Archief 745
Inventaris 745-393
Pagina 406
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Extract (uittreksel) uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam.

23 januari 1942.

Origineel

Extract (uittreksel) uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam. 23 januari 1942. (Stempel linksboven in paars:) № 103 / 1 / 7 M. 1942 5/2 (Handgeschreven rechtsboven:) Markten 173

No.119 L.M.1942 Straf bezoeker van de Markten

(Handgeschreven in de linker marge:) Gezien [onleesbare paraaf]

E x t r a c t
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam
Vrijdag, 23 Januari 1942

Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam,
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst Marktwezen d.d. 7 Januari 1942, No.103/1/3 M;
Gelet op art. 39 van het Reglement op de Markten;
B e s l u i t :
met ingang van 20 Januari 1942, den termijn van veertien dagen, - gedurende welken de Directeur van het Marktwezen aan den marktkoopman J. van Delft 1e Jan Steenstraat 122 I het recht op een plaats op een der markten hier ter stede heeft ontnomen - voor den tijd van zes maanden te verlengen dus tot 20 Juli 1942, zulks wegens het op 2 Januari j.l. verstoren van de orde op de markt aan de Gaaspstraat.

Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks) en Sociale Zaken (2 stuks).
AW

Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,

(get.) J. F. FRANKEN Dit document is een officieel uittreksel van een burgemeestersbesluit betreffende de handhaving van de openbare orde op de Amsterdamse markten. De kern van het besluit is een zware sanctie tegen marktkoopman J. van Delft, woonachtig in de Pijp (1e Jan Steenstraat).

Een eerdere schorsing van twee weken, opgelegd door de directeur van het Marktwezen, wordt door de burgemeester verzwaard naar een uitsluiting van zes maanden. De aanleiding is een "verstoring van de orde" op de markt aan de Gaaspstraat op 2 januari 1942. Het document valt op door de ambtelijke precisie en de brede verspreiding naar verschillende gemeentelijke afdelingen, wat duidt op een strikte administratieve controle op marktkooplieden en de distributie van levensmiddelen in oorlogstijd. Het document dateert uit januari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Amsterdam stond op dat moment onder leiding van de door de bezetter aangestelde burgemeester Edward Voûte. De markt in de Gaaspstraat lag in de Rivierenbuurt, een wijk waar in deze periode veel Joodse Amsterdammers woonden.

In 1942 was de schaarste aan goederen groot en de distributie via markten stond onder enorme druk en streng toezicht. "Verstoring van de orde" kon in deze context variëren van zwarte handel en protest tegen distributieregels tot aanvaringen met controleurs of politie. De zwaarte van de straf (zes maanden brodeloosheid voor de koopman) weerspiegelt het beleid van de bezettingsautoriteiten en het collaborerende stadsbestuur om elk teken van sociale onrust of overtreding van marktregels genadeloos de kop in te drukken.

Samenvatting

Dit document is een officieel uittreksel van een burgemeestersbesluit betreffende de handhaving van de openbare orde op de Amsterdamse markten. De kern van het besluit is een zware sanctie tegen marktkoopman J. van Delft, woonachtig in de Pijp (1e Jan Steenstraat).

Een eerdere schorsing van twee weken, opgelegd door de directeur van het Marktwezen, wordt door de burgemeester verzwaard naar een uitsluiting van zes maanden. De aanleiding is een "verstoring van de orde" op de markt aan de Gaaspstraat op 2 januari 1942. Het document valt op door de ambtelijke precisie en de brede verspreiding naar verschillende gemeentelijke afdelingen, wat duidt op een strikte administratieve controle op marktkooplieden en de distributie van levensmiddelen in oorlogstijd.

Historische Context

Het document dateert uit januari 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. Amsterdam stond op dat moment onder leiding van de door de bezetter aangestelde burgemeester Edward Voûte. De markt in de Gaaspstraat lag in de Rivierenbuurt, een wijk waar in deze periode veel Joodse Amsterdammers woonden.

In 1942 was de schaarste aan goederen groot en de distributie via markten stond onder enorme druk en streng toezicht. "Verstoring van de orde" kon in deze context variëren van zwarte handel en protest tegen distributieregels tot aanvaringen met controleurs of politie. De zwaarte van de straf (zes maanden brodeloosheid voor de koopman) weerspiegelt het beleid van de bezettingsautoriteiten en het collaborerende stadsbestuur om elk teken van sociale onrust of overtreding van marktregels genadeloos de kop in te drukken.

Locaties

Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 4

Gerelateerde Documenten 6