Ambtelijke conceptnotitie / adviesnota betreffende marktverordeningen.
Origineel
Ambtelijke conceptnotitie / adviesnota betreffende marktverordeningen. [Paginanummer:] 2
worden gelezen i.p.v. „kalenderweek
en of dag” — „volle kalendermaanden”.
In dit verband wordt ook verwezen
naar 3º, hieronder.
3º Het besluit van 23 Nov. 1934 Nº 848 G.M.
zou ik, wanneer het besluit, hierboven
onder 2º genoemd, wordt ingetrokken,
als volgt willen lezen:
„den directeur van het M.W. te
„machtigen aan dengene, die voor de
„vervulling van zijn mil. dienstplicht
„onder de wapenen is geroepen, vrij-
„stelling te verleenen van de betaling
„van markt- en standplaatsgeld over
„volle kalendermaanden, gedurende
„welke de markt- of standplaats
„om deze reden niet kan worden
„ingenomen en onder bepaling dat
„enz.”
[In de marge:]
Zal dan in bovenstaanden geest moeten worden aangevuld
Bij deze redactie wordt voorkomen,
dat voor gebroken maanden vrij-
stelling moet worden gegeven of zelfs
restitutie door omrekening moet worden
gegeven.
[Tussenregel:]
ook het Besluit van 13/12 1940 Nº 987 L.M. 1940 (tewerkstelling in Duitschland) ┴
4º Het besluit van 13 Dec. 1935 Nº 817 G.M.
is door een nieuw besluit van 21/3 1939
Nº 262 L.M. vervangen. Door een
fout onzerzijds is het verkeerde
besluit genoemd. Laatstgenoemd
besluit moet dus thans t.a.v.
markt- en standplaatshouders worden
ingetrokken.
Ik maak van deze gelegen-
heid gebruik om voor te stellen in het
Besluit van 21 Jan. 1938 Nº 768 L.M. v.z.
[doorgehaald: de heffing markten] Het document is een technisch-administratieve correctie op bestaande marktverordeningen. De kern van het betoog is het verfijnen van de terminologie om financiële onduidelijkheid te voorkomen.
- Terminologie: De auteur stelt voor om de term "kalenderweek en of dag" te vervangen door "volle kalendermaanden". Dit heeft een direct fiscaal doel: het voorkomen van administratieve rompslomp rondom "gebroken maanden" (pro rato verrekeningen) of het moeten terugbetalen (restitutie) van reeds voldane gelden voor delen van een maand.
- Bevoegdheid: De directeur van het 'M.W.' (vermoedelijk de Dienst Marktwezen) krijgt de machtiging om deze vrijstellingen te verlenen.
-
Correctie van fouten: In punt 4º geeft de schrijver expliciet toe dat er "door een fout onzerzijds" naar een verouderd besluit uit 1935 was verwezen, terwijl dit reeds in 1939 was vervangen. Dit document is historisch interessant omdat het de overgang markeert van de Nederlandse mobilisatie naar de vroege bezettingstijd:
-
Militaire Dienstplicht: De tekst refereert aan mannen die "onder de wapenen" zijn geroepen. Dit slaat op de Nederlandse mobilisatie van 1939-1940. Marktplatshouders die hun nering niet konden uitoefenen vanwege hun dienstplicht, kregen vrijstelling van stageld.
- Tewerkstelling in Duitsland: De handgeschreven tussenvoeging betreffende het besluit van 13 december 1940 (Nº 987 L.M.) breidt deze regeling uit naar personen die in Duitsland tewerkgesteld zijn (de vroege fase van de Arbeitseinsatz).
- Administratieve continuïteit: Het document toont aan dat de gemeentelijke bureaucratie in de eerste oorlogsmaanden gewoon doorliep, waarbij oude verordeningen (uit 1934 en 1935) werden aangepast aan de nieuwe realiteit van de oorlog en de bezetting.