Getypt verslag of notulen van een vergadering, waarschijnlijk van een overheidsinstantie of distributie-orgaan.
Origineel
Getypt verslag of notulen van een vergadering, waarschijnlijk van een overheidsinstantie of distributie-orgaan. Niet expliciet op deze pagina, maar de context suggereert de periode van de Tweede Wereldoorlog (vanwege de term 'verdeeling' en 'kwantums'). -3-
de moeilijkheden. Spreker stelt de vraag of de Nederlandsche Visscherijcentrale bereid is om buiten de verdeeling om extra kwantums visch naar Amsterdam te sturen, welke wekelijks onder de bovengenoemde personeelen zal worden verdeeld.
De heer Haasnoot deelt mede, dat hij er op zichzelf niet op tegen heeft, dat visch onder het personeel wordt verdeeld. Het is echter niet mogelijk om dit te doen van een extra toewijzing, die aan Amsterdam zou moeten worden gegeven; en die buiten de verdeeling om aan het personeel ten goede zou komen; hierdoor zou de verdeeling in het land worden geschaand. Er is echter geen enkel bezwaar om deze visch te nemen van de voor de verdeeling aangevoerde visch. De Nederlandsche Visscherijcentrale is bereid dan aan de verdeeling per week een hooger kwantum visch te sturen. Men kan hierbij eenige kleinhandelaren b.v. Mooyer (Puul) en de Fa. Busman, die beiden winkels in Amsterdam exploiteeren, inschakelen. De visch wordt dan vanuit deze winkels van den kleinhandelaar geleverd. Spreker acht het aanbevelenswaardig om niet meer dan éénmaal per week visch beschikbaar te stellen en niet meer dan 2 pond per gezin.
2A. De Volendammer-regeling voor het a.s. aalseizoen.
De heer Van Meurs geeft een overzicht van de regeling, zooals deze in het afgeloopen seizoen heeft gewerkt. Hoewel niet gezegd kan worden, dat Amsterdam volgens de gegevens uit Volendam te weinig aal zou hebben ontvangen, moet toch opgemerkt worden, dat de regeling in haar geheel niet bevredigend heeft gewerkt, doordat de Volendammers het grootste gedeelte van hun toewijzingen lieten rooken. Door deze wijze van handelen was het praktisch niet mogelijk vast te stellen hoeveel aal in verschen toestand dan wel gerookt in Amsterdam werd aangevoerd. Bovendien mankeerde er nog wel een en ander aan de controle. Het ligt evenwel in de bedoeling, om hierin verbetering te brengen. Een maatregel om aan den zooeven geschetsten toestand een einde te maken zou hierin gelegen kunnen zijn om de Volendammers voor te schrijven, dat zij drie toewijzingen in levenden toestand naar Amsterdam moeten brengen en dat zij de vierde toewijzing mogen laten rooken. Deze aangelegenheid is met De tekst beschrijft twee logistieke en distributieve kwesties met betrekking tot de visvoorraad in Amsterdam:
1. Personeelsvoorziening: Er is een verzoek om extra vis buiten de reguliere rantsoenering om voor personeel. De heer Haasnoot (waarschijnlijk een functionaris van de Visscherijcentrale) wijst een 'extra' toewijzing af om de landelijke balans niet te verstoren, maar stelt voor om de reguliere wekelijkse quota te verhogen. Hij noemt specifieke Amsterdamse vishandels (Mooyer en Busman) voor de uitvoering en stelt een limiet voor van 2 pond per gezin per week.
2. Aalregeling (Eel Regulation): De heer Van Meurs evalueert de aanvoer van aal uit Volendam. Het probleem was dat vissers de aal zelf rookten, waardoor de controle op de werkelijke hoeveelheden vers versus gerookt verloren ging. Het voorstel is om een quotum in te voeren waarbij 75% (3 van de 4 leveringen) levend moet worden aangevoerd voor een betere controle. Dit document stamt zeer waarschijnlijk uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens deze jaren was er sprake van een strikt distributiesysteem (de 'verdeeling') beheerd door rijksbureaus. De "Nederlandsche Visscherijcentrale" speelde een centrale rol in het reguleren van de vangst en distributie om de voedselvoorziening te garanderen. Volendam was een cruciale leverancier van aal voor Amsterdam, maar de neiging van vissers om aal te rooken (wat de houdbaarheid en waarde verhoogde, maar de centrale controle bemoeilijkte) was een bekend knelpunt voor de autoriteiten in die tijd. Haasnoot (De heer) Van Meurs (De heer)