Ambtelijke notitie / intern memorandum.
Origineel
Ambtelijke notitie / intern memorandum. afd. Alg. Zaken
Stadhuis
Zooals reeds tel. aan
Mijnheer Domp[...] werd
medegedeeld is op 6-1-’44
het ijzeren hek toegang gevende
tot pier Q v/d E.M. aldaar
aanrijding ernstig beschadigd.
Die aanrijding geschiedde
door een konvooi v/d Ned.
Spoorwegen.
Daar het terrein gelegen achter
dit hek bij de Duitsche
Weermacht in gebruik is,
moest direct opdracht
worden gegeven aan Publ. Werken
tot tijdelijke voorziening en
definitieve reparatie. (bon MW 1498)
Bij monde v/d hfd opzichter
v/d Weg der N.S. de Hr Lagarde
werd toezegging gedaan dat
de rep. kosten bij de N.S.
gedeclareerd konden worden.
Het werk is inmiddels gereed
gekomen.
[paraaf]
1-3-’44 Dit document is een verslag van een schadegeval en de daaropvolgende afhandeling tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Op 6 januari 1944 is een ijzeren toegangshek bij een pier zwaar beschadigd door een konvooi van de Nederlandse Spoorwegen (N.S.).
Opvallend is de prioriteit die aan de reparatie wordt gegeven: omdat het achterliggende terrein door de Duitsche Weermacht werd gebruikt, kon men niet wachten met herstel. De afdeling Publieke Werken kreeg direct de opdracht voor zowel een noodvoorziening als een definitieve reparatie. Er is een mondelinge overeenkomst met een hoofdopzichter van de N.S. (de heer Lagarde) dat de kosten op de spoorwegen verhaald kunnen worden. De notitie dient als dossierstuk om te bevestigen dat de werkzaamheden op 1 maart 1944 zijn afgerond en de financiële afwikkeling kan volgen. De tekst illustreert de dagelijkse gang van zaken in een bezet Nederland, waarbij civiele instanties (gemeente, spoorwegen) nauw moesten samenwerken of direct moesten handelen wanneer belangen van de Duitse bezetter in het geding waren. Schade aan infrastructuur die door de Weermacht werd gebruikt (zoals havens en spoorwegen), had de hoogste prioriteit om de logistiek van de bezetter niet te hinderen.
De afkorting "E.M." in relatie tot een havengebied en een pier verwijst vaak naar een specifiek overslagbedrijf. De genoemde "Hr Lagarde" van de N.S. is een historisch traceerbare functionaris binnen de toenmalige structuur van de spoorwegen. Het document geeft een inkijkje in de bureaucratische nauwkeurigheid die zelfs in oorlogstijd werd gehandhaafd voor schadeclaims tussen semi-overheidsinstellingen. N.S. de Hr Publieke Werken Stadhuis
Samenvatting
Dit document is een verslag van een schadegeval en de daaropvolgende afhandeling tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Op 6 januari 1944 is een ijzeren toegangshek bij een pier zwaar beschadigd door een konvooi van de Nederlandse Spoorwegen (N.S.).
Opvallend is de prioriteit die aan de reparatie wordt gegeven: omdat het achterliggende terrein door de Duitsche Weermacht werd gebruikt, kon men niet wachten met herstel. De afdeling Publieke Werken kreeg direct de opdracht voor zowel een noodvoorziening als een definitieve reparatie. Er is een mondelinge overeenkomst met een hoofdopzichter van de N.S. (de heer Lagarde) dat de kosten op de spoorwegen verhaald kunnen worden. De notitie dient als dossierstuk om te bevestigen dat de werkzaamheden op 1 maart 1944 zijn afgerond en de financiële afwikkeling kan volgen.
Historische Context
De tekst illustreert de dagelijkse gang van zaken in een bezet Nederland, waarbij civiele instanties (gemeente, spoorwegen) nauw moesten samenwerken of direct moesten handelen wanneer belangen van de Duitse bezetter in het geding waren. Schade aan infrastructuur die door de Weermacht werd gebruikt (zoals havens en spoorwegen), had de hoogste prioriteit om de logistiek van de bezetter niet te hinderen.
De afkorting "E.M." in relatie tot een havengebied en een pier verwijst vaak naar een specifiek overslagbedrijf. De genoemde "Hr Lagarde" van de N.S. is een historisch traceerbare functionaris binnen de toenmalige structuur van de spoorwegen. Het document geeft een inkijkje in de bureaucratische nauwkeurigheid die zelfs in oorlogstijd werd gehandhaafd voor schadeclaims tussen semi-overheidsinstellingen.