Archief 745
Inventaris 745-421
Pagina 192
Dossier 2C
Jaar 1944
Stadsarchief

Officieel proces-verbaal/verslag van de ambtenaar van het Marktwezen.

21 november 1944.

Origineel

Officieel proces-verbaal/verslag van de ambtenaar van het Marktwezen. 21 november 1944. J. van der Spijk handelde voor eigen rekening; zijn tuin is
150 roe groot. Hij verklaarde te weten, dat hij op deze manier
niet mag handelen, maar dat de prijzen op de veiling zoo hoog
waren, dat hij op deze manier tracht wat te verdienen. Hij ver-
kocht de andijvie voor f.1,-- - f.1,50 per kist. Gebr. Van der
Valk wisten, dat hij de loods gebruikte en dat de groente zwart
werd verhandeld. Hij verklaarde voorts, dat Van Soest, kleinhande
laar, de sleutel van deze loods had en wist welk gebruik er van
gemaakt werd. Als vracht betaalde hij f.0,50 per kist.

Verdachten zijn met deze overtreding in kennis gesteld en proces-
verbaal aangezegd. Naamsopgaven en verdere gegevens zijn conform
persoonsbewijs.

De groente heb ik inbeslaggenomen en gedeponeerd bij den Gemeen-
telijken Gevolmachtigde voor Grossierszaken in Groente en Fruit,
Jac. Broerse, gevestigd op de Centrale Markt te Amsterdam.

En ik heb hiervan op ambtseed dit proces-verbaal opgemaakt
en geteekend te Amsterdam, den een en twintigsten November 1900
vier en veertig.

De Ambtenaar van het
Marktwezen voornoemd,

(N. van Burg).

De netto-opbrengst ten bedrage van f.267,15 is overgemaakt aan
den Provincialen Voedselcommissaris voor Noord-Holland, Kerk-
plein 13 te Alkmaar.

Arie den Heyer, geboren 26 Juni 1896 te Rijnsburg, van beroep
groentehandelaar, wonende te Oegstgeest, Valkenburgerweg 8.

Bovengenoemde, vader van den verdachte Adrianus den Heyer, ver-
klaarde mij, dat hem bekend was, dat zijn zoon deze handeling
bedreef. Hij verklaarde, dat hij zelf niet van huis ging, omdat
hij geen vrouw had en omdat de prijzen zoo hoog waren, heeft hij
zijn groente op deze manier aan de markt gebracht. Hij ver-
klaarde voorts, dat hem bekend was, dat de groente op deze
manier niet verkocht mocht worden en dat zijn zoon de groente
niet voor zwarte prijzen mocht verkoopen, wel voor grossiers-
prijs. Hij wist, dat zijn zoon meerdere malen naar de markt
was geweest met de groente, omdat hij wegens ziekte voor zich-
zelf niet in staat was om zelf naar de markt te komen. Hem was
bekend, dat zijn zoon niet mocht handelen en hem was niet be-
kend de prijzen voor de vracht, die werden betaald aan den
schipper Van Noort. De groenten, die aan de markt aangevoerd
zijn, zijn door hem zelf geteeld, ondanks het feit, dat hij
niet in het bezit was van een teeltvergunning.

De Ambtenaar van het
Marktwezen,

(N. van Burg). Het document is een verslag van economische handhaving tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het beschrijft twee zaken van illegale handel in groenten (met name andijvie):

  1. De zaak Van der Spijk: Deze tuinder verkocht buiten de officiële veiling om groenten vanuit een gehuurde loods. Hij gaf als reden de hoge veilingkosten en de noodzaak om iets te verdienen. Er is sprake van medeplichtigheid door de eigenaren van de loods (Gebr. Van der Valk) en een afnemende kleinhandelaar (Van Soest). De opbrengst van de inbeslaggenomen waar ging naar de Voedselcommissaris.
  2. De zaak Den Heyer: Hier bekent een vader (Arie) dat zijn zoon (Adrianus) groenten illegaal naar de markt bracht. Opvallend is dat Arie aangeeft dat hij zelf de groenten teelde zonder de vereiste teeltvergunning en dat hij door ziekte en persoonlijke omstandigheden zijn zoon de handel liet drijven.

De taal is formeel-ambtelijk ("ambtseed", "inbeslaggenomen", "geprocedeerd") en bevat specifieke details zoals de grootte van de tuin in "roe" (een oude vlaktemaat). Dit document stamt uit november 1944, midden in de Hongerwinter. Tijdens de Duitse bezetting was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiesysteem. Boeren en tuinders waren verplicht hun producten via officiële veilingen tegen vastgestelde prijzen te verkopen om de rantsoenering in stand te houden.

Vanwege de extreme schaarste en de lage officiële vergoedingen ontstond er een enorme zwarte markt. Veel producenten probeerden hun waren "buitenom" te verkopen voor hogere prijzen (zwarte prijzen) om te overleven. De "Ambtenaar van het Marktwezen" en de "Provinciale Voedselcommissaris" hadden de taak deze illegale stromen te stoppen en het voedsel centraal te herverdelen. De vermelding van het "persoonsbewijs" onderstreept de strenge controle door de bezetter en de collaborerende administratie in die periode.

Samenvatting

Het document is een verslag van economische handhaving tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het beschrijft twee zaken van illegale handel in groenten (met name andijvie):

  1. De zaak Van der Spijk: Deze tuinder verkocht buiten de officiële veiling om groenten vanuit een gehuurde loods. Hij gaf als reden de hoge veilingkosten en de noodzaak om iets te verdienen. Er is sprake van medeplichtigheid door de eigenaren van de loods (Gebr. Van der Valk) en een afnemende kleinhandelaar (Van Soest). De opbrengst van de inbeslaggenomen waar ging naar de Voedselcommissaris.
  2. De zaak Den Heyer: Hier bekent een vader (Arie) dat zijn zoon (Adrianus) groenten illegaal naar de markt bracht. Opvallend is dat Arie aangeeft dat hij zelf de groenten teelde zonder de vereiste teeltvergunning en dat hij door ziekte en persoonlijke omstandigheden zijn zoon de handel liet drijven.

De taal is formeel-ambtelijk ("ambtseed", "inbeslaggenomen", "geprocedeerd") en bevat specifieke details zoals de grootte van de tuin in "roe" (een oude vlaktemaat).

Historische Context

Dit document stamt uit november 1944, midden in de Hongerwinter. Tijdens de Duitse bezetting was de voedselvoorziening strikt gereguleerd via een distributiesysteem. Boeren en tuinders waren verplicht hun producten via officiële veilingen tegen vastgestelde prijzen te verkopen om de rantsoenering in stand te houden.

Vanwege de extreme schaarste en de lage officiële vergoedingen ontstond er een enorme zwarte markt. Veel producenten probeerden hun waren "buitenom" te verkopen voor hogere prijzen (zwarte prijzen) om te overleven. De "Ambtenaar van het Marktwezen" en de "Provinciale Voedselcommissaris" hadden de taak deze illegale stromen te stoppen en het voedsel centraal te herverdelen. De vermelding van het "persoonsbewijs" onderstreept de strenge controle door de bezetter en de collaborerende administratie in die periode.

Locaties

Amsterdam (betreffende handel uit o.a. Rijnsburg/Oegstgeest).

Kooplieden in dit dossier 84

Aal en paling Waterlooplein 39.174
Aal en paling Waterlooplein 1.025
Aal en paling Waterlooplein 39174
Aal en paling Waterlooplein 39.174
Aal en paling Waterlooplein 39.174
Aal en paling Waterlooplein 352.317
Aantal auto's (mosselen) Waterlooplein ---
Aantal vaartuigen Waterlooplein 77
Aantal wagons (mosselen) Waterlooplein ---
Aardap.: Waterlooplein [h:] 198.575.000
Aardap.: Waterlooplein 216.830.830
A.Z. 10 "
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein " 550.-
Bessen (kruis) Waterlooplein -
Bessen (kruis) Waterlooplein -
Bessen (roode & witte) Waterlooplein -
Bessen (roode, witte) Waterlooplein -
Bieten (gekookt) Waterlooplein -
Bieten (rauw) Waterlooplein 19.800
H. Bokking Waterlooplein 267½
Boom- en bloemmarkt Waterlooplein 5,–
Boom- en bloemmarkt Waterlooplein
Boom- en bloemmarkt Waterlooplein 1.175,50
Boonen Waterlooplein 103.300
Div. soorten zee- en zoetwatervisch Waterlooplein 99152
Alle 84 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6