Getypte brief of ambtelijk schrijven (doorslag/kopie).
Origineel
Getypte brief of ambtelijk schrijven (doorslag/kopie). Niet expliciet vermeld op dit blad, maar historisch te plaatsen in de periode 1930-1945 (gezien de ambtstermijn van Van Kuffeler en de status van de polderplannen). Het Hoofd van den Dienst der Zuiderzeewerken (w.g. Van Kuffeler). thans verder in onderdeelen voortgezet, in verband waarmede ook belangry-
ke onderzoekingen zyn opgedragen aan het Waterbouwkundig Laboratorium te
Delft. Ook hetgeen met betrekking tot de Oranjesluizen zal moeten geschie-
den is daarby betrokken. Zoodra het onderzoek tot resultaten zal hebben ge-
leid, zal ik deze desgewenscht gaarne ter beschikking van Uw commissie
stellen, die dan door de beschikking over ruimere gegevens wellicht in
staat zal zyn haar taak vollediger te kunnen volbrengen. Hoewel het uiter-
aard niet myn bedoeling is my met de werkwyze van de commissie in te laten,
ryst by my de vraag, of er voor de commissie wellicht aanleiding zal zyn,
haar beoordeeling op te schorten, totdat zy over de hiervoor vermelde ge-
gevens zal kunnen beschikken.
Een aantal onderwerpen van het werkprogramma: no.2 verkeerswegen,
no.3 agrarische belangen, no.4 industrieele belangen, no.7 vlieghaven en
no.8 werkverschaffing zal de commissie voorloopig laten rusten, aangezien
hieromtrent vruchtdragend onderzoek eerst mogelyk zal zyn, wanneer de plan-
nen wat opzet en indeeling der polders betreft in een verder gevorderd
stadium zullen zyn.
Ik verklaar my gaarne bereid, zoodra de verdere studie van myn dienst
dit mogelyk maakt, desgewenscht de commissie ook omtrent deze punten inlich-
tingen te verschaffen. Ik moge er echter op wyzen, dat het desbetreffend
onderzoek veelomvattend en tydroovend is. Alvorens de inrichting van het
nieuw te maken poldergebied in studie te kunnen nemen, dient eerst de om-
vang van dit gebied vast te staan. Behoudens enkele punten van minder in-
grypenden aard is dit thans het geval.
Het nieuwe gebied is echter zoo omvangryk, dat ook daarna alvorens de
inrichting ervan ter hand te nemen, op de meest verschillende gebieden
ernstige studies vereischt zyn, ten einde straks nieuwe landstreken te kun-
nen vormen, welke zooveel mogelyk voor een lange toekomst zullen kunnen be-
vredigen. Aangezien het althans onder de huidige omstandigheden nog meer-
dere jaren zal duren, alvorens tot het droogmalen van het eerste gedeelte
van de zuidelyke polders zal kunnen worden overgegaan, is hiervoor nog een
geruime tyd beschikbaar, zoodat zonder overhaasting rustig de noodige stu-
dies gemaakt kunnen worden.
In bylage 2 zyn ten aanzien van punt 5 van het werkprogramma, natuur-
schoon, ontspanning en toerisme, eenig wenschen kenbaar gemaakt, in het
byzonder betreffende het uiterlyk aanzien der dyken en de gelegenheid voor
ontspanning en toerisme in het nieuwe gebied. By myn dienst wordt reeds
nagegaan, wat gedaan kan worden om het uiterlyk der dyken, in het byzonder
langs de randmeren, zooveel mogelyk bevorderlyk te doen zyn aan de schoon-
heid van deze wateren. Ook omtrent dit punt zal ik gaarne nader voeling
houden met Uw commissie.
Het belang van het toerisme en de ontspanning in het nieuwe gebied
begryp ik. Hetgeen in verband hiermede gedaan zal kunnen worden zal echter
eerst overwogen kunnen worden wanneer de verdere vormgeving van het nieuwe
poldergebied ter hand kan worden genomen.
Ten aanzien van het 6e onderwerp van het werkprogramma, de waterhuis-
houding, sprak de commissie tot myn genoegen het vertrouwen uit, dat de
grootte van het Ymeer voldoende zal zyn om hinderlyke verlaging van den
grondwaterspiegel in Amsterdam te voorkomen.
Aangezien de rapporten van de commissie voor my van veel belang zyn,
zal ik het op prys stellen ook van verdere resultaten van de studie der
commissie op de hoogte te worden gesteld.
HET HOOFD VAN DEN DIENST DER ZUIDERZEEWERKEN,
w.g. Van Kuffeler * Inhoud: De tekst is een formeel schrijven van de Dienst der Zuiderzeewerken aan een adviescommissie. De kern van het bericht is dat bepaalde beslissingen over de inrichting van de zuidelijke polders (zoals wegen, industrie en vlieghavens) moeten wachten op de resultaten van technisch onderzoek door het Waterbouwkundig Laboratorium in Delft.
* Kernpunten:
1. Waterbouwkunde: Onderzoek naar de Oranjesluizen en de waterhuishouding is cruciaal.
2. Stedelijke belangen: Men stelt vast dat het IJmeer groot genoeg moet blijven om de grondwaterstand van Amsterdam niet negatief te beïnvloeden (ter voorkoming van paalrot).
3. Esthetiek en Recreatie: Opvallend is de vroege aandacht voor "natuurschoon" en toerisme langs de dijken en randmeren, wat aangeeft dat de polders niet puur als landbouwgrond werden gezien.
4. Planning: Er wordt benadrukt dat het droogmalen van de zuidelijke polders nog jaren zal duren, wat ruimte geeft voor grondige studie.
* Stijl: Formeel-ambtelijk, adviserend en behoedzaam ("zonder overhaasting"). Dit document stamt uit de bloeitijd van de Zuiderzeewerken onder leiding van Victor Jean Pierre de Blocq van Kuffeler (directeur-generaal van 1929 tot 1945). De "zuidelyke polders" waarover gesproken wordt, betreffen de gebieden die we nu kennen als de Noordoostpolder (destijds in uitvoering of voorbereiding) en de Flevopolders (Oostelijk en Zuidelijk Flevoland).
De brief illustreert de complexiteit van de polderinrichting: het was niet slechts een kwestie van land winnen, maar een integrale ruimtelijke ordening waarbij rekening gehouden moest worden met de stabiliteit van de oude steden (Amsterdam), de opkomst van de luchtvaart ("vlieghaven"), en de behoefte van de moderne mens aan recreatie. De referentie naar het Waterbouwkundig Laboratorium te Delft onderstreept de wetenschappelijke aanpak die de Dienst der Zuiderzeewerken kenmerkte.