Een ambtelijke rapportage in de vorm van een brief.
Origineel
Een ambtelijke rapportage in de vorm van een brief. 7 juni 1939 De Directeur (waarschijnlijk van de Centrale Markt) [Handschrift rechtsboven]: M. Brouwer
[Handschrift midden]: Verzonden 8/6
37/127/2 M.
[Rechts]: 7 Juni 1939.
Links:
Brandje op plaats
van J.Knoop op
Centrale Markt.
[Rechts]:
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat op 5
dezer een brandje is uitgebroken op de plaats van den aard-
appelgrossier J.Knoop in het Westelijke havencomplex der
Centrale Markt. Knoop was, naar het schijnt, zelf niet op de
markt aanwezig; het brandje, dat niet veel te beteekenen
had, is door personeel van een anderen grossier gebluscht.
Terzake is door Knoop terstond aangifte bij de Politie ge-
daan; hij beweert, dat de door hem geleden schade ƒ 38,-
bedraagt.
Omtrent de oorzaak staat niets vast; het meest waar-
schijnlijk is, dat een achteloos weggeworpen cigaret of
sigaar bij de heerschende droogte het vuur deed ontstaan.
Knoop doet zeer verontwaardigd en verklaarde, dat hij zich
terzake schriftelijk tot den heer Burgemeester wil wenden.
[Rechtsonder]: De Directeur, * Type document: Een ambtelijke rapportage in de vorm van een brief.
* Inhoud: De directeur van de Centrale Markt rapporteert aan de wethouder over een incident op 5 juni 1939. Een kleine brand bij aardappelhandelaar J. Knoop werd door derden geblust. De schade is beperkt (38 gulden), maar de betrokkene (Knoop) is zeer ontstemd en dreigt de burgemeester in te schakelen.
* Toon: Formeel en enigszins bagatelliserend ten aanzien van het incident ("brandje dat niet veel te beteekenen had") en de reactie van de handelaar ("Knoop doet zeer verontwaardigd").
* Taalgebruik: Kenmerkend voor de vroege 20e eeuw met spellingen als "gebluscht", "beteekenen" en "heerschende". Dit document biedt een inkijkje in het dagelijks beheer van de Centrale Markt in Amsterdam (het huidige Food Center Amsterdam) vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De Centrale Markt was essentieel voor de voedselvoorziening van de stad. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" hield toezicht op de markt en de distributie van goederen. Het incident illustreert de logistieke risico's (brandgevaar door droogte en roken) en de bureaucratische communicatielijnen tussen de marktdirectie, het college van B&W en de individuele handelaren.