Archief 745
Inventaris 745-293
Pagina 241
Dossier 100
Jaar 1939
Stadsarchief

Archiefdocument

April 1939. Van: Vermoedelijk een wethouder (gezien de kanttekening "nota Weth.").

Origineel

April 1939. Vermoedelijk een wethouder (gezien de kanttekening "nota Weth."). No.59/2/4 M.1939 25/3.
No.781 L.M.1937 24/3-'39. AFSCHRIFT.-
-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.-.
de
Nota inzake/kleinhandelsveiling op de Centrale Markt.


                                                      April 1939.


                          Aan Heeren Burgemeester en Wethouders.

           Tot een van de punten, waarop in het U bekende conflict

op de Centrale Markt overeenstemming met den markthandel werd
bereikt, behoorde ook de toezegging namens ons College, dat de
kwestie van de kleinhandelsveiling op de Centrale Markt een
punt van nader zorgvuldig onderzoek zou uitmaken. Van de zyde
der grossiers bestonden tegen deze veiling ernstige bezwaren.
Nu dit onderzoek, dat mede door herhaalde besprekingen met de
verschillende by den markthandel betrokken groepenn veel tyd
vorderde, is geëindigd, heb ik de eer U dienaangaande het na-
volgende mede te deelen.
By den bouw van de veilinginrichtingen op de Centrale
Markt is niet principieel de vraag aan de orde gekomen of al-
daar een groot- of een kleinhandelsveiling zou worden gevestigd.
De handel beoogde voornamelyk de op de markt aan de Marnix-
straat bestaande kleinhandelsveiling over te plaatsen en be-
schouwde dat blykbaar als vanzelfsprekend. De aanwezigheid van
een kleinhandelsveiling op de markt beteekende toen ter tyd
geen probleem. Dat daarentegen de kleinhandelsveiling op de
Centrale Markt in de laatste jaren wel een onderwerp van be-
spreking is geworden, vindt naar myn oordeel haar oorzaak in de
volgende drie omstandigheden:
1o. De veiling op de oude markt, die over het algemeen meer voor
den bloemenhandel beteekende dan voor den handel in groente en
/pag.2
nota Weth. fruit, lag achteraf, terwyl de veiling thans inde hal, het ven-
trum der markt, ligt en, in tegenstelling met voorheen in de ~~xx~~
eerste plaats een veiling voor groente en fruit is;
2o. De economische crisis, die voor den handel veel moeilykheden
tengevolge heeft en daardoor de handelaren scherper doet staan
tegenover een concurrent;
3o. De regeling der minimum pryzen, - waarover hieronder meer - die
een prysverstorende werking der veiling meebrengt.
Alvorens U het resultaat van het bovenbedoelde onder-
zoek mede te deelen, acht ik het gewenscht voor U in groote
trekken de werkwyze van bovenbedoelde veiling uiteen te zetten.
Werkwyze veiling. Toen de veiling van de oude markt naar de Centrale Markt
was overgeplaatst, kwam zy in handen van de N.V. "Nederlandsche
veiling van land- en tuinbouwproducten Amsterdam", welke N.V.,
gelyk U bekende is, gevormd wordt door de importeurs, die hier
ter stede op de Centrale Markt ook herhaaldelyk groothandels- Dit document is een ambtelijk verslag over de uitkomsten van een onderzoek naar de kleinhandelsveiling op de Centrale Markt van Amsterdam. Het stuk legt de vinger op de zere plek van een slepend conflict tussen de gevestigde grossiers (groothandelaren) en de veilingactiviteiten op het marktterrein.

De nota analyseert waarom een voorheen probleemloze activiteit (de kleinhandelsveiling op de oude locatie aan de Marnixstraat) op de nieuwe Centrale Markt wel tot conflicten leidde:
1. Ruimtelijke ordening: De verhuizing naar het fysieke hart van de nieuwe markt en de verschuiving in assortiment (van bloemen naar groente/fruit) zorgde voor een directere confrontatie met de belangen van de groothandel.
2. Economische tijdsgeest: De Grote Depressie van de jaren '30 had de marges onder druk gezet, waardoor handelaren minder bereid waren concurrentie te dulden.
3. Prijsregulering: De invoering van minimumprijzen zorgde voor frictie in het marktmechanisme.

Het document is waardevol voor de sociaal-economische geschiedenis van de Amsterdamse voedseldistributie en de geschiedenis van het marktwezen. De Centrale Markthallen in Amsterdam-West (tegenwoordig het Food Center Amsterdam) werden in 1934 geopend. Het doel was om de vele verspreide markten in de stad te concentreren op één moderne, hygiënische locatie met goede verbindingen via water en spoor.

De verhuizing van de Marnixstraat (de zogenaamde 'Appeltjesmarkt') naar deze nieuwe locatie betekende een enorme schaalvergroting. Dit document uit 1939 laat zien dat vijf jaar na de opening de verhoudingen tussen de verschillende soorten handelaren (importeurs, grossiers en de veiling) nog steeds niet uitgekristalliseerd waren. De genoemde N.V. "Nederlandsche veiling van land- en tuinbouwproducten Amsterdam" speelde hierin een centrale rol als exploitant. De gehanteerde spelling (zoals "zyde", "pryzen" en "tyd") is kenmerkend voor de vooroorlogse Nederlandse taal.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk verslag over de uitkomsten van een onderzoek naar de kleinhandelsveiling op de Centrale Markt van Amsterdam. Het stuk legt de vinger op de zere plek van een slepend conflict tussen de gevestigde grossiers (groothandelaren) en de veilingactiviteiten op het marktterrein.

De nota analyseert waarom een voorheen probleemloze activiteit (de kleinhandelsveiling op de oude locatie aan de Marnixstraat) op de nieuwe Centrale Markt wel tot conflicten leidde:
1. Ruimtelijke ordening: De verhuizing naar het fysieke hart van de nieuwe markt en de verschuiving in assortiment (van bloemen naar groente/fruit) zorgde voor een directere confrontatie met de belangen van de groothandel.
2. Economische tijdsgeest: De Grote Depressie van de jaren '30 had de marges onder druk gezet, waardoor handelaren minder bereid waren concurrentie te dulden.
3. Prijsregulering: De invoering van minimumprijzen zorgde voor frictie in het marktmechanisme.

Het document is waardevol voor de sociaal-economische geschiedenis van de Amsterdamse voedseldistributie en de geschiedenis van het marktwezen.

Historische Context

De Centrale Markthallen in Amsterdam-West (tegenwoordig het Food Center Amsterdam) werden in 1934 geopend. Het doel was om de vele verspreide markten in de stad te concentreren op één moderne, hygiënische locatie met goede verbindingen via water en spoor.

De verhuizing van de Marnixstraat (de zogenaamde 'Appeltjesmarkt') naar deze nieuwe locatie betekende een enorme schaalvergroting. Dit document uit 1939 laat zien dat vijf jaar na de opening de verhoudingen tussen de verschillende soorten handelaren (importeurs, grossiers en de veiling) nog steeds niet uitgekristalliseerd waren. De genoemde N.V. "Nederlandsche veiling van land- en tuinbouwproducten Amsterdam" speelde hierin een centrale rol als exploitant. De gehanteerde spelling (zoals "zyde", "pryzen" en "tyd") is kenmerkend voor de vooroorlogse Nederlandse taal.

Kooplieden in dit dossier 61

Gerelateerde Documenten 6