Archiefdocument
Origineel
19 mei 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Centrale Markt of de Dienst der Marktwezen). 37/97/4 M.
n 2
19 Mei 1939
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
In bylage dezes heb ik de eer U een contract in
duplo te doen geworden ten name van J.Leurink te Amsterdam,
betreffende huur van pakhuisafdeeling no.C 14 op de Centrale
Markt, voor den opslag van goederen (vide Besluit van Burge-
meester en Wethouders d.d. 7 April 1939 no.97 L.M.1939).
Ik moge U beleefd verzoeken de onderteekening van
dit contract door den heer Burgemeester te willen bevorderen
en my het daarna te doen retourneeren; dezerzijds kan dan
voor registratie worden zorggedragen.
De Directeur, De brief is een formeel administratief schrijven in de vooroorlogse spelling (bijv. "pakhuisafdeeling", "onderteekening"). De inhoud betreft de ambtelijke afhandeling van een huurovereenkomst. De directeur van de betreffende dienst stuurt een contract in tweevoud naar de wethouder, met het verzoek om de handtekening van de burgemeester te faciliteren. Het gaat om de huur van een specifieke opslagruimte (C 14) op de Centrale Markt door een particulier of ondernemer genaamd J. Leurink. De brief verwijst naar een officieel besluit van Burgemeester en Wethouders (B&W) van 7 april 1939, wat de juridische basis vormt voor deze transactie. Het document dateert van mei 1939, een periode waarin de voedselvoorziening en de organisatie daarvan in Nederland steeds belangrijker werden door de dreiging van de Tweede Wereldoorlog. De "Centrale Markt" in Amsterdam (geopend in 1934) speelde een cruciale rol in de distributie van levensmiddelen. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in die tijd een zware portefeuille, gericht op het waarborgen van de voedselvoorraad voor de stedelijke bevolking. De genoemde naam "M. Nijhoff" is interessant; hoewel de dichter Martinus Nijhoff destijds als ambtenaar werkte, is het waarschijnlijker dat dit de naam van een administratief medewerker van de gemeente Amsterdam betreft. De term "Alhier" duidt erop dat zowel de afzender als de ontvanger zich in dezelfde stad bevonden. J. Leurink M. Nijhoff Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
De brief is een formeel administratief schrijven in de vooroorlogse spelling (bijv. "pakhuisafdeeling", "onderteekening"). De inhoud betreft de ambtelijke afhandeling van een huurovereenkomst. De directeur van de betreffende dienst stuurt een contract in tweevoud naar de wethouder, met het verzoek om de handtekening van de burgemeester te faciliteren. Het gaat om de huur van een specifieke opslagruimte (C 14) op de Centrale Markt door een particulier of ondernemer genaamd J. Leurink. De brief verwijst naar een officieel besluit van Burgemeester en Wethouders (B&W) van 7 april 1939, wat de juridische basis vormt voor deze transactie.
Historische Context
Het document dateert van mei 1939, een periode waarin de voedselvoorziening en de organisatie daarvan in Nederland steeds belangrijker werden door de dreiging van de Tweede Wereldoorlog. De "Centrale Markt" in Amsterdam (geopend in 1934) speelde een cruciale rol in de distributie van levensmiddelen. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in die tijd een zware portefeuille, gericht op het waarborgen van de voedselvoorraad voor de stedelijke bevolking. De genoemde naam "M. Nijhoff" is interessant; hoewel de dichter Martinus Nijhoff destijds als ambtenaar werkte, is het waarschijnlijker dat dit de naam van een administratief medewerker van de gemeente Amsterdam betreft. De term "Alhier" duidt erop dat zowel de afzender als de ontvanger zich in dezelfde stad bevonden.