Archiefdocument
Origineel
Vermoedelijk vroege jaren '40 (Tweede Wereldoorlog), gezien de vermelding van de Nederlandsche Visscherijcentrale (opgericht in 1941). (Links bovenin: 5x wit /)
Concept Reglement op de verdeeling van visch in den gemeentelijken afslag te Amsterdam.
Uitgevaardigd door de Nederlandsche Visscherijcentrale en ter uitvoering opgedragen aan den Directeur van het Marktwezen te Amsterdam.
- De op den afslag aangevoerde aal en snoekbaars wordt aldaar (door den dienst van) het Marktwezen volgens door de Centrale gegeven aanwijzingen onder de daarvoor in aanmerking komende kleinhandelaren verdeeld. De kleinhandelaren zijn verplicht zich aan deze verdeeling te onderwerpen.
- De verdeeling geschiedt uitsluitend tegen contante betaling via de kassen van den gemeentelijken afslag.
- Aanvoerders, die verplicht zijn hun de hun toegewezen aal en snoekbaars aan den gem. afslag te leveren en die buiten de verdeeling om, deze vischsoorten afleveren aan koopers van den afslag, worden door de Centrale voor bepaalden tijd van verdere levering uitgesloten.
- De Volendammer venters vallen niet onder de A'damsche verdeelingsregeling, doch worden rechtstreeks in Volendam van aal en snoekbaars voorzien. Eveneens vallen buiten de verdeeling, die winkeliers en andere kleinhandelaren, die op aanwijzing van de V. C. op andere wijze hun aal en snoekbaars krijgen toegewezen.
- De onder de Amsterdamsche verdeeling vallende kleinhandelaren zullen de hun op deze verdeeling toegewezen aal en snoekbaars niet aan derden mogen overdoen, doch deze visch persoonlijk en zelfstandig aan het A'damsche publiek te koop aanbieden.
- Kleinhandelaren, die aal op de A'damsche verdeeling krijgen toegewezen, mogen deze, voor zoover zij niet zelf uitsluitend het beroep van rooker uitoefenen, een vooraf aangegeven deel der toegewezen aal doen rooken of zelf rooken; een en ander volgens aanwijzing van de Centrale. De overige, door aan hen toegewezen versche aal moeten zij recht- [einde pagina] Dit document is een concept voor een reglement dat de distributie van specifieke vissoorten (aal/paling en snoekbaars) in Amsterdam moet reguleren. Het is opgesteld in een periode van schaarste, waarbij de overheid (via de Nederlandsche Visscherijcentrale) strikte controle uitoefende op de voedselvoorziening.
Kernpunten uit het reglement:
* Centrale aansturing: Het Marktwezen van Amsterdam voert de distributie uit, maar de richtlijnen komen van de "Centrale".
* Verplichting: Kleinhandelaren zijn verplicht deel te nemen aan dit systeem.
* Sancties: Artikel 3 stelt straffen (uitsluiting) voor aanvoerders die buiten het officiële kanaal om verkopen (de zogenaamde "grijze" of zwarte markt).
* Directe verkoop: Kleinhandelaren mogen hun toegewezen partijen niet doorverkopen aan andere handelaren; zij moeten de vis direct aan de consument ("het A'damsche publiek") aanbieden.
* Uitzonderingsposities: Er wordt een specifieke regeling genoemd voor Volendammer venters en erkende palingrokers. Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) werd in 1941 door de bezetter in het leven geroepen als onderdeel van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd.
Tijdens de oorlogsjaren was er een chronisch tekort aan dierlijke eiwitten. Vis was een belangrijk volksvoedsel, maar de vangst was beperkt door mijnengevaar en de inbeslagname van schepen. Om te voorkomen dat vis alleen voor de hoogste bieder (de zwarte markt) beschikbaar zou zijn, werd een strikt distributiesysteem opgezet. Dit reglement toont de bureaucratische uitwerking hiervan op lokaal niveau in Amsterdam. Het feit dat het een "Concept" is met veel handgeschreven correcties, suggereert dat dit een werkdocument is van een ambtenaar of bestuurder die de regels aan het verfijnen was. Marktwezen Rijksbureau