Getypte ambtelijke brief/adviesnota (concept-voordracht).
Origineel
Getypte ambtelijke brief/adviesnota (concept-voordracht). 2 oktober 1939. Waarschijnlijk een afdelingshoofd binnen de gemeentelijke administratie (gezien de verwijzing naar de afdeling Financiën mogelijk de Directeur van de Centrale Markt of een secretarie-ambtenaar). [Rechtsboven, handgeschreven:]
1 ex. Gr. Müller
[Linksboven:]
VP/HG.
[Middenboven, handgeschreven:]
Verzonden 2/10-’39
[Linksboven onder kenmerk:]
55/3/11 M.
1
[Rechtsboven:]
2 October 1939.
[Onderwerp:]
Concept-voordracht inzake
verpachting café-restaurant,
enz. op de Centrale Markt.
[Geadresseerde:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Inhoud:]
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.
30 September jl. om advies ontvangen stuk no.588 L.M.1939 heb
ik de eer U te berichten, dat ik mij met de onderhavige con-
cept-voordracht vereenig, behoudens de navolgende opmerkingen.
Overeenkomstig het dezerzijds gedane voorstel
wordt machtiging gevraagd tot openbare of ondershandsche
verpachting voor den tijd van vijf achtereenvolgende jaren.
Van de zijde van de afdeeling Financiën is evenwel de vraag
gesteld, of het wel juist is machtiging tot openbare of onders-
handsche verpachting te vragen, nu het de bedoeling is om de
overeenkomst met den bestaanden pachter te vernieuwen. Het zou
wellicht de voorkeur verdienen, aldus werd van bovengenoemde
zijde opgemerkt, om in de voordracht machtiging te vragen tot
vernieuwing der pachtovereenkomst met den huidigen pachter,
zulks opdat de Gemeenteraad ten deze volledig zou zijn inge-
licht. Ik moge aan Uw beter oordeel overlaten, in hoeverre het
gewenscht is met deze opmerking rekening te houden; ik ben van
meening, dat het feit, dat tot ondershandsche verpachting ge-
machtigd wordt, aan het Gemeentebestuur voldoende bevoegdheid
geeft om, zonder verdere gegadigden op te roepen, de overeen-
komst met den huidigen pachter te vernieuwen.
Ik stel voor om in artikel 23 van het concept-
contract de Gemeentegirorekening van de Centrale Markt te ver-
melden, waarop de pachtsom moet worden overgeschreven. De be-
[tekst breekt af aan onderzijde pagina] Dit document is een ambtelijk advies betreffende de verlenging van de pacht voor de horecagelegenheid op de Centrale Markt (waarschijnlijk die van Rotterdam). De kern van de brief is een discussie over bestuurlijke transparantie versus pragmatisme.
De afdeling Financiën heeft geopperd dat de voordracht aan de Gemeenteraad explicieter moet zijn: in plaats van een algemene machtiging voor "openbare of ondershandse verpachting", zouden ze specifiek moeten vermelden dat het de bedoeling is om met de huidige pachter te verlengen. Dit is bedoeld om de Gemeenteraad volledig te informeren over de intenties van het college.
De schrijver van deze brief (de adviseur) is echter van mening dat de algemene term "ondershandse verpachting" juridisch en bestuurlijk al voldoende ruimte biedt om direct met de huidige pachter te contracteren zonder andere partijen uit te nodigen. Daarnaast wordt er een praktische administratieve wijziging voorgesteld: het expliciet opnemen van het bankrekeningnummer (de Gemeentegiro) in het pachtcontract. Het document dateert van oktober 1939, een cruciale periode in de Nederlandse geschiedenis. Hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was, was de algemene mobilisatie (augustus 1939) reeds een feit en was de Tweede Wereldoorlog in de omringende landen al begonnen. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in deze tijd een zeer belangrijke taak in het kader van de voedselvoorziening en distributie.
De Centrale Markt in Rotterdam (geopend in 1920) was het logistieke hart voor de voedselvoorziening in de regio. Het café-restaurant aldaar vervulde een belangrijke sociale en facilitaire rol voor de handelaren en transporteurs. De administratieve zorgvuldigheid die uit dit document spreekt, is tekenend voor de Nederlandse bureaucratie vlak voor de Duitse inval; zelfs onder de dreiging van oorlog gingen de reguliere gemeentelijke procedures rondom pacht en contracten gewoon door.