Ambtsverslag/Rapport van controleurs.
Origineel
Ambtsverslag/Rapport van controleurs. [Bovenaan gestempeld en geschreven:]
No 2/C/91/13 M.1944 2/11
Dir.
Rapport.
Op Vrijdag 24 November 1944 bevonden wij, J.P.W. Boon en C. Veerman ons op controle in de stad. In de Spiegelgracht, nabij de Lijnbaansgracht, zagen wij de ons bekende Schuit „Veldvrucht II” Schipper J. Kant liggen. Kant verklaarde ons in opdracht van fossiele [sic, bedoeld wordt vermoedelijk: de heren] Dijkstra en Wagenaar voor het personeel van het Rijksmuseum te hebben gelost o.a. 3 ton uien, 3 ton peën, 3 ton bieten, 3 ton Gele kool, 3 ton rode kool en 500 kg groene kool. Totaal 15 1/2 ton. Gezien wij geen gehoor kregen bij het Rijksmuseum, hebben wij den Heer Dijkstra ~~laten~~ opbellen, die verklaarde dat deze zaak geheel in orde was.
Zij nog vermeld, dat Schipper Kant ons heeft medegedeeld, dat hij eerst bij Dijkstra op de Centrale Markt een gedeelte van zijn lading had gelost.
Den Heer Inspecteur van het Marktwezen.
Amsterdam 27 Nov 1944
Controleurs
(w.g.) J.P.W. Boon.
C. Veerman.
[Linksonder in de marge geschreven:]
Serie
27-11-44
de Heer [onleesbaar]
opl.
8-12-44 [in rood]
[Rechtsonder naderhand bijgeschreven hand]:
Hr Dijkstra (Gron.) verklaarde mij telefonisch, dat de in dit rapport vermelde hoeveelheden en soorten groente met toestemming van den leider der A.V.S. voor Noord-Holland, den heer Wagenvoort, voor het personeel van het Rijksmuseum zijn afgeleverd. [geparafeerd] Dit rapport is opgesteld door twee controleurs van de gemeente Amsterdam (waarschijnlijk van de Dienst van het Marktwezen) tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van de zaak is de ontdekking van een aanzienlijke lading groenten (ruim 15.000 kilo) die wordt gelost aan de Spiegelgracht. In de context van de extreme voedselschaarste eind 1944 was een dergelijke hoeveelheid zeer verdacht en kon dit duiden op zwarte handel of illegale bevoorrading.
De controleurs doen hun plicht door de herkomst te verifiëren. De schipper geeft aan dat de lading bestemd is voor het personeel van het Rijksmuseum. Na verificatie bij de heer Dijkstra (die verbonden was aan de voedselvoorziening) en de leider van de A.V.S. (Aan- en Verkoopbureau van Akkerbouwproducten), blijkt dat de levering officieel was goedgekeurd. Het Rijksmuseum probeerde, zoals veel grote instanties in die tijd, buiten de reguliere bonnenomloop om voedsel voor zijn werknemers te regelen om hen voor de hongerdood te behoeden. Het document dateert van november 1944, het begin van de Hongerwinter in het nog bezette West-Nederland. Na de spoorwegstaking van september 1944 blokkeerden de Duitse bezetters voedseltransporten naar het westen, wat in combinatie met een vroege en strenge winter leidde tot catastrofale tekorten.
In deze periode was de officiële voedseldistributie vrijwel ingestort; de rantsoenen waren volstrekt onvoldoende om te overleven. Grote instellingen zoals het Rijksmuseum probeerden via officiële of semi-officiële weg 'eigen' voedselvoorraden aan te leggen voor hun personeel. De Spiegelgracht ligt direct achter het Rijksmuseum, wat verklaart waarom de schuit daar lag om te lossen. De betrokkenheid van de A.V.S. (een crisisorganisatie voor de landbouw) toont aan dat dit een gereguleerde uitzondering was op de normale distributieregels, waarschijnlijk bedoeld om de bedrijfsvoering van het nationale museum (en de bescherming van de kunstschatten in de bunkers) te waarborgen.