Archief 745
Inventaris 745-421
Pagina 421
Dossier 2A
Jaar 1944
Stadsarchief

Pagina uit een ambtelijk jaarverslag (waarschijnlijk van de gemeente Amsterdam).

Origineel

Pagina uit een ambtelijk jaarverslag (waarschijnlijk van de gemeente Amsterdam). -4-

Opbrengst :
1942 1943
Pakhuizen A, B, C, D en E
Pakhuizen in de hal f. 135.866,73 f. 125.231,96
Pakhuizen aardappelen
Kantoren " 8.761,87 " 11.596,34
Plaatsen in de Hal
Plaatsen bloemen " 21.191,23 " 18.078,40
Plaatsen buiten de Hal
Kadegelden " 13.210,20 " 16.271,34
Opbrengst toegangskaarten " 30.528,50 " 28.745,81

BRANDSTOFFENMARKT.

Met ingang van 6 Juni zijn de Spijkerhaven en het Buiksloter-hamkanaal, met ingang van 1 October het water van den Amstel (Westzijde) tegenover de Waverstraat over een lengte van 30 meter aangewezen als tijdelijke hulpmarkt van de brandstoffenmarkt.

De bestaande tijdelijke hulpmarkten zijn voor ten hoogste één jaar verlengd.

De opbrengst aan marktgeld bedroeg f. 20.469,41 (vorig jaar f. 18.948,71).

In het verslagjaar is aan de brandstoffenmarkt ligplaats ingenomen: per kalenderweek door 6083 schuiten(v.j. 4213) met een totalen inhoud van 327.290 ton(v.j. 227.710 ton) van 1.000 kg. laadvermogen; per kalendermaand door 55 schuiten(v.j. 51) met een totalen inhoud van 3485 ton(v.j. 3.464 ton) van 1.000 kg. laadvermogen; per kalenderjaar door 218 schuiten(v.j. 237) met een totalen inhoud van 11.971 ton(v.j. 13.218 ton) van 1.000 kg. laadvermogen.

VISCHMARKT.

De totale opbrengst der in het verslagjaar voor den afslag aangevoerde en dus van gemeentewege verkochte visch bedroeg f. 1.752.499,07 (v.j. f. 1.168.514,33).

Aan heffingen op den verkoop van visch is ontvangen f. 35.154,67 (v.j. f. 27.758,38).

Aan entreegelden is ontvangen f. 626,50 (v.j. f. 919,-).

Het systeem voor de verdeeling van visch aan den afslag en de distributie onder de consumenten, zooals omschreven in het verslag van den dienst over 1942, bleef gedurende het verslagjaar in principe ongewijzigd gehandhaafd. De bestaande contrôle-voorschriften werden uitgebreid en nieuwe werden ingesteld; maatregelen werden getroffen ten aanzien van het vormen van rijen door het publiek op de verkoopplaatsen aan de dagmarkten, teneinde de verkoop vlotter te doen plaats vinden.

Het door de Nederlandsche Visscherij Centrale uitgevaardigde 2e Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941 werd ingetrokken; daarvoor in de plaats kwam het 17e Uitvoeringsbesluit van het Visscherijbesluit 1941, dat thans voor alle grote steden, waarvoor een verdeelingsregeling is getroffen, zal gelden. Dit document is een statistisch en administratief overzicht van marktactiviteiten in een grote Nederlandse stad, zeer waarschijnlijk Amsterdam (gezien de locaties Spijkerhaven, Buiksloterham en Waverstraat). Het vergelijkt de resultaten van 1943 met die van 1942 ("v.j." oftewel vorig jaar).

Enkele kernpunten uit de data:
* Financiën: De totale omzet van de visafslag steeg aanzienlijk van circa 1,17 miljoen naar 1,75 miljoen gulden. De inkomsten uit pakhuizen daalden echter licht.
* Logistiek: Er is een opvallende toename in het aantal schuiten en het tonnage (per week) voor de brandstoffenmarkt, wat wijst op een intensiever gebruik van waterwegen voor het transport van noodzakelijke goederen.
* Regulering: De tekst getuigt van een strikt gereguleerde markt. Er wordt gesproken over "distributie onder consumenten", "contrôle-voorschriften" en centrale aansturing door de "Nederlandsche Visscherij Centrale".
* Openbare orde: De vermelding van maatregelen tegen het "vormen van rijen" door het publiek suggereert schaarste en een noodzaak om de verkoop in goede banen te leiden. Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1943 was de Nederlandse economie volledig omgeschakeld naar een distributie- en schaarste-economie.

De toename in brandstoffentransport via schuiten is te verklaren door het tekort aan brandstof voor vrachtwagens en de strategische waarde van kolen en turf in de wintermaanden. De strikte regulering van de vismarkt door de Nederlandsche Visscherij Centrale (opgericht in 1941) was een direct gevolg van de Duitse controle over de voedselvoorziening; vis was een van de wegelijke overgebleven eiwitbronnen, maar een groot deel van de vangst werd ook naar Duitsland uitgevoerd of was onderworpen aan strikte rantsoenering. De bureaucratische taal verhult de dagelijkse realiteit van tekorten en de moeizame zoektocht van de bevolking naar basisbehoeften.

Samenvatting

Dit document is een statistisch en administratief overzicht van marktactiviteiten in een grote Nederlandse stad, zeer waarschijnlijk Amsterdam (gezien de locaties Spijkerhaven, Buiksloterham en Waverstraat). Het vergelijkt de resultaten van 1943 met die van 1942 ("v.j." oftewel vorig jaar).

Enkele kernpunten uit de data:
* Financiën: De totale omzet van de visafslag steeg aanzienlijk van circa 1,17 miljoen naar 1,75 miljoen gulden. De inkomsten uit pakhuizen daalden echter licht.
* Logistiek: Er is een opvallende toename in het aantal schuiten en het tonnage (per week) voor de brandstoffenmarkt, wat wijst op een intensiever gebruik van waterwegen voor het transport van noodzakelijke goederen.
* Regulering: De tekst getuigt van een strikt gereguleerde markt. Er wordt gesproken over "distributie onder consumenten", "contrôle-voorschriften" en centrale aansturing door de "Nederlandsche Visscherij Centrale".
* Openbare orde: De vermelding van maatregelen tegen het "vormen van rijen" door het publiek suggereert schaarste en een noodzaak om de verkoop in goede banen te leiden.

Historische Context

Het document dateert uit de periode van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1943 was de Nederlandse economie volledig omgeschakeld naar een distributie- en schaarste-economie.

De toename in brandstoffentransport via schuiten is te verklaren door het tekort aan brandstof voor vrachtwagens en de strategische waarde van kolen en turf in de wintermaanden. De strikte regulering van de vismarkt door de Nederlandsche Visscherij Centrale (opgericht in 1941) was een direct gevolg van de Duitse controle over de voedselvoorziening; vis was een van de wegelijke overgebleven eiwitbronnen, maar een groot deel van de vangst werd ook naar Duitsland uitgevoerd of was onderworpen aan strikte rantsoenering. De bureaucratische taal verhult de dagelijkse realiteit van tekorten en de moeizame zoektocht van de bevolking naar basisbehoeften.

Kooplieden in dit dossier 84

Aal en paling Waterlooplein 39.174
Aal en paling Waterlooplein 1.025
Aal en paling Waterlooplein 39174
Aal en paling Waterlooplein 39.174
Aal en paling Waterlooplein 39.174
Aal en paling Waterlooplein 352.317
Aantal auto's (mosselen) Waterlooplein ---
Aantal vaartuigen Waterlooplein 77
Aantal wagons (mosselen) Waterlooplein ---
Aardap.: Waterlooplein [h:] 198.575.000
Aardap.: Waterlooplein 216.830.830
A.Z. 10 "
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
A. Cuypstraat Waterlooplein 9.816
A. Cuypstraat Waterlooplein 10.593
geboren 29-10-1907 te Wijk aan Zee). Waterlooplein " 550.-
Bessen (kruis) Waterlooplein -
Bessen (kruis) Waterlooplein -
Bessen (roode & witte) Waterlooplein -
Bessen (roode, witte) Waterlooplein -
Bieten (gekookt) Waterlooplein -
Bieten (rauw) Waterlooplein 19.800
H. Bokking Waterlooplein 267½
Boom- en bloemmarkt Waterlooplein 5,–
Boom- en bloemmarkt Waterlooplein
Boom- en bloemmarkt Waterlooplein 1.175,50
Boonen Waterlooplein 103.300
Div. soorten zee- en zoetwatervisch Waterlooplein 99152
Alle 84 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 6