Archiefdocument
Origineel
Woensdag 27 december 1944. Nº 2/91/45 M. 1944 $^{20}/_{n}$
Rapport
Op. Woensdag 27 Dec. 1944 hebben ondergeteekenden,
J.P.N. Boom en C. Vreeman zich ingevolge Uw opdracht
begeven naar de Jacob Catskade, alwaar zich een
schip met aardappelen zou bevinden. Hiervan zouden
aardappelen aan diverse particulieren zijn afgegeven.
Wij troffen aldaar in de Kostverlorenvaart van het Wes-
telijk Entrepot een schip geladen met aardappelen, genaamd
"Jawi", groot 225 ton. De schipper genaamd A. Hesseling.
verklaarde het volgende: "In opdracht van de Duitsche
Weermacht heb ik te Groningen 170 ton aardappelen geladen.
De plaats van bestemming is Zwammerdam. Hedenmiddag
laat had ik mijn schip gemeerd aan de Jacob Catskade, omdat
ik de bruggen, die ik in de stad moet passeeren niet vóór 5 uur
kunnen worden opengedraaid. Op de wal verzamelden zich
veel menschen, die om wat aardappelen vroegen. Vanzelf-
sprekend kan en mag ik hieraan niet voldoen. Velen sprongen
toen aan boord en hebben de luiken gelicht en ongevraagd.
aardappelen genomen. Aangezien ik niet in staat was
deze menschen van het schip te verwijderen, heeft de politie
~~de~~ schoon schip gemaakt en de verdere bewaking op zich Dit rapport beschrijft een incident met een aardappelschuit in Amsterdam. De rapporteurs onderzoeken een melding van illegale distributie van aardappelen aan particulieren. Ter plaatse blijkt dat het schip de "Jawi" een lading van 170 ton aardappelen vervoert in opdracht van de Duitse Weermacht. De schipper verklaart dat hij wegens gesloten bruggen gedwongen was aan te meren, waarna een hongerige menigte probeerde de lading te plunderen door de luiken te lichten. De politie greep in om het schip te ontruimen en de bewaking van de Duitse voorraden over te nemen. Het taalgebruik is zakelijk-ambtelijk, maar de onderliggende spanning tussen de nood van de bevolking en de militaire belangen van de bezetter is duidelijk voelbaar. Het document is opgesteld op 27 december 1944, tijdens de Hongerwinter. In deze periode was er in West-Nederland een catastrofaal tekort aan voedsel en brandstof. De bezetter hield echter streng toezicht op strategische voorraden, zoals dit transport van Groningen naar Zwammerdam. De Jacob Catskade in Amsterdam-West was (en is) een locatie aan de Kostverlorenvaart, een cruciale vaarverbinding. Het incident illustreert de wanhopige acties van de Amsterdamse bevolking om aan eten te komen en de rol van de Nederlandse politie, die in opdracht van de bezetter de orde moest handhaven, zelfs als dit betekende dat zij voedsel moesten beschermen tegen hun eigen hongerende stadgenoten. A. Hesseling C. Vreeman J.P.N. Boom Politie
Samenvatting
Dit rapport beschrijft een incident met een aardappelschuit in Amsterdam. De rapporteurs onderzoeken een melding van illegale distributie van aardappelen aan particulieren. Ter plaatse blijkt dat het schip de "Jawi" een lading van 170 ton aardappelen vervoert in opdracht van de Duitse Weermacht. De schipper verklaart dat hij wegens gesloten bruggen gedwongen was aan te meren, waarna een hongerige menigte probeerde de lading te plunderen door de luiken te lichten. De politie greep in om het schip te ontruimen en de bewaking van de Duitse voorraden over te nemen. Het taalgebruik is zakelijk-ambtelijk, maar de onderliggende spanning tussen de nood van de bevolking en de militaire belangen van de bezetter is duidelijk voelbaar.
Historische Context
Het document is opgesteld op 27 december 1944, tijdens de Hongerwinter. In deze periode was er in West-Nederland een catastrofaal tekort aan voedsel en brandstof. De bezetter hield echter streng toezicht op strategische voorraden, zoals dit transport van Groningen naar Zwammerdam. De Jacob Catskade in Amsterdam-West was (en is) een locatie aan de Kostverlorenvaart, een cruciale vaarverbinding. Het incident illustreert de wanhopige acties van de Amsterdamse bevolking om aan eten te komen en de rol van de Nederlandse politie, die in opdracht van de bezetter de orde moest handhaven, zelfs als dit betekende dat zij voedsel moesten beschermen tegen hun eigen hongerende stadgenoten.