Ambtsbericht / Inspectierapport (Afschrift).
Origineel
Ambtsbericht / Inspectierapport (Afschrift). 24 december 1943 (datum brief), betreffende controles in november 1943. Directeur van het Marktwezen (Amsterdam). Directeur van het Bedrijfsschap voor Groenten en Fruit. [Handgeschreven: Behoort bij brief 2c/78/4 M. d.d. 24 December 1943 aan den Heer Directeur van het Bedrijfsschap voor Groenten en Fruit van den Directeur van het Marktwezen.]
A F S C H R I J F T
RAPPORT [Handgeschreven handtekening: V.d.Hoek]
Naar aanleiding van bijgaand schrijven no.855 L.M. 1943 21/10, waarin geklaagd wordt over den groentehandelaar Brockhoff, Joh. Verhulststraat 33, alhier, heb ik, J.H. de Grebber, na daartoe bekomen opdracht, een nader onderzoek ingesteld.
De in dezen brief genoemde groentehandelaar is genaamd: Johannes Hendricus Brockhoff, geboren te Sloten, 12 Februari 1900, wonende Amstelveenscheweg 679 en zaakhoudende Joh. Verhulststraat 33, alhier.
Op 2, 3, 4, 5, 9, 10, 12, 15 en 16 November 1943, heb ik controle [Handgeschreven in de kantlijn: gecontroleerd over Brockhoff gehouden.] over Brockhoff gehouden. Op 2, 3, 4 en 5 November 1943 waren in den winkel aanwezig; andijvie, witte- en roode kool, uien, wortelen, chineesche kool, schorseneeren, soepgroenten. Deze groenten waren voor iederen klant verkrijgbaar. Niets was echter geprijsd. Op 5 November 1943 was er ook snijbiet voorraadig.
Eenige malen heb ik ook in den brief bedoelde garage een onderzoek ingesteld. In de Alexander Boerstraat no.14 alhier heeft Brockhoff een box voor het stallen van zijn vrachtauto in gebruik. Het is mij niet gebleken, dat daar groente of fruit opgeslagen ligt.
Op 5 November 1943, heb ik de briefschrijfster, Mevrouw Visser gehoord. Deze deelde mij mede, dat zij pas den laatsten tijd (October) ontevreden over Brockhoff was. Vooral over de toewijzing van fruit was zij niet tevreden. Verder gaf zij mij te kennen, dat zij er geen prijs meer op stelde, dat haar klacht verder onderzocht werd. Op de gezinskaart van Mevrouw Visser was in de periode van 3 - 30 October 1943 bijna geen aanteekening gemaakt.
Op denzelfden dag heb ik een onderzoek ingesteld in den winkel Joh. Verhulststraat 33, alhier. In den winkel trof ik een partij aardappelen, wortelen en uien aan.
In een kelder van perceel Jacob Obrechtstraat 42, alhier, trof ik een kist, inhoudende ongeveer 15 kg. appelen aan. Deze kelder heeft Brockhoff voor de helft in gebruik. Hoofdzakelijk voor berging van lege flesschen en pakpapier. De eigenaar van deze kelder, J. van Esveld, wonende Jacob Obrechtstraat 42, deelde mij mede, dat de appelen eigendom waren van Brockhoff. Uit de verklaringen van eenige buurtwoonsters bleek het mij, dat Brockhoff daar veel z.g. clandestiene appelen in voorraad had.
Brockhoff heeft volgens zijn klantenlijsten 270 klanten. Deze klanten hebben totaal 800 groentebonnen ingeleverd. Op deze groentebonnen heeft hij van het Plaatselijk Verdeelkantoor AMSTERDAM 6 colli groente/fruit toegewezen gekregen. Brockhoff deelde mij mede, dat de hierboven bedoelde appelen voor eigen gebruik waren. Dit lijkt mij, rapporteur zeer onwaarschijnlijk, daar zijn woning niet aan den winkel gelegen was.
Op 9 November jl. heeft Brockhoff 120 bloemkolen 2e soort afwijkend ontvangen. Deze bloemkolen heeft hij verdeeld over 20 klanten (nummers 201-220.). Ieder persoon heeft een bloemkool ontvangen. Een gezin bestaande uit 5 personen, heeft dus 5 bloemkolen ontvangen. Na een door mij gehouden controle, is mij gebleken, dat deze bloemkolen inderdaad zijn afgeleverd aan Mevrouw Ch. Colsen-Timmer, Joh. Verhulststraat 45 (Directrice van een tehuis voor achterlijke kinderen) tegen den rijs van 10 cent per stuk. Mevrouw Colsen-Timmer deelde mij desgevraagd mede, dat zij tevreden was over Brockhoff en dat hij altijd normale prijzen berekende.
Op 12 November jl. waren in den winkel aanwezig: Dit rapport documenteert een onderzoek naar de bedrijfsvoering van groenteboer J.H. Brockhoff tijdens de Duitse bezetting. De aanleiding was een klacht van een klant (Mevr. Visser) over de verdeling van fruit. De inspecteur (De Grebber) onderzoekt verschillende locaties: de winkel, een garage en een externe kelder.
De bevindingen zijn tweeledig:
1. Verdachte omstandigheden: In een kelder aan de Jacob Obrechtstraat wordt een kist appelen gevonden. Brockhoff claimt eigen gebruik, maar de inspecteur trekt dit in twijfel gezien de afstand tot zijn woning en geruchten over "clandestiene" (zwarte markt) voorraad. Ook ontbreken prijsaanduidingen in de winkel.
2. Legitieme handel: Bij een controle op de levering van bloemkool aan een zorginstelling (het tehuis van Mevr. Colsen-Timmer) blijkt Brockhoff zich juist keurig aan de regels en de normale prijzen te houden.
De toon van het rapport is zakelijk en observerend, waarbij de rapporteur een duidelijke scepsis toont ten aanzien van de verklaringen van de handelaar over de voorraad appelen. Het document stamt uit december 1943, een periode van extreme schaarste en strikte distributie in het bezette Nederland.
* Schaarste en distributie: Groenten en fruit waren op de bon. Winkeliers waren gebonden aan strikte toewijzingen via het "Plaatselijk Verdeelkantoor".
* Clandestiene handel: Door de tekorten ontstond een omvangrijke zwarte markt. Het bewaren van voorraden buiten de winkel (zoals in de kelder in de Jacob Obrechtstraat) was een typische methode om controles te omzeilen.
* Controleapparaat: De "Directeur van het Marktwezen" en het "Bedrijfsschap voor Groenten en Fruit" hielden streng toezicht op handelaren om prijsopdrijving en illegale handel tegen te gaan.
* Locatie: De genoemde straten (Joh. Verhulststraat, Alexander Boerstraat, Jacob Obrechtstraat) liggen in Amsterdam-Zuid, een wijk waar destijds veel van deze controles plaatsvonden. Colsen (Mevrouw) J. van Esveld J.H. Brockhoff J.H. de Grebber Visser gehoord (Mevrouw) Visser was (Mevrouw) Marktwezen