Dienstbrief (doorslag of kopie).
Origineel
Dienstbrief (doorslag of kopie). 21 oktober 1939. De Directeur (instelling niet expliciet vermeld op dit blad, mogelijk een sociale dienst of administratieve instelling). VP/HG.
37/201/2 M.
1
[Handgeschreven:] Verzonden 21/10-'39
21 October 1939.
den Heer Hoofdcommissaris van
Politie,
O.Z. Achterburgwal 185,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 3.
In bijlage dezes heb ik de eer U een op 15 October jl. door J.v.Kesteren aan mij gerichten brief te doen toekomen. De in dien brief genoemde Luckerhoff is bij mijn administratie onbekend; wellicht vindt U aanleiding om de behandeling van deze aangelegenheid over te nemen.
De Directeur, Deze korte, formele brief betreft het doorsturen van correspondentie naar de Amsterdamse politie. De essentie is als volgt:
* Inhoud: De afzender heeft een brief ontvangen van een zekere J.v. Kesteren (gedateerd 15 oktober 1939). In die brief wordt gesproken over een persoon genaamd "Luckerhoff".
* Reden van schrijven: De afzender verklaart dat Luckerhoff niet bekend is in hun eigen administratie. Hierom wordt het dossier overgedragen aan de politie voor verdere afhandeling.
* Toon: Zeer formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U ... te doen toekomen").
* Locatie: Het adres O.Z. Achterburgwal 185 in Amsterdam was destijds het hoofdbureau van de Amsterdamse politie. Het document dateert van oktober 1939, enkele maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar terwijl Nederland nog neutraal en in staat van mobilisatie was. In deze periode was er een verhoogde waakzaamheid van de autoriteiten met betrekking tot personen die niet direct in de administratie te traceren waren of die mogelijk een buitenlandse (Duitse) achtergrond hadden, wat de naam 'Luckerhoff' zou kunnen suggereren. Het doorschuiven van dergelijke 'onbekende' gevallen naar de politie was een standaardprocedure voor administratieve instellingen in tijden van verhoogde spanning. De precieze aard van de "aangelegenheid" blijft onduidelijk zonder de genoemde bijlage van J.v. Kesteren. O.Z. Achterburgwal Hoofdbureau Politie
Samenvatting
Deze korte, formele brief betreft het doorsturen van correspondentie naar de Amsterdamse politie. De essentie is als volgt:
* Inhoud: De afzender heeft een brief ontvangen van een zekere J.v. Kesteren (gedateerd 15 oktober 1939). In die brief wordt gesproken over een persoon genaamd "Luckerhoff".
* Reden van schrijven: De afzender verklaart dat Luckerhoff niet bekend is in hun eigen administratie. Hierom wordt het dossier overgedragen aan de politie voor verdere afhandeling.
* Toon: Zeer formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U ... te doen toekomen").
* Locatie: Het adres O.Z. Achterburgwal 185 in Amsterdam was destijds het hoofdbureau van de Amsterdamse politie.
Historische Context
Het document dateert van oktober 1939, enkele maanden na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Europa, maar terwijl Nederland nog neutraal en in staat van mobilisatie was. In deze periode was er een verhoogde waakzaamheid van de autoriteiten met betrekking tot personen die niet direct in de administratie te traceren waren of die mogelijk een buitenlandse (Duitse) achtergrond hadden, wat de naam 'Luckerhoff' zou kunnen suggereren. Het doorschuiven van dergelijke 'onbekende' gevallen naar de politie was een standaardprocedure voor administratieve instellingen in tijden van verhoogde spanning. De precieze aard van de "aangelegenheid" blijft onduidelijk zonder de genoemde bijlage van J.v. Kesteren.