Getypte brief (doorslag of afschrift op oorlogspapier).
Origineel
Getypte brief (doorslag of afschrift op oorlogspapier). 5 juni 1944. De Directeur van het Bedrijfschap voor Visscherijproducten (waarschijnlijk de afdeling Verdeelingscommissie). [Handgeschreven in blauw potlood/inkt:]
Verzonden 5/6
[Getypt:]
5 Juni 1944. SV.
No.46b/30/2 M.
Den Heer J.L. Aal
Kattenburgergracht 15c III
Amsterdam-Centrum
===================
Hierdoor deel ik U mede, dat Uw verzoek inzake vischtoewijzing is behandeld in een vergadering der door het Bedrijfschap voor Visscherijproducten ingestelde Verdeelingscommissie.
Mede gezien het advies dezer Commissie deel ik U mede, dat geen termen zijn gevonden om Uw verzoek in te willigen, zoodat dit hierbij wordt afgewezen.
Herhaling van het verzoek heeft geen nut, aangezien de verdeellijsten tot 1 October a.s. niet zullen worden gewijzigd.
De Directeur, De brief is een formeel antwoord op een verzoek van de heer J.L. Aal voor een (waarschijnlijk extra of specifieke) toewijzing van vis. Het verzoek is behandeld door de 'Verdeelingscommissie' van het 'Bedrijfschap voor Visscherijproducten'.
De toon van de brief is strikt ambtelijk en afwijzend. De commissie stelt dat er "geen termen" (geen geldige redenen of gronden) zijn gevonden om aan het verzoek te voldoen. De slotzin is opvallend rigide: de ontvanger wordt expliciet ontmoedigd om opnieuw een verzoek in te dienen, aangezien de lijsten tot 1 oktober van dat jaar (1944) vaststaan.
Het document vertoont de typische kenmerken van de schaarste-economie tijdens de bezetting: strikte regulering van voedselbronnen via centrale bedrijfschappen en commissies. Dit document stamt uit de late fase van de Tweede Wereldoorlog in Nederland (juni 1944). De voedselsituatie in de grote steden zoals Amsterdam werd steeds nijpender, hoewel de beruchte Hongerwinter pas later dat jaar zou beginnen.
Het Bedrijfschap voor Visscherijproducten was een van de organisaties die door de bezetter waren opgezet (of gecontroleerd) om de productie en distributie van voedsel te reguleren. Vis was een cruciale eiwitbron, maar de visserij op de Noordzee was door de oorlogsvoering en mijnenvelden nagenoeg stilgelegd, waardoor de aanvoer zeer beperkt was en strikt gerantsoeneerd moest worden.
De adressering aan de Kattenburgergracht duidt op een bewoner van de Amsterdamse Oostelijke Eilanden, een buurt die vanouds nauw verbonden was met de scheepvaart en handel, maar die in 1944 zwaar getroffen was door de beperkingen van de bezetting. De datum, 5 juni 1944, is historisch saillant: het is de dag vóór de geallieerde landing in Normandië (D-Day). Terwijl de administratie in Amsterdam nog bezig was met de weigering van visquota, stond het verloop van de oorlog op het punt definitief te kantelen. J.L. Aal M. Bedrijfschap