Getypt rapport (proces-verbaal melding).
Origineel
Getypt rapport (proces-verbaal melding). 18 november 1944. R A P P O R T.
OP 18 November 1944 ± 7.45 uur bevond ik mij op de Centrale Markt en controleerde aldaar loods 4.
In deze loods trof ik aan Gerrit v.Klaveren, geboren 16 October 1927, Rijnsburg wonende Noordwijkerweg no. 11 van beroep groentenkoopman, Johannes van der Spijk, geboren 1 October 1907 Rijnsburg, wonende Oestgeesterweg no. 44 Rijnsburg van beroep landarbeider en Adrianus den Heyer, geboren 6 September 1928 te Leiden, wonende Valkenburgerweg no.8 Rijnsburg, welke personen onder meer de groenten aldaar in de loods hadden opgeslagen.
G.van Klaveren 50 kisten andijvie 10 kg
A.den Heyer A.z. 76 " " 10 "
44 " " 8 "
32 " waspeen 20 "
16 " prei 20 "
J.v.d.Spijk 24 " waspeen
15 " andijvie
5 " radijs
10 " selderie
terwijl er nog 200 bosjes selderie en 10 peterselie aanwezig waren van P.Nieuwboer, die spoorloos verdwenen was.
Allen verklaarden mij, dat zij deze groenten zelf teelden en op de markt ten verkoop hadden aangevoerd met de schuit Voorne & Putten schipper Van Noort.
De marktkaart van v.d. Spijk en v.Klaveren heb ik hierbij gevoegd van den Heyer heb ik niet hierbij daar deze de kaart niet bij zich had.
Ik heb bovenstaande personen proces-verbaal aangezegd.
Amsterdam, 18 November 1944
De Controleur,
w.g. H.Burg. Dit rapport is een ambtelijk verslag van een inspectie op de Centrale Markt in Amsterdam. De controleur, H. Burg, stelt vast dat drie mannen uit de omgeving van Rijnsburg grote hoeveelheden groenten (andijvie, waspeen, prei, radijs en selderie) hebben opgeslagen in een loods. Een vierde persoon, P. Nieuwboer, is bij de controle gevlucht ("spoorloos verdwenen").
De mannen beweren de producten zelf te hebben geteeld en per schuit ("Voorne & Putten") te hebben aangevoerd. De controleur neemt de marktkaarten van twee van hen in en zegt alle betrokkenen een proces-verbaal aan. Dit duidt op een overtreding van de destijds geldende distributie- of handelsregels. Het document dateert van november 1944, midden in de Hongerwinter in het bezette Nederland. Tijdens deze periode was de voedselvoorziening uiterst precair en stond de handel onder strikt toezicht van de Duitse bezetter en de Nederlandse crisisorganisaties.
De Centrale Markt in Amsterdam was het knooppunt voor voedseldistributie. Handelswaar mocht vaak alleen via officiële kanalen en tegen vastgestelde prijzen worden verkocht. Het feit dat een van de eigenaren vluchtte en dat er proces-verbaal werd opgemaakt, suggereert dat er sprake was van illegale handel of "zwarte" voorraad die buiten de officiële distributie om werd aangeboden. Rijnsburg was (en is) een belangrijk centrum voor tuinbouw, van waaruit veel groenten naar de hoofdstad werden getransporteerd, dikwijls over water zoals hier vermeld met de schuit.