Archiefdocument
Origineel
7 Juli 1944. Directie van het Marktwezen, Amsterdam (Jan van Galenstraat 14). De firma Gebr. v.d. Mey, Centrale Markt no. D 5, Amsterdam-West. DIRECTIE VAN HET MARKTWEZEN
Amsterdam, 7 Juli 1944.
Jan van Galenstraat 14.
No. 37/70/la. M. SV Aan de fa. Gebr. v. d. Mey
Centrale Markt no. D 5 .....
AMSTERDAM-WEST.
===============
In bijlage dezes heb ik de eer U het geregistreerde huur-
contract betreffende een door U gehuurde pakhuisafdeeling op
de Centrale Markt te doen toekomen.
De ~~~[onleesbaar]~~~ maandelijks op den eersten verschijnende termijn van
de huur ten bedrage van f. ....50.-.... dient binnen ~~~twee~~~ ^zes^ dagen
na verschijnen te worden voldaan ten kantore van mijn dienst,
Jan van Galenstraat 14, of te worden overgeschreven op de re-
kening no 74 van de Centrale Markt bij het Gemeentelijk Giro-
kantoor.
Ik verzoek U beleefd rekening te houden met het feit, dat
ingevolge het bepaalde in artikel 1619 van het Burgerlijk
Wetboek reparatien, zooals van rolluiken, ruiten, sloten enz.
voor Uw rekening zijn.
Tevens breng ik, voor zoover noodig, in herinnering, dat
artikel 8 van het contract verbiedt om reclamemiddelen of aan-
kondigingen te Uwen behoeve of ten behoeve van derden aan of
op het gehuurde aan te brengen, zonder mijn schriftelijke
toestemming. U gelieve zich in alle gevallen, waarin U tot
het aanbrengen van eenig bord of andere aanduiding wenscht
over te gaan, vooraf met mij te verstaan.
De Directeur,
Marktw. / HK.
6-7-'44 HB
No. 288. * Administratieve nauwkeurigheid: Het document is een gestandaardiseerde brief waarbij specifieke gegevens (zoals de huurprijs van 50 gulden en de locatie D 5) met de typemachine zijn ingevuld op de stippellijnen.
* Correcties: Er zijn zichtbare doorhalingen (met x-jes). De oorspronkelijke tekst bevatte waarschijnlijk "twee" dagen voor betaling, wat handmatig of met overtypering is gewijzigd naar "zes" dagen. Ook in de tweede alinea is een deel van de zin doorgehaald om de tekst passend te maken voor een maandelijkse huurtermijn.
* Juridische grondslag: De brief verwijst expliciet naar Artikel 1619 van het Burgerlijk Wetboek (over kleine herstellingen die voor rekening van de huurder komen) en naar Artikel 8 van het specifieke contract (betreffende uitingen/reclame). Dit getuigt van een strikte handhaving van de reglementen op het marktterrein. Dit document stamt uit juli 1944, een cruciale fase in de Tweede Wereldoorlog (een maand na D-Day). Ondanks de oorlogsomstandigheden en de bezetting bleef het ambtelijk apparaat van de gemeente Amsterdam, in dit geval de Directie van het Marktwezen, functioneren. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat (geopend in 1934) was van vitaal belang voor de voedselvoorziening van de stad.
De brief is gericht aan de firma Gebroeders van der Mey, destijds een van de handelaren op het terrein. Het pakhuis D 5 maakte deel uit van het enorme complex waar groothandelaren hun producten opsloegen en verhandelden. De nadruk op het verbod van reclameborden zonder toestemming wijst op de esthetische en ordelijke controle die de marktmeester wilde behouden over de uniformiteit van de hallen. Het document illustreert de continuïteit van zakelijke en bureaucratische processen in Amsterdam, zelfs tijdens de laatste zware oorlogsjaren.