Fragment van een handgeschreven document (notitie of administratieve markering).
Origineel
Fragment van een handgeschreven document (notitie of administratieve markering). [In rood potlood/krijt:]
Chef van den
Veiligheidsdienst van Het document toont een haastig neergeschreven, maar duidelijk leesbare tekst in rood potlood. Dit type markering werd tijdens de Tweede Wereldoorlog vaak gebruikt door overheidsinstanties of de bezetter om documenten te routeren, een prioriteit aan te geven of de herkomst van een dossier te markeren. Het gebruik van rood potlood was in de bureaucratische traditie vaak voorbehouden aan personen met een zekere autoriteit of voor zaken die met spoed behandeld moesten worden.
De tekst verwijst naar de "Chef van den Veiligheidsdienst". Gezien de context van dergelijke archiefstukken in Nederland, duidt dit hoogstwaarschijnlijk op de Nederlandse tak van de Duitse Sicherheitsdienst (SD) of een daaraan gelieerde politieke opsporingsdienst. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de "Veiligheidsdienst" (SD) de instantie die verantwoordelijk was voor het opsporen van verzetsactiviteiten en het handhaven van de nationaalsocialistische orde. Dergelijke fragmenten papier werden vaak gebruikt als een soort 'routing slip' of begeleidend strookje bij grotere dossiers. Omdat aan het einde van de oorlog veel archieven van de bezettingsautoriteiten zijn vernietigd, zijn dergelijke kleine fragmenten vaak de enige resterende fysieke bewijzen van de administratieve gang van zaken binnen deze repressieve organisaties. Het fragment zou deel kunnen hebben uitgemaakt van een dossier over een specifieke arrestatie of een onderzoek naar verzetsactiviteiten.
Samenvatting
Het document toont een haastig neergeschreven, maar duidelijk leesbare tekst in rood potlood. Dit type markering werd tijdens de Tweede Wereldoorlog vaak gebruikt door overheidsinstanties of de bezetter om documenten te routeren, een prioriteit aan te geven of de herkomst van een dossier te markeren. Het gebruik van rood potlood was in de bureaucratische traditie vaak voorbehouden aan personen met een zekere autoriteit of voor zaken die met spoed behandeld moesten worden.
De tekst verwijst naar de "Chef van den Veiligheidsdienst". Gezien de context van dergelijke archiefstukken in Nederland, duidt dit hoogstwaarschijnlijk op de Nederlandse tak van de Duitse Sicherheitsdienst (SD) of een daaraan gelieerde politieke opsporingsdienst.
Historische Context
Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was de "Veiligheidsdienst" (SD) de instantie die verantwoordelijk was voor het opsporen van verzetsactiviteiten en het handhaven van de nationaalsocialistische orde. Dergelijke fragmenten papier werden vaak gebruikt als een soort 'routing slip' of begeleidend strookje bij grotere dossiers. Omdat aan het einde van de oorlog veel archieven van de bezettingsautoriteiten zijn vernietigd, zijn dergelijke kleine fragmenten vaak de enige resterende fysieke bewijzen van de administratieve gang van zaken binnen deze repressieve organisaties. Het fragment zou deel kunnen hebben uitgemaakt van een dossier over een specifieke arrestatie of een onderzoek naar verzetsactiviteiten.