Getypte rapportage of interne notitie (pagina 2).
Origineel
Getypte rapportage of interne notitie (pagina 2). -2-
veiling het toelaat, regelmatig de aangevoerde producten keuren en bij
vliegende contrôle de gewichten der zendingen contrôleeren.
Tijdsgebrek en de samenstelling van de huidige personeelsbezetting
hebben er tot op heden niet toe kunnen leiden, dat voortdurend een
keurmeester bij de hand is, reden waarom ook zelfs de directie der
veiling, al naar omstandigheden als keurmeester optreedt. Als gevolg
van de wijze, waarop de exploitatie der veiling zoo zuinig mogelijk
moet worden geleid, is het aanstellen van een extra kracht achterwege
gebleven, alhoewel zulks wel aanbeveling zou verdienen om o.a. ook de
directie van deze tijdroovende werkzaamheden te ontlasten. Dusdoende
kunnen dan ook de veilingmeesters van een deel hunner taak als het
administreeren en verzorgen van doorgedraaide producten ontheven wor-
den en een van hen tijdiger beschikbaar komen voor de regeling van de
aanvoer ter veiling van bloemen en planten, die vrij spoedig, nadat de
groenten en fruitveilingen zijn afgeloopen, op de veiling aankomen.
Deze interne taakverdeeling heeft ondergeteekende steeds in het belang
van de geheele regeling op de veilingen geacht, maar is tot nog toe
steeds afgestuit op de financieele consequenties.
Nu de resultaten van de laatste jaren bevredigender zijn geloopen dan
voorheen, zou het wel aanbeveling verdienen tot dezen stap over te
gaan, doch dient deze uitgave wel bezien te worden in het raam van
andere aanspraken op verlagingen van onze veilinginkomsten, o.a. door
de groep tuinders.
Misschien zou deze verhoogde kostenuitgave uit tactische overwegingen
wel te verdedigen zijn als een rem op de ons steeds door de kooplieden
geoefenden drang tot verlaging, resp. afschaffing der 3 opcenten op
den aankoopprijs.
Punt II. Verbod van veilen voor zender-handelaar (dus ook voor goede-
ren van Importeurs, grossiers), dus uitsluitend veilen voor aange-
sloten zender-kweekers.
Als uitvloeisel om de belangen der Amsterdamsche grossiers te ontzien,
tracht men te komen tot een verbod voor het veilen van producten, die
elders op veilingen in Nederland zijn gekocht, respectievelijk af-
komstig zijn van voorraden uit ons koelhuis, en waarvoor naar uit de
practijk overduidelijk is gebleken, goeden afzet op onze veiling be-
staat.
Dergelijke producten en zendingen niet meer via onze kleinhandelsvei-
ling te doen verkoopen, zou voor de veiling een ernstig verlies aan
inkomsten beteekenen, daar aan de hand van onze gegevens het percen-
tage dat aan den totalen omzet bijdraagt veilig gesteld mag worden op
plm. 20% voor groenten en fruit en op 30% voor den aanvoer van aard-
appelen, waaronder begrepen de z.g.n. telers met "halfteelt". Deze
cijfers hebben alleen betrekking op direct aanwijsbare handelaren, Dit document bespreekt twee hoofdzaken betreffende de organisatie van een veiling:
- Personeelsbezetting en Keurmeesterschap: De auteur stelt vast dat er een gebrek is aan gespecialiseerde keurmeesters door een te krappe personeelsbezetting. Momenteel moet de directie zelf keuren, wat inefficiënt is. Er wordt voorgesteld een extra kracht aan te nemen om de directie en veilingmeesters te ontlasten, zodat zij zich beter kunnen focussen op de bloemen- en plantenveiling. Hoewel dit voorheen financieel niet haalbaar was, laten de recente resultaten dit nu wel toe. Tevens wordt dit gezien als een tactisch argument tegen kooplieden die de afschaffing van bepaalde toeslagen (de 3 opcenten) eisen.
- Beperking van aanvoerders: Er is een discussie gaande (Punt II) om het veilen van producten door handelaren (zender-handelaars) te verbieden en de veiling enkel open te stellen voor aangesloten kwekers. De auteur waarschuwt hiertegen: het uitsluiten van handelaren die producten van elders of uit koelhuizen aanvoeren, zou leiden tot een omzetverlies van circa 20% tot 30%. Het document geeft een inkijk in de naoorlogse spanningen binnen de Nederlandse veilingwereld, specifiek gericht op de regio Amsterdam (zie vermelding "Amsterdamsche grossiers"). Er is een duidelijk conflict tussen de belangen van de directie (bedrijfsvoering en inkomsten), de tuinders (die lagere kosten willen) en de handelaren/grossiers. De "3 opcenten" was een destijds gebruikelijke commissie of belasting op de aankoopprijs. Het document illustreert de verschuiving van puur kleinschalige kwekersveilingen naar een meer hybride model waarbij ook handelsproducten een grote rol in de omzet speelden.