Handgeschreven verslag of notitie, waarschijnlijk van een vergadering of hoorzitting.
Origineel
Handgeschreven verslag of notitie, waarschijnlijk van een vergadering of hoorzitting. hij stellig, evenals zoo
vele anderen, in de in-
deeling opgenomen geworden.
Lammers wijst erop, dat momenteel
de Erkenningscommissies
in den lande, en ook in
A’dam, aan het werk zijn.
Marinus zal stellig niet
als kleinhandelaar worden
erkend, omdat hij niet kan
aantoonen, dat hij in de jaren
1938 – 1940 in den klein-
handel werkzaam was.
Hij zal worden verwezen
naar den Vakgroep Tusschenhan-
delaren. Lam. onderstreept
meervoudig — Grootjes. Echter
zullen al deze thans bijgevallen
bij de op handen zijnde
erkenning niet worden erkend
en worden uitgesloten.
Marinus verlaat verg. De tekst beschrijft de bureaucratische afhandeling van een beroepserkenning. Een persoon genaamd Marinus (waarschijnlijk een handelaar) wordt getoetst door een 'Erkenningscommissie'. Omdat hij niet kan bewijzen dat hij in de jaren 1938-1940 (de referentieperiode vlak voor en aan het begin van de Tweede Wereldoorlog) werkzaam was in de kleinhandel, wordt zijn erkenning als zodanig geweigerd. In plaats daarvan wordt hij verwezen naar de 'Vakgroep Tusschenhandelaren' (tussenpersonen/groothandel).
Een persoon genaamd Lammers (in de tekst en kantlijn vermeld) merkt op dat de regels streng zijn: degenen die 'thans bijgevallen' zijn (recent in deze categorieën zijn geplaatst of zich hebben aangemeld) zullen bij de definitieve erkenning waarschijnlijk alsnog worden uitgesloten. De notitie sluit af met de constatering dat Marinus de vergadering ('verg.') verlaat. Dit document is typerend voor de naoorlogse economische herordening en de uitvoering van de Vestigingswetten in Nederland. Na de Tweede Wereldoorlog moesten ondernemers hun vakbekwaamheid en rechtschapenheid aantonen om hun bedrijf te mogen voortzetten of opnieuw te starten. De periode 1938-1940 fungeerde hierbij als ijkpunt voor een legitieme beroepsuitoefening. De genoemde 'Vakgroepen' waren onderdeel van de Publiekrechtelijke Bedrijfsorganisatie (PBO), die tot doel had de verschillende economische sectoren te reguleren en te saneren na de chaos van de bezettingsjaren. Vakgroep
Samenvatting
De tekst beschrijft de bureaucratische afhandeling van een beroepserkenning. Een persoon genaamd Marinus (waarschijnlijk een handelaar) wordt getoetst door een 'Erkenningscommissie'. Omdat hij niet kan bewijzen dat hij in de jaren 1938-1940 (de referentieperiode vlak voor en aan het begin van de Tweede Wereldoorlog) werkzaam was in de kleinhandel, wordt zijn erkenning als zodanig geweigerd. In plaats daarvan wordt hij verwezen naar de 'Vakgroep Tusschenhandelaren' (tussenpersonen/groothandel).
Een persoon genaamd Lammers (in de tekst en kantlijn vermeld) merkt op dat de regels streng zijn: degenen die 'thans bijgevallen' zijn (recent in deze categorieën zijn geplaatst of zich hebben aangemeld) zullen bij de definitieve erkenning waarschijnlijk alsnog worden uitgesloten. De notitie sluit af met de constatering dat Marinus de vergadering ('verg.') verlaat.
Historische Context
Dit document is typerend voor de naoorlogse economische herordening en de uitvoering van de Vestigingswetten in Nederland. Na de Tweede Wereldoorlog moesten ondernemers hun vakbekwaamheid en rechtschapenheid aantonen om hun bedrijf te mogen voortzetten of opnieuw te starten. De periode 1938-1940 fungeerde hierbij als ijkpunt voor een legitieme beroepsuitoefening. De genoemde 'Vakgroepen' waren onderdeel van de Publiekrechtelijke Bedrijfsorganisatie (PBO), die tot doel had de verschillende economische sectoren te reguleren en te saneren na de chaos van de bezettingsjaren.