Ambtelijk rapport van de Dienst van het Marktwezen.
Origineel
Ambtelijk rapport van de Dienst van het Marktwezen. 5 januari 1944. J. H. de Grebber, Ambtenaar bij het Marktwezen. Directeur van het Marktwezen te Amsterdam. DIENST VAN HET MARKTWEZEN
TE
A M S T E R D A M.
[Handgeschreven in potlood: nu. Div’s]
[Handgeschreven in potlood: opbg]
R A P P O R T
Nº 4614/D/1 M.1944 n/1
Ondergeteekende, J. H. de Grebber, Ambtenaar bij het Marktwezen, rapporteert U het navolgende:
Daar er vermoeden bestond, dat er met de Lemmerboot visch van Lemmer naar Amsterdam vervoerd zou worden, terwijl de visch niet behoorlijk gedekt zou zijn door een geleidebiljet, heb ik in samenwerking met de Centrale Controledienst, Onderafdeeling Spijsvetten en Visscherij, op Dinsdag, 4 Januari 1944, een nader onderzoek ingesteld. Uit dat onderzoek is ons gebleken:
dat er tusschen de lading van bedoelde boot 11 zakken, inhoudende snoekbaars, was verstopt. Deze visch is door ons in beslag genomen en gedeponeerd bij de Gem Visch Afslag alhier. Na weging bleek het gewicht te zijn; 963 pond en 118 pond ondermaatsche visch, dus totaal 1080 pond snoekbaars.
Na het personeel van de boot te hebben gehoord, bleek het, dat de visch waarschijnlijk eigendom was van een zekere Sauke (voornaam), daar een persoon tegen den ladingmeester had medegedeeld, dat, indien er visch van de boot zou worden gehaald, de naam Sauke genoemd moest worden. Dan kon de visch afgeleverd worden. Een vrachtbrief/beurtvaartadres was niet aanwezig. Ook de geadresseerde was niet bekend.
Daar de boot om 15 uur weer naar de Lemmer zou vertrekken, hebben wij voor het vertrek van de boot, de persoonsbewijzen van de passagiers gecontroleerd. Op een van deze persoonsbewijzen kwam de voornaam Sauke voor. Deze persoon hadden wij 's morgens om 8 uur van de boot zien afkomen en deze had zich eenigen tijd in de onmiddellijke omgeving van de boot opgehouden. Na eerst te hebben [Handgeschreven kanttekening: ontkend. J.G.] met deze visch uit te staan te hebben, verklaarde hij ons tenslotte, dat hij eigenaar was van 400 pond snoekbaars. De man was genaamd: Sauke Bootsma, geboren te Lemmer, 12 Maart 1911, van beroep machinist en wonende te Lemmer. Bootsma is door ons Proces-verbaal aangezegd.
De Directie van de N.V. Koppe's Reederij, wist hier niets van af. Het was een zaak tusschen het personeel van de boot en den afzender/eigenaar. De Maatschappij heeft dan ook geen vracht ontvangen van deze zending visch. Wij hebben de Directie van een en ander op de hoogte gesteld.
Waarvan dit rapport te Amsterdam op 5 Januari 1944.
De Ambtenaar bij het Marktwezen voornoemd,
[Handtekening: JH de Grebber]
Aan
Den Heer Directeur van het Marktwezen
A L H I E R. Het rapport biedt een gedetailleerd verslag van een opsporingsactie tegen de zwarte handel in vis tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ambtenaar De Grebber beschrijft hoe op basis van vermoedens een controle werd uitgevoerd op de "Lemmerboot", een beurtschip tussen Friesland en Amsterdam.
Belangrijke elementen uit het rapport:
* Illegale handel: Er werd 1080 pond snoekbaars aangetroffen zonder het verplichte geleidebiljet. Een deel hiervan was "ondermaats", wat duidt op overtreding van visserijwetten.
* Modus operandi: De vis was verstopt in de lading. Er werd gebruikgemaakt van een codenaam ("Sauke") om de vis in Amsterdam aan de juiste persoon af te leveren, buiten de officiële administratie van de rederij om.
* De verdachte: Sauke Bootsma, een machinist uit Lemmer, wordt geïdentificeerd via een controle van persoonsbewijzen. Na aanvankelijke ontkenning (zoals genoteerd in de kantlijn) bekent hij mede-eigenaarschap.
* Verantwoordelijkheid: De rederij (N.V. Koppe) wordt officieel vrijgepleit; de fraude lijkt een onderlinge afspraak tussen de eigenaar van de vis en het scheepspersoneel. Dit document is opgesteld in januari 1944, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was voedsel schaars en strikt gerantsoeneerd. De distributie werd streng gecontroleerd door instanties zoals de Centrale Controledienst (CCD) en de Dienst van het Marktwezen om te voorkomen dat schaarse goederen op de zwarte markt belandden.
De "Lemmerboot" was een bekende scheepvaartverbinding die essentieel was voor de aanvoer van voedsel uit de agrarische gebieden in het noorden naar de grote steden in het westen. Vanwege de voedselschaarste in Amsterdam bloeide de smokkel via dergelijke schepen. De snoekbaars was een luxeartikel op de zwarte markt. Dergelijke rapporten laten zien hoe de bureaucratische controleapparaten van de overheid (die tijdens de bezetting bleven functioneren) trachtten de illegale economie in toom te houden.