Archiefdocument
Origineel
-3-
Spreker deelt mede, dat er 85 straathandelaren een dub-
bele toewijzing ontvangen en 38 winkeliers, dat is bij
elkaar 123, terwijl er 226 handelaren een enkele toe-
wijzing ontvangen. Indien men nu alle handelaren een-
zelfde toewijzing geeft, beteekent dit in de practijk,
dat men de moeilijkheden verplaatst. Het is toch lo-
gisch, dat dan de groep, die 35 % van het totaal aantal
handelaren omvat, die al een dubbele toewijzing heeft,
met de actie gaat beginnen. Het is daarom voor den Wet-
houder en den Burgemeester zeer moeilijk om plotseling
een nieuwe richting in te slaan. Niemand kan immers den
Wethouder de garantie geven, dat hij, wanneer hij dezen
maatregel neemt, van de moeilijkheden af is. Het zal
zeer moeilijk zijn om de winkeliers en de straathande-
laren gelijk te stellen. De straathandel heeft vaak
vroeger wel veel meer visch verkocht dan de winkelstand,
doch daar staat tegenover, dat deze laatsten op veel
hoogere lasten zitten. Spreker wijst er ten slotte op,
dat de aalverdeeling reeds ongeveer gelijk is. Het is
namelijk zoo, dat de handelaren, die een dubbele toewij-
zing ontvangen, geen gerookte aal erbij ontvangen, ter-
wijl de straathandelaren, die een enkele toewijzing ont-
vangen, als tegemoetkoming er een toewijzing gerookte
dunne aal bij hebben gekregen, hetgeen neerkomt op een
belangrijke vermindering in verschil tusschen een enkele
en dubbele toewijzing.
De Heer Sixma memoreert, dat er aanvankelijk stemmen waren opgegaan,
dus vóórdat tot de verdeeling was overgegaan, om voor
alle handelaren gelijke toewijzingen te stellen. Dit
standpunt is echter spoedig verlaten, omdat de bona-fide
handelaren hiertegen ernstig bezwaar maakten. Is de toe-
stand op het oogenblik nu nog wel zoo, dat er groote
verschillen tusschen de categorieen onderling bestaan?
De Heer Lammers deelt mede, dat hij het standpunt van den heer Van Meurs
op hoogen prijs stelt. Vanzelfsprekend is het voor de
bona-fide handelaren zeer moeilijk om op het standpunt
van gelijke verdeeling voor iedereen te gaan staan. De
Commissieleden weten, dat zij de vischverdeeling hebben
moeten opbouwen zonder een enkel feitelijk gegeven, doch
geconstateerd moet worden, dat deze verdeeling zoo eer-
lijk mogelijk heeft plaatsgehad en dat de toewijzingen
zijn gegeven zonder aanzien van de politieke kleur van
den handelaar. Doch juist de politiek van enkele klein-
handelaren maakt het ons thans onmogelijk om op deze
wijze door te gaan. Het is eenvoudig niet te beschrijven
op welke wijze de Commissieleden en de ambtenaren van het
Marktwezen door deze handelaren worden bejegend en ge-
qualificeerd. Spreker is het volkomen eens met den heer
Van Meurs, dat de kans bestaat, dat de handelaren, die
thans een dubbele toewijzing ontvangen, in het geweer
zullen komen. Vast staat echter, dat de Commissie iets
moet doen om de onrust op de Vischmarkt weg te wisschen.
Verder moet geconstateerd worden, dat de verdeeling,
zooals deze thans is, wellicht eerlijker is, dan wanneer
deze zou zijn geschied aan de hand van de omzetcijfers. Dit document verslaat een administratief-politiek debat over de distributie van schaarse goederen (vis en aal) in een stedelijke context. De kern van het conflict ligt in de spanning tussen een egalitaire verdeling (iedereen hetzelfde) en een historische of op kosten gebaseerde verdeling (onderscheid tussen winkeliers met hoge lasten en straathandelaren).
Opvallende elementen in de tekst:
* Rechtvaardigheid versus Gelijkheid: Er wordt beargumenteerd dat een 'gelijke' toewijzing niet noodzakelijkerwijs 'eerlijk' is vanwege de verschillende bedrijfsvoeringen.
* Politieke Gevoeligheid: De mentionering van de "politieke kleur" van handelaren en de bejegening van ambtenaren wijst op een gespannen maatschappelijke sfeer waarin economische toewijzingen politiek beladen waren.
* Gebrek aan Data: De commissie moest de verdeling opstellen "zonder een enkel feitelijk gegeven", wat duidt op een heropbouw- of crisissituatie waarbij administratieve archieven ontbraken of niet langer relevant waren. Op basis van de spelling en de thematiek van "toewijzingen" bevindt dit document zich zeer waarschijnlijk in de periode van de wederopbouw in Nederland (ca. 1945-1950). Na de Tweede Wereldoorlog bleven veel goederen nog jarenlang 'op de bon' of onderworpen aan strikte distributieregels door de overheid om zwarte handel te voorkomen en eerlijke consumptie te waarborgen.
De genoemde "Vischmarkt", "Wethouder", "Burgemeester" en het "Marktwezen" duiden op een gemeentelijke context, mogelijk in een stad met een belangrijke visserijtraditie of centrale vismarkt zoals Amsterdam of Rotterdam. De discussie weerspiegelt de moeizame transitie van een door de overheid gestuurde distributie-economie naar een vrije markt, waarbij oude rechten en nieuwe behoeftes met elkaar botsten. Marktwezen