Administratieve kaart/oproepingskaart van de marktinsectie.
Origineel
Administratieve kaart/oproepingskaart van de marktinsectie. Augustus – oktober 1939. [Linkerzijde]
24/8/39 [initialen]
№ 20/109/2 M. 1939
Opgeroepen per
(datum) 1/9 (uur) 9
wegens niet geregeld bezetten plaats
op de markt
V.K.K. 338.
Lindengracht
Aan L. Hofman
de la Reystraat 11 II
[Rechterzijde]
Aanteekeningen Inspecteur:
zie opmerking op
33/62/4. 39
Blijft particulier
werken.
Voorkeurskaart
intrekken.
30-10-39
[onleesbaar/Vellaer?]
[Handtekening/Paraaf] Dit document is een officiële kaart van de Amsterdamse marktinspectie uit 1939. De kern van de zaak is een disciplinaire maatregel tegen een marktkoopman, L. Hofman.
- Oproeping: Hofman wordt op 24 augustus 1939 opgeroepen om op 1 september te verschijnen. De reden hiervoor is het "niet geregeld bezetten" van zijn vaste staanplaats op de Lindengracht-markt. "V.K.K." staat waarschijnlijk voor Vaste Kraamkaart.
- Inspectiebevindingen: Uit de aantekeningen van de inspecteur blijkt dat Hofman zijn markthandel verwaarloost omdat hij "particulier" (bij een andere werkgever) blijft werken.
- Consequentie: Vanwege het feit dat hij niet afhankelijk is van de markt voor zijn inkomen of de regels voor marktkramers overtreedt door zijn plek onbezet te laten, luidt het advies op 30 oktober 1939: "Voorkeurskaart intrekken". Dit betekende het verlies van zijn bevoorrechte positie of recht op een specifieke staanplaats. De Lindengracht in de Jordaan is van oudsher een belangrijke marktlocatie in Amsterdam. In de jaren dertig, een tijd van economische schaarste en strikte regulering, hield de gemeente streng toezicht op het rechtmatig gebruik van marktkraamvergunningen. Een "voorkeurskaart" was een waardevol bezit dat zekerheid bood op een goede plek. Het feit dat Hofman elders werkte, werd gezien als een reden om dit recht over te dragen aan iemand die de marktplek wel actief en dagelijks zou gebruiken voor zijn broodwinning. De datum (najaar 1939) valt net na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en de Nederlandse mobilisatie, hoewel de aantekeningen hier puur betrekking lijken te hebben op civiele marktovertredingen. L. Hofman