Handgeschreven conceptbrief of ambtelijke notitie.
Origineel
Handgeschreven conceptbrief of ambtelijke notitie. 21 augustus 1946 (met verwijzingen naar correspondentie uit 1944). 21-8-46
Onder terugzending van de nevensgaande stukken... [onleesbaar] ...heb ik de eer U het volgende te berichten.
[doorgehaald: In] In vorige jaren omstreeks
denzelfden tijd is eveneens sprake
geweest van het houden van
korte-baan draverijen op de [doorgehaald: str]
Hierop heeft betrekking mijn
schrijven d.d. 21 Aug. 1944 no 37/85/2/7.
Zooals uit mijn schrijven van
8 Aug. jl. nrs 66/3/2 + 66/3/11 blijkt zijn er
thans geen bezwaren van belastingtechnischen
aard, welke zich tegen voldoening
aan het verzoek zouden verzetten.
[doorgehaald: Dit sluit echter niet uit]
Indien echter een gewoonte van gemaakt
zou worden het marktcomplex
voor andere doeleinden beschikbaar
te stellen dan het houden van markten,
dan is het einde niet te overzien. Wat
de een wordt toegestaan kan de
ander niet goed-schiks worden
geweigerd. Ik blijf dan ook
van meening (vide mijn [tussenvoeging: twee] brieven
[doorgehaald: d.d. 8 Aug. jl. resp. nrs] d.d. 8 Aug. jl. respectievelijk
[doorgehaald: nrs] 66/3/2 en 66/3/11) dat de beschik-
baarstelling van het of de terreinen beperkt [doorgehaald: moet worden] tot [tussenvoeging: een]
evenement van nationale [onduidelijk: grootheid / wereld?] en daarmee gelijk te stellen
manifestaties.
Wat de onderwerpelijke zaak betreft
komt er nog het volgende bij.
Er moet ter dege rekening gehouden
worden met de belangrijke aanvoer [tussenvoeging: van]
zoowel van groente en fruit, [doorgehaald: welke op] [tussenvoeging: welke de opvolgende dagen plaats vinden]
de laatste weken [doorgehaald: zeer] [doorgehaald: belang] enorm is.
[doorgehaald: Deze beide groepen van artikelen]
[doorgehaald: staan toe die daarom niet uit]
[doorgehaald: in de nacht van Zaterdag op Zondag]
[Onderaan enkele onleesbare parafen/krabbels]
--- * Kernboodschap: De schrijver adviseert negatief of zeer terughoudend over het gebruik van het marktterrein voor kortebaandraverijen (paardensport). Hoewel er geen belastingtechnische belemmeringen meer zijn (in tegenstelling tot eerdere jaren), vreest men voor precedentwerking.
* Argumentatie:
1. Precedentwerking: Als men één niet-markt-gerelateerd evenement toestaat, kan men volgende verzoeken van andere partijen moeilijk weigeren ("het einde is niet te overzien").
2. Beperking tot hoofdzaken: De schrijver stelt voor het terrein enkel beschikbaar te stellen voor evenementen van "nationale" betekenis.
3. Logistieke hinder: Er wordt gewezen op de enorme aanvoer van groente en fruit in die periode, wat fysieke ruimte op het terrein opeist en niet verenigbaar is met sportevenementen.
* Stijl: Formeel-ambtelijk ("onderwerpelijke zaak", "vide", "voldoening aan het verzoek"). De vele doorhalingen laten zien hoe de ambtenaar worstelt met de juiste formulering om een verzoek beleefd doch beslist af te wijzen of in te kaderen.
--- Dit document stamt uit de periode van de wederopbouw direct na de Tweede Wereldoorlog (augustus 1946). In deze tijd was de voedselvoorziening en de distributie via markten van vitaal belang, wat de nadruk op de "belangrijke aanvoer van groente en fruit" verklaart.
Tegelijkertijd was er een grote behoefte aan volksvermaak, zoals de genoemde kortebaandraverijen. Het document illustreert de spanning tussen de noodzakelijke economische functies van de openbare ruimte (de markt als economische motor) en de recreatieve wensen van de bevolking. De verwijzing naar correspondentie uit 1944 (tijdens de bezetting) toont aan dat ambtelijke molens en regelgeving vaak doordraaiden, ongeacht de politieke situatie.