Administratieve aantekeningen op gelinieerd papier.
Origineel
Administratieve aantekeningen op gelinieerd papier. J. J. H. Haagedoorn
winkel v. Limburg St. str.
grotere toewijzing
~~afwijzen~~
geen recht
H. J. Looijen. stpl.
komt niet meer toe dan
20.
Weser : comp. v. Böhme
~~afwijzen~~ behandelen
bij H. Böhne
~~afwijzen~~
S. Canes
heeft nimmer aal aan
publiek verkocht. Heeft
echter toewijzingskaart
va com.
Komt geen aal toe.
Is geen aalkoopman. Het document bevat korte, zakelijke beslissingen over vier verschillende personen of zaken:
- J. J. H. Haagedoorn: Gevestigd in de Van Limburg Stirumstraat. De aanvraag voor een "grotere toewijzing" wordt uiteindelijk afgewezen omdat de aanvrager er "geen recht" op heeft (het woord 'afwijzen' is eerst genoteerd en later bekrachtigd door de reden).
- H. J. Looijen: Mogelijk een standplaatshouder (stpl.). Hier is een limiet vastgesteld: hij krijgt niet meer dan 20 (eenheid onbekend, mogelijk kilo's of stuks).
- Weser / Böhme: Een dossier dat aanvankelijk gemarkeerd was als 'afwijzen', maar is gewijzigd naar 'behandelen'. Dit dient te gebeuren via of bij H. Böhne.
- S. Canes: De meest uitgebreide notitie. Deze persoon bezit weliswaar een toewijzingskaart van de commissie (va com.), maar de controleur stelt vast dat Canes nooit paling aan het publiek heeft verkocht en dus geen legitieme "aalkoopman" is. De conclusie is strikt: "Komt geen aal toe." Dit document lijkt afkomstig uit de periode van de Nederlandse distributie of wederopbouw (vermoedelijk jaren '40 of vroege jaren '50). In deze tijd was de handel in schaarse goederen, zoals vis (aal/paling), strikt gereguleerd door overheidsinstanties of brancheorganisaties.
De notities zijn kenmerkend voor een controleur of secretaris van een toewijzingscommissie die nagaat of handelaren daadwerkelijk voldoen aan de criteria voor een quotum. De vermelding van de Van Limburg Stirumstraat suggereert een stedelijke context, mogelijk Amsterdam, waar deze straat een bekende winkelstraat is. De tekst illustreert de bureaucratische controle op de handel en de strijd tegen oneigenlijk gebruik van toewijzingsbewijzen.
Samenvatting
Het document bevat korte, zakelijke beslissingen over vier verschillende personen of zaken:
- J. J. H. Haagedoorn: Gevestigd in de Van Limburg Stirumstraat. De aanvraag voor een "grotere toewijzing" wordt uiteindelijk afgewezen omdat de aanvrager er "geen recht" op heeft (het woord 'afwijzen' is eerst genoteerd en later bekrachtigd door de reden).
- H. J. Looijen: Mogelijk een standplaatshouder (stpl.). Hier is een limiet vastgesteld: hij krijgt niet meer dan 20 (eenheid onbekend, mogelijk kilo's of stuks).
- Weser / Böhme: Een dossier dat aanvankelijk gemarkeerd was als 'afwijzen', maar is gewijzigd naar 'behandelen'. Dit dient te gebeuren via of bij H. Böhne.
- S. Canes: De meest uitgebreide notitie. Deze persoon bezit weliswaar een toewijzingskaart van de commissie (va com.), maar de controleur stelt vast dat Canes nooit paling aan het publiek heeft verkocht en dus geen legitieme "aalkoopman" is. De conclusie is strikt: "Komt geen aal toe."
Historische Context
Dit document lijkt afkomstig uit de periode van de Nederlandse distributie of wederopbouw (vermoedelijk jaren '40 of vroege jaren '50). In deze tijd was de handel in schaarse goederen, zoals vis (aal/paling), strikt gereguleerd door overheidsinstanties of brancheorganisaties.
De notities zijn kenmerkend voor een controleur of secretaris van een toewijzingscommissie die nagaat of handelaren daadwerkelijk voldoen aan de criteria voor een quotum. De vermelding van de Van Limburg Stirumstraat suggereert een stedelijke context, mogelijk Amsterdam, waar deze straat een bekende winkelstraat is. De tekst illustreert de bureaucratische controle op de handel en de strijd tegen oneigenlijk gebruik van toewijzingsbewijzen.