W. Muller
Bekijk Verhaal ➔Archiefdocumenten
Zakelijke brief
* **Inhoud:** De brief betreft de financiële verslaglegging van de exploitatie van het koelhuis op de Centrale Markt te Amsterdam over de maand juni 1939. De veilingvereniging keert een batig saldo van 923,06 gulden uit aan de gemeente (het Marktwezen). * **Bijlagen:** Er wordt verwezen naar een rekening-courant, een debiteurenlijst en zes specifieke kasbewijzen (nrs. 26-31). * **Administratieve kenmerken:** Het document bevat diverse administratieve sporen, zoals een dossiernummerstempel bovenaan, handgeschreven parafen (waarschijnlijk van ambtenaren die de brief hebben ingezien of verwerkt) en een paginanummering rechtsonder ("48"), wat duidt op opname in een groter archiefdossier.
Officiële brief / Betalingsherinnering.
* **Doel:** De brief dient als een formele aanmaning voor een openstaande schuld. * **Inhoud:** Er wordt bevestigd dat er op 9 maart een betaling van 6 gulden is binnengekomen voor achterstallig marktgeld. Er staat echter nog een tweede bedrag van 6 gulden open. De toon is dwingend doch beleefd ("ten spoedigste te willen voldoen"). * **Administratieve sporen:** * De codes "VP/HG." zijn waarschijnlijk de initialen van de opsteller en de typist. * "64/31/1 M." fungeert als dossier- of referentienummer. * De handgeschreven namen "W. Muller" en "W. Braaksma" wijzen op de ambtenaren die verantwoordelijk waren voor de verwerking of controle. * De aantekening "Verzonden 16/6" laat zien dat de brief drie dagen na dagtekening daadwerkelijk de deur uit is gegaan. * **Munteenheid:** Het symbool *f* staat voor de Nederlandse gulden (florijn).
Getypte brief (doorslag of officieel afschrift) met handgeschreven kanttekeningen.
* **Taalgebruik:** Het document is opgesteld in formeel, ambtelijk Nederlands van voor de spellinghervorming van 1947 (gebruik van de ‘y’ in plaats van ‘ij’, verbuigingen zoals ‘den betaaldag’ en ‘mynen kantore’). * **Inhoud:** Het betreft een laatste aanmaning voor het betalen van standplaatsgeld. De heer D. Ton exploiteerde blijkbaar kramen die hij verhuurde aan derden. De toon is dwingend: indien er niet voor 20 januari wordt betaald, dreigt intrekking van de vergunning via het college van Burgemeester en Wethouders. * **Annotaties:** De handgeschreven notitie linksboven is cruciaal voor de administratieve afhandeling. Het toont aan dat de betaling (een klein bedrag van 0,81 gulden) op 21 januari per giro is voldaan, één dag na de gestelde deadline. * **Locatie:** Het kantoor aan de Jan van Galenstraat 14 verwijst naar de Centrale Markthallen in Amsterdam, het toenmalige logistieke hart van de stad voor handel en markten.
Handgeschreven ambtelijke of zakelijke notitie/rapportage.
Het document is een kort verslag van een zakelijke transactie betreffende de handel in groenten. Grossier L. Wagesteijn heeft een substantiële lading peen (wortelen) overgenomen: 90 zakken van elk 50 kg, wat neerkomt op een totaal van 4.500 kg. Deze partij was afkomstig uit een specifieke spoorwegwagon (no. 44578). De transactie vond plaats in opdracht van G. Zevenhuizen uit Warmenhuizen, een dorp in Noord-Holland dat destijds (en nu nog steeds) bekend staat om zijn grootschalige vollegrondstuinbouw. Wagesteijn heeft de goederen met zijn eigen vrachtwagen opgehaald voor verdere distributie/verkoop. Er worden afspraken genoteerd over de administratieve afwikkeling: het retourneren van de emballage (de lege zakken) en de financiële verantwoording aan een zekere W. Muller. De krabbel linksonder geeft aan dat het document ter attentie van de bedrijfsleider is opgesteld.
Doorslag van een officiële brief (dienstbrief).
Het document is een zakelijke sommatie betreffende een openstaande schuld van 1,54 gulden aan marktgeld. De toon van de brief is formeel en dwingend; de ontvanger wordt gesommeerd om twee dagen na dagtekening (op 15 augustus 1941) persoonlijk te verschijnen op het kantoor aan de Jan van Galenstraat. Er wordt gedreigd met het intrekken van de marktvergunning als hieraan niet wordt voldaan. De handgeschreven aantekeningen in rode inkt zijn cruciaal voor de administratieve afhandeling. De tekst "niet gekomen" wijst erop dat de heer Harings niet op de afspraak is verschenen. De toevoeging "thans onbekend" suggereert dat de betreffende persoon niet meer op het opgegeven adres (Keizersstraat 21) woonachtig was of onvindbaar was voor de instanties op het moment van controle of verdere vervolging.
Getypte ambtelijke brief.
Dit document is een formele begeleidende brief bij een huurcontract. De kern van de zaak is de huur van een winkelpand aan de **Jan van Galenstraat 18** in Amsterdam door de **"Stichting ter behartiging van den Nederlandschen Detailhandel van Aardappelen, genaamd 'Centraal Belang', afdeeling Amsterdam"**. De brief volgt een strikte ambtelijke hiërarchie: de directeur van een niet nader genoemde afdeling (vermoedelijk gerelateerd aan de markt- of voedselvoorziening) verzoekt de Wethouder voor de Levensmiddelen om ervoor te zorgen dat de Burgemeester het contract ondertekent. De spelling (bijv. "bylage", "Nederlandschen", "dezerzyds") is typerend voor de vroege 20e eeuw en de formele stijl van de overheid.
Administratieve brief (doorslag).
De brief informeert de heer Ottenhof over een verrekening van marktgelden over het jaar 1940. Na een bezwaarschrift (de brief van 23 maart) is vastgesteld dat hij 10 gulden aan entreegeld te veel heeft betaald. Dit wordt verrekend met een openstaande schuld van 9 gulden aan "plaatsgeld" (stageld voor een marktkraam of plek). Het netto bedrag van 1 gulden kan hij ophalen bij het Kaartenkantoor. Opvallend is de bureaucratische vereiste: om de ene gulden te ontvangen, moet de ontvanger niet alleen een kwitantie tekenen, maar ook zijn huidige legitimatiebewijs (no. 7117) met betaalzegel inleveren en direct een nieuwe kaart aanvragen. Dit wijst op een strikt controlesysteem voor marktkooplieden of tuinders.
Typoscript (doorslag van een brief) met handgeschreven aantekeningen.
Het document is een zakelijke afwijzing op een verzoek om vermindering van standplaatsgelden. De brief is opgesteld in een formele, ambtelijke toon. **Kernpunten:** 1. **Afwijzing:** De ontvanger (Steenvoorden) had gevraagd om een reductie op het "plaatsgeld" (marktgeld), maar dit wordt geweigerd omdat het tarief al laag is en rekening houdt met onregelmatig gebruik. 2. **Uitzonderingsclausule:** Er is slechts één geldige reden voor kwijtschelding: overmacht direct gerelateerd aan de "oorlogstoestand". 3. **Kwijtschelding:** Er is in dit specifieke geval blijkbaar al een tegemoetkoming gedaan voor de periode vanaf 1 juni 1940 (vlak na de Nederlandse capitulatie). De directeur stelt dat hiermee de grens van coulance is bereikt.
Ambtsbrief / Memo.
* **Kernboodschap:** De directeur van de Centrale Markt adviseert de wethouder om een fruitgrossier (W. de Groot) een gedeeltelijke kwijtschelding te verlenen voor zijn standplaatsgeld. * **Financiële onderbouwing:** De totale schuld bedraagt 500 gulden voor het hele jaar. Omdat de grossier per 1 juni stopt, stelt de directeur voor om alleen de eerste 5 maanden (à 50 gulden) te belasten en de resterende 250 gulden kwijt te schelden. * **Argumentatie:** De directeur voert aan dat de ondernemer door de oorlogsomstandigheden (gebrek aan aanvoer) zijn bedrijf niet kan voortzetten en zelfs steun moet aanvragen. Het verzoek wordt "billijk" (redelijk) geacht. * **Juridische basis:** Er wordt verwezen naar Artikel 10 van de plaatselijke Verordening op marktgelden.
Doorslag van een getypte ambtelijke brief (betalingsherinnering/aanmaning).
Het document is een officiële sommatie tot betaling van marktgeld. De heer A.J. Roger had op 28 maart 1942 kramen geplaatst op een Amsterdamse markt (gezien het adres Lindengracht 256 is dit zeer waarschijnlijk de Lindengrachtmarkt zelf) maar had het verschuldigde bedrag van 1,84 gulden nog niet voldaan. De toon is streng ambtelijk: de ontvanger krijgt vier dagen de tijd om te betalen bij de kassier, anders zal de directeur bij het Gemeentebestuur aandringen op het intrekken van de marktvergunning. Voor een marktkoopman betekende het verlies van een vergunning direct inkomstenderving. Opvallend is de handgeschreven notitie onderaan. Deze vermeldt dat er op 8 april 1942 (zes dagen na dagtekening, dus buiten de gestelde termijn) een bedrag van 3 gulden "per Kas" is betaald. Het feit dat dit bedrag hoger is dan de gevraagde 1,84 gulden suggereert dat er mogelijk extra kosten of meerdere marktdagen zijn afgerekend.
Doorslag van een ambtelijke brief (getypt op doorslagpapier).
Het document is een zakelijke instructie om de huur van drie specifieke locaties voor visverkoop in Amsterdam per direct op te zeggen. De genoemde locaties zijn: 1. **Bellamystraat** (Oud-West), gehuurd door "Vos". 2. **Albert Cuypstraat** (De Pijp), gehuurd door "Stroker Tieman". 3. **Wagenaarstraat** (Dapperbuurt), eveneens gehuurd door "Vos". De afdeling "Rentegevende Eigendommen" was de tak van Publieke Werken die belast was met het beheer en de exploitatie van gemeentelijke panden en gronden die huur opbrachten. De spelling ("vischverkoop", "zoo") is conform de toen geldende spelling-De Vries en Te Winkel.
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE Marktwezen. t.a.v. Hr. Muller.
# TRANSCRIPTIE [Rechtsboven handgeschreven:] *C. Muller* M/HG. 10/4/12 M. 1 10 September 1940. den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, A l h i e r .
# TRANSCRIPTIE W. Muller [handgeschreven] M/HG. Verzonden 10/9 [handgeschreven] 10/4/12 M. 1 10 September 1940. den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, A l h i e r .
# TRANSCRIPTIE [In het midden van de pagina:] *H. Müller*
# TRANSCRIPTIE [Rechtsboven, in inkt geschreven en onderstreept:] H. Müller