Archief 745
Inventaris 745-400
Pagina 462
Dossier 39
Jaar 1943
Stadsarchief

Archiefdocument

10 April 1943

Origineel

10 April 1943 K.M.no. 141. Amsterdam, 10 April 1943.

Aan de ambtenaren, dienstdoende op de dag- en weekmarkten.

Bij Besluit van den Burgemeester zijn wijzigingen aangebracht in de Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden en in het Reglement op de Markten, die met ingang van 1 Mei 1943 van kracht worden.
De voornaamste wijzigingen zijn de volgende:
De kalenderweek-tarieven t.w. f.0,60, f.1,05 en f.1,35 komen te vervallen. Ingevoerd worden kalendermaand-tarieven van resp. f.2,60, f.4,55 en f.5,85. Vaste plaatshouders moeten het verschuldigde marktgeld betalen uiterlijk op den 8sten van de loopende kalendermaand. Indien de 8ste samenvalt met een Zondag of met een algemeen erkenden Christelijken feestdag moet de betaling geschieden uiterlijk op den daarop volgenden werkdag. De bepaling, dat een vaste plaats ingeval van wanbetaling wordt ingetrokken blijft bestaan, doch voortaan wordt onder wanbetaling verstaan: het niet voldoen van het verschuldigde marktgeld vóór den 9den van een kalendermaand (of vóór den 9den Januari resp. 9den Juli van het kalenderhalfjaar). Verder worden met ingang van 1 Mei 1943 alle besluiten betreffende de vrijstelling van betaling van markt- en standplaatsgelden ingetrokken, met uitzondering van die, welke betrekking hebben op tewerkstelling in Duitschland en het vervullen van den militairen dienstplicht. De vrijstellingen wegens tewerkstelling in Duitschland en het vervullen van den militairen dienstplicht zullen echter slechts worden verleend over volle kalendermaanden, waarin de plaats om deze redenen niet kon worden bezet. Ten aanzien van vaste plaatshouders en houders van voorkeurskaarten, die ondersteuning genieten van het Bureau voor Sociale Zaken en wien het deswege niet is toegestaan of onmogelijk is een plaats op de markt te bezetten, is bepaald, dat zij het recht op deze plaats verliezen.
De grootte der plaatsen op de Boom- en Bloenmarkt wordt door mij vastgesteld op drie meter. Op de Boom- en Bloemmarkt kan per vaste plaatshouder meer dan één plaats van drie meter als vaste plaats worden toegekend.

Administratieve uitvoering.
Voor de inning van marktgeld tegen het kalendermaandtarief zijn nieuwe kwitanties ontworpen, welker invulling geen nadere toelichting behoeft. Vanzelfsprekend wordt voor de dagmarkten en de Boom- en Bloemmarkt de tot nu toe gebruikte Contrôle-Weekstaten vervangen door Contrôle-Maandstaten.
Zoowel opvoering op als afvoering van de contrôle-maandstaat van vaste plaatsen geschiedt van 1 Mei 1943 af per den eersten van een kalendermaand. Aangezien krachtens de nieuwe bepalingen in het Reglement een vaste plaatshouder, die zijn marktgeld niet vóór den 9den van de maand (resp. halfjaar) heeft voldaan het recht op zijn plaats verliest, dient op den tienden van elke maand op een daartoe verstrekt formulier aan het Hoofdkantoor opgaaf te worden gedaan van de kooplieden, die in gebreke zijn gebleven om het marktgeld binnen den vastgestelden termijn te voldoen.
Van deze vaste plaatshouders kan het verschuldigde marktgeld na den 8sten gedurende de loopende maand nog op de gewone maandkwitanties worden geïnd; het is hun echter niet toegestaan gebruik te maken van hun vaste plaats. Indien zij alsnog een plaats wenschen in te nemen, dienen zij te worden beschouwd als losse plaatshouders, zoowel ten aanzien van de toewijzing van de plaats als van de betaling van het terzake verschuldigde marktgeld.
Aan het einde van iedere maand zal door het Hoofdkantoor een opgaaf worden verstrekt van vaste plaatshouders, die om voorafgaande en andere redenen van de contrôle-maandstaat moeten worden afgevoerd. Voor betalingen van afgevoerde kooplieden worden de gebruikelijke "oude schuld-kwitanties" afgegeven.
De tot en met 30 April 1943 volgens het weektarief verschuldigde (en op 1 Mei niet betaalde) marktgelden moeten eveneens uiterlijk op den 8sten Mei betaald zijn. Voor deze betalingen kan tot en met einde Mei * Kernboodschap: De Amsterdamse marktorganisatie stapt per 1 mei 1943 over van een wekelijks naar een maandelijks incassosysteem voor standplaatsgelden. Er worden strikte betalingstermijnen gesteld (vóór de 8ste van de maand).
* Bestuurlijke context: Het document is een instructie aan marktambtenaren om deze nieuwe verordening van de Burgemeester (destijds Edward Voûte, aangesteld tijdens de bezetting) uit te voeren.
* Handhaving: Wanbetaling heeft direct gevolg voor de status van de koopman; men verliest het recht op een 'vaste plaats' en degradeert naar de status van 'losse plaatshouder'.
* Oorlogsinvloed: De tekst bevat specifieke bepalingen over "tewerkstelling in Duitschland" (Arbeidseinsatz). Dit is een van de weinige geldige redenen voor vrijstelling van betaling, mits het om volledige kalendermaanden gaat.
* Sociale aspecten: Er is een harde lijn richting armlastigen; wie steun ontvangt van het Bureau voor Sociale Zaken en daardoor de markt niet kan bemannen, verliest zijn vaste plek. Dit document stamt uit het midden van de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse bureaucratie draaide onder de Duitse bezetting door, maar werd steeds strakker georganiseerd om grip te houden op de economie en de bevolking. De overgang van week- naar maandbetalingen kan worden gezien als een administratieve efficiëntieslag, maar ook als een manier om de kasstroom van de gemeente Amsterdam te stabiliseren.

De verwijzing naar tewerkstelling in Duitsland herinnert aan de gedwongen arbeid die vele Nederlandse mannen moesten verrichten voor de Duitse oorlogsindustrie. Dat hier specifiek rekening mee wordt gehouden in een marktverordening, toont aan hoe diep de oorlogsomstandigheden in het alledaagse leven van kleine zelfstandigen en kooplieden waren doorgedrongen. De term "Christelijken feestdag" duidt op de toen geldende culturele normen in de wetgeving, die ondanks de bezetting in de ambtelijke taal bleven voortbestaan.

Samenvatting

  • Kernboodschap: De Amsterdamse marktorganisatie stapt per 1 mei 1943 over van een wekelijks naar een maandelijks incassosysteem voor standplaatsgelden. Er worden strikte betalingstermijnen gesteld (vóór de 8ste van de maand).
  • Bestuurlijke context: Het document is een instructie aan marktambtenaren om deze nieuwe verordening van de Burgemeester (destijds Edward Voûte, aangesteld tijdens de bezetting) uit te voeren.
  • Handhaving: Wanbetaling heeft direct gevolg voor de status van de koopman; men verliest het recht op een 'vaste plaats' en degradeert naar de status van 'losse plaatshouder'.
  • Oorlogsinvloed: De tekst bevat specifieke bepalingen over "tewerkstelling in Duitschland" (Arbeidseinsatz). Dit is een van de weinige geldige redenen voor vrijstelling van betaling, mits het om volledige kalendermaanden gaat.
  • Sociale aspecten: Er is een harde lijn richting armlastigen; wie steun ontvangt van het Bureau voor Sociale Zaken en daardoor de markt niet kan bemannen, verliest zijn vaste plek.

Historische Context

Dit document stamt uit het midden van de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandse bureaucratie draaide onder de Duitse bezetting door, maar werd steeds strakker georganiseerd om grip te houden op de economie en de bevolking. De overgang van week- naar maandbetalingen kan worden gezien als een administratieve efficiëntieslag, maar ook als een manier om de kasstroom van de gemeente Amsterdam te stabiliseren.

De verwijzing naar tewerkstelling in Duitsland herinnert aan de gedwongen arbeid die vele Nederlandse mannen moesten verrichten voor de Duitse oorlogsindustrie. Dat hier specifiek rekening mee wordt gehouden in een marktverordening, toont aan hoe diep de oorlogsomstandigheden in het alledaagse leven van kleine zelfstandigen en kooplieden waren doorgedrongen. De term "Christelijken feestdag" duidt op de toen geldende culturele normen in de wetgeving, die ondanks de bezetting in de ambtelijke taal bleven voortbestaan.

Kooplieden in dit dossier 100

M. Aronson Uilenburg E2/234 C.M.
L. Barmhartigheid Uilenburg 1/206 gedetineerd. niet bij S.Z.
J. Beekman Uilenburg 1/242 onbekend. "
M. Bergman Uilenburg 2/80
J. Premsela Uilenburg 2/104 beweert dat verg. bij m.w. is. "
G. Blog Uilenburg 2/200 "
L. de Maghtige Uilenburg 26/238 S.Z.
B. Boeken Uilenburg 3/18 C.M.
H. Boeken Uilenburg 3/19
A. Canes Uilenburg 5/15 C.M.
D. Cohen Uilenburg 5/61 C.M.
S. Cohen Uilenburg E2/127 C.M.
J. Crost Uilenburg 5/126 C.M.
W. Dagloonder Uilenburg 1/280 S.Z. C.M.
W. Dreese Uilenburg 20/271 B.S. "
A. Duits Uilenburg 6/107
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Rapenb. str: 46 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Nieuwmarkt Nw Batavierstr. 13 I
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Hofmeijerstr: 9 hs
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Ruijschstraat 65 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Camperstr. 42 II
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Blasiusstr. 117 hs
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Vrolikstraat 130 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Dan: Theronstr: 26 hs
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Retiefstraat 66 II
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Tilanusstr: 83 III
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Ferd: Bolstr: 48.
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein Retiefstraat 99 II
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3