Handgeschreven brief / verzoekschrift.
Origineel
Handgeschreven brief / verzoekschrift. 10 november 1942. M. Prins, woonachtig aan de N. Kerkhofstraat te Rotterdam. R’dam 10/11 - 42
Mijnheer!
Daar mijn bediende G. Simons
Langs Westkade 59 niet meer op de
markt kan staan verzoek ik U
beleefd deze plaats af te staan aan
mijn bediende T. Bont.
Mocht het een en ander niet in orde
zijn omtrent de persoon waarvoor
plaatsing gevraagd word, dan verzoek
ik U beleefd een voorlopig bewijs
te geven zodat hij spoedig mogelijk
op de markt wordt toegelaten.
Uw geerd schryven tegemoet ziend,
heb ik
Achtend
M. Prins N. Kerkhofstraat
R’dam De brief is een zakelijk verzoek met betrekking tot de bezetting van een standplaats op een Rotterdamse markt. De afzender, M. Prins, vraagt toestemming om een plek die vrijkomt door het vertrek van werknemer G. Simons over te dragen aan een nieuwe medewerker, T. Bont.
- Taalgebruik: Het document hanteert de voor die tijd gebruikelijke formele beleefdheidsvormen ("verzoek ik U beleefd", "Uw geerd schryven").
- Handschrift: Het betreft een vlot maar leesbaar handschrift in inkt. De schrijfwijze "geerd" (voor geëerd) en "schryven" is kenmerkend voor de periode. In regel 10 staat "word" waar we tegenwoordig "wordt" verwachten.
- Details: Er wordt specifiek gevraagd om een "voorlopig bewijs", wat erop wijst dat men direct aan de slag wilde gaan terwijl de officiële administratieve afhandeling nog liep. Het document stamt uit november 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de marktsector onderworpen aan strikte regelgeving en controle. Elke wijziging in personeel of standplaatshouder moest officieel worden goedgekeurd door de gemeentelijke autoriteiten. De Westkade en de Nieuwe Kerkhofstraat (waar de afzender waarschijnlijk woonde) waren bekende locaties in het Rotterdamse stadsbeeld van voor en tijdens de oorlog. De noodzaak voor een marktplaatsvergunning was in deze tijd van schaarste en distributie van groot economisch belang voor zowel de ondernemer als de bediende. G. Simons M. Prins N. Kerkhofstraat T. Bont Marktwezen
Samenvatting
De brief is een zakelijk verzoek met betrekking tot de bezetting van een standplaats op een Rotterdamse markt. De afzender, M. Prins, vraagt toestemming om een plek die vrijkomt door het vertrek van werknemer G. Simons over te dragen aan een nieuwe medewerker, T. Bont.
- Taalgebruik: Het document hanteert de voor die tijd gebruikelijke formele beleefdheidsvormen ("verzoek ik U beleefd", "Uw geerd schryven").
- Handschrift: Het betreft een vlot maar leesbaar handschrift in inkt. De schrijfwijze "geerd" (voor geëerd) en "schryven" is kenmerkend voor de periode. In regel 10 staat "word" waar we tegenwoordig "wordt" verwachten.
- Details: Er wordt specifiek gevraagd om een "voorlopig bewijs", wat erop wijst dat men direct aan de slag wilde gaan terwijl de officiële administratieve afhandeling nog liep.
Historische Context
Het document stamt uit november 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de marktsector onderworpen aan strikte regelgeving en controle. Elke wijziging in personeel of standplaatshouder moest officieel worden goedgekeurd door de gemeentelijke autoriteiten. De Westkade en de Nieuwe Kerkhofstraat (waar de afzender waarschijnlijk woonde) waren bekende locaties in het Rotterdamse stadsbeeld van voor en tijdens de oorlog. De noodzaak voor een marktplaatsvergunning was in deze tijd van schaarste en distributie van groot economisch belang voor zowel de ondernemer als de bediende.