Brief (klacht)
Origineel
Brief (klacht) 4 januari 1943 T. Straatsma, Hoogeweg 118, Amsterdam O. Directeur van het Marktwezen, Amsterdam W. [Linksboven]
T. Straatsma
Hoogeweg 118
Amsterdam O.
[Midden/Rechtsboven]
No. 2 c/3/1 M. 1943 7/7 [stempel]
Teethuis [handgeschreven]
Amsterdam, 4 Januari 1943
[Adres ontvanger]
den Heer Directeur van het
Marktwezen
A m s t e r d a m W
-----------------------
[Aanhef]
Weledelgeb. Heer,
[Body tekst]
Met dezen wilde ik, namens mijn vrouw mijn beklag
indienen betreffende de handelswijze van den Heer J.G.van Golstein,
groentehandelaar Hoogeweg 132 . Amsterdam (O) . Volgens dezen man,
kan hij nooit iets anders op den markt krijgen dan diverse koolsoor-
ten. Tot op heden hebben wij bijv. nog geen enkele maal spruitjes
bij hem kunnen koopen net zoo min als lof of iets dergelijks. Hij
beweert dergelijke groenten niet te kunnen koopen. Hoe komt het dan
dat andere zaken bij ons in de buurt dit wel kunnen en hij nooit.
Bij verscheidene clienten van hem is het vermoeden gekomen, dat hij
op de een of andere manier zich onderweg van den markt naar huis
van diverse groenten ontdoet, gezien de huichelachtige manier van
doen als z'n clienten naar iets vragen. Genoemde Heer heeft reeds
eenige bekeuringen gehad en nog doet hij volgens mij steeds weer
dingen die niet geoorloofd zijn.
Het volgende geval is mijn vrouw nu overkomen.
Donderdag 31 December '42 ging zij om 11 uur weer naar z'n winkel
want op dat uur begint hij met "den verkoop". Zij vraagt hem, hebt U
iets bijzonders vandaag, het antwoord is "niets" mijn vrouw vraagt, ook
geen spruitjes of iets dergelijks, het antwoord is "neen". Zooals zoo
vaak gaat mijn vrouw weer met niets naar huis, want savoyekool hebben
[Rechtsonder]
2 e * Inhoud: De brief is een formele klacht van een burger tegen een lokale groenteboer, J.G. van Golstein. De kern van de klacht is dat de winkelier beweert alleen koolsoorten te kunnen inkopen, terwijl concurrenten in de buurt wel luxere groenten zoals spruitjes en lof (witlof) aanbieden.
* Beschuldiging: De afzender spreekt de verdenking uit dat de groenteboer kwaliteitsgoederen achterhoudt of onderweg van de markt wegsluisst ("zich ontdoet"). De term "huichelachtig" duidt op een diep wantrouwen. Er wordt ook verwezen naar eerdere bekeuringen van de winkelier.
* Specifiek incident: Er wordt een concreet voorbeeld genoemd van 31 december 1942, waarbij de vrouw van de afzender bot vangt bij de opening van "den verkoop".
* Taalgebruik: Formeel en verontwaardigd ("Met dezen wilde ik... mijn beklag indienen"). De spelling is conform de toenmalige tijdgeest (bijv. "koopen", "dezen"). * Historische periode: Januari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog.
* Voedselschaarste en Distributie: In deze periode was er sprake van een streng distributiestelsel en toenemende schaarste. Groenten waren vaak op de bon of zeer beperkt beschikbaar. Het Marktwezen hield toezicht op de eerlijke verdeling en prijsvorming.
* Zwarte Handel: De beschuldiging dat een handelaar goederen "onderweg ontdoet" is een directe verwijzing naar de zwarte handel. Handelaren verkochten populaire producten vaak illegaal voor veel hogere prijzen aan geselecteerde kopers, in plaats van aan de reguliere klanten tegen de vastgestelde prijzen.
* Sociale Controle: Dergelijke brieven waren in de oorlogstijd schering en inslag. Burgers die zich benadeeld voelden door winkeliers, grepen de autoriteiten aan om hun recht te halen of uit pure frustratie over de dagelijkse overleving. Het feit dat de brief is voorzien van een officieel stempel en een paraaf van een bedrijfschef, toont aan dat de klacht serieus in behandeling is genomen door de gemeentelijke instanties. J.G. van Golstein T. Straatsma Marktwezen