleve-
ren. In dit geval dient zoowel de besteller als de leverancier hiervan ter-
stond mededeeling te doen aan het Rijksbureau.
GS
Het Hoofd van het
Gemeentelijk Materialenbureau,

                                    Ir.E.de Kruijff. Dit document bevat instructies over de distributie en het onderhoud van schaarse materialen (rubber en balata) tijdens de bezettingsjaren in Nederland. De kernpunten zijn:
  • Herstelverbod: Het is in principe verboden om deze materialen te repareren zonder vergunning.
  • Uitzonderingen: Erkende fabrikanten of bedrijven die al vóór de oorlog (referentiedatum 1 maart 1940) zelf reparaties uitvoerden, krijgen dispensatie, mits zij een 'reparatieregister' bijhouden.
  • Aanschaf: Nieuwe riemen moeten via een formele weg (formulier 506) aangevraagd worden bij de Arbeidsinspectie en het Materialenbureau.
  • Prioriteit: 'Oorlogs- of vitale bedrijven' krijgen voorrang en een kortere procedure bij de aanvraag van nieuwe goederen.
  • Noodprocedure: Bij uiterste nood mag direct bij de leverancier besteld worden, mits dit direct gemeld wordt aan het Rijksbureau. Tijdens de Tweede Wereldoorlog kampte bezet Nederland met enorme tekorten aan grondstoffen zoals rubber, omdat de aanvoer uit de koloniën (Nederlands-Indië) was afgesneden. De bezetter en de Nederlandse overheidsapparaten stelden 'Rijksbureaus' in om de distributie van deze schaarse middelen strak te reguleren.

De referentie naar 1 maart 1940 dient om de status-quo van voor de Duitse inval (mei 1940) vast te leggen. Het document illustreert de bureaucratische controle op de industrie: elk grammetje rubber moest verantwoord worden in registers. Het 'Gemeentelijk Materialenbureau' fungeerde hierbij als lokale uitvoeringsinstantie voor het landelijke 'Rijksbureau voor Rubber'. De vermelding van "oorlogs- of vitale bedrijven" wijst op de focus van de economie op de oorlogvoering en de instandhouding van de basisinfrastructuur.

Samenvatting

Dit document bevat instructies over de distributie en het onderhoud van schaarse materialen (rubber en balata) tijdens de bezettingsjaren in Nederland. De kernpunten zijn:
* Herstelverbod: Het is in principe verboden om deze materialen te repareren zonder vergunning.
* Uitzonderingen: Erkende fabrikanten of bedrijven die al vóór de oorlog (referentiedatum 1 maart 1940) zelf reparaties uitvoerden, krijgen dispensatie, mits zij een 'reparatieregister' bijhouden.
* Aanschaf: Nieuwe riemen moeten via een formele weg (formulier 506) aangevraagd worden bij de Arbeidsinspectie en het Materialenbureau.
* Prioriteit: 'Oorlogs- of vitale bedrijven' krijgen voorrang en een kortere procedure bij de aanvraag van nieuwe goederen.
* Noodprocedure: Bij uiterste nood mag direct bij de leverancier besteld worden, mits dit direct gemeld wordt aan het Rijksbureau.

Historische Context

Tijdens de Tweede Wereldoorlog kampte bezet Nederland met enorme tekorten aan grondstoffen zoals rubber, omdat de aanvoer uit de koloniën (Nederlands-Indië) was afgesneden. De bezetter en de Nederlandse overheidsapparaten stelden 'Rijksbureaus' in om de distributie van deze schaarse middelen strak te reguleren.

De referentie naar 1 maart 1940 dient om de status-quo van voor de Duitse inval (mei 1940) vast te leggen. Het document illustreert de bureaucratische controle op de industrie: elk grammetje rubber moest verantwoord worden in registers. Het 'Gemeentelijk Materialenbureau' fungeerde hierbij als lokale uitvoeringsinstantie voor het landelijke 'Rijksbureau voor Rubber'. De vermelding van "oorlogs- of vitale bedrijven" wijst op de focus van de economie op de oorlogvoering en de instandhouding van de basisinfrastructuur.

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6