Handgeschreven notities/concepttekst.
Origineel
Handgeschreven notities/concepttekst. [Rechtsboven: Romeinse X met twee strepen eronder]
c) De aanb. [aanbiedings-] prijzen worden gedurende de zomermaanden (met uitzondering van Juli t/m Sept.) vertoond door de veiling; 's winters, ged. de rest v/h jaar, heeft de v. [veiling] geen aanb. of zoo goed als geen.
d) Slechts een klein aantal van de deelnemende producenten [?]
[Rood onderstreept:] in het bijzonder die de veiling de winkeliers zonder vaste clientèle, want de winkelier met vaste clientèle moet koopen en heeft geen tijd voor de v. te zitten.
Is dit alles van belang voor het commentaar?
Nee, zeker niet bij een overbezet winkeliersapparaat.
Het algemeene marktbelang & het consumentenbelang:
Mr. P. stelt: de v. belemmert de vrije looppas van de markt en dus de v. prijzen drijvend werken; althans bevordert zij niet een regelmatige, goede, resp. ruime voorziening van de markt.
Dus ook niet van belang voor het commentaar?
Als de v. ineens verdwijnt, loopt dan de prijs op laag?
Op, zou de markt duurder worden en zoo ja, is dat dan goed of slecht?
[In linker marge:]
Vooral door de gr. [grote] commissionairs, die deels prijsregelende invloed hebben!
Zijn veelal gelimiteerd door de zenders!
[Rechts in de marge, bij de tekst:] F
Waarom, er is te veel conc. [concurrentie] van gr. - het overbezet apparaat.
De loonprijzen kunnen vervallen..
Zitten de partijen op de veiling? Koopt de gewone winkelier niet liever voordeelig rechtstreeks?
Ja. Neen! Niet 't algemeene! Maar op de veiling binnen de partij de prijs die de helft van de partijen probeert te winnen [?].
Wel worden door enkele bevoorrechte koopers partijtjes uit de veiling meegenomen, om dan later de afrekening tegen veilingprijs te krijgen.
C. Kerkhof houdt alle dagen!
buitenl. [buitenlands] fruit.
commissionairs.
[Rechtsonder:]
Tuindersbelang
Coöp. belang
Als veiling verdwijnt De tekst betreft een kritische beschouwing of een voorbereidend onderzoek naar de werking van het veilingsysteem (waarschijnlijk in de groente- of fruitsector). De auteur weegt de voor- en nadelen van de veiling af tegen directe handel.
Belangrijke punten in de analyse:
1. Toegankelijkheid: Winkeliers met een vaste klantenkring hebben vaak geen tijd om fysiek op de veiling aanwezig te zijn.
2. Prijsvorming: Er wordt getwijfeld of de veiling de prijzen opdrijft en of het de "ruime voorziening" van de markt belemmert.
3. Machtspositie: Er wordt gewezen op de invloed van grote commissionairs en "zenders" (producenten/exporteurs) die de prijzen kunnen beïnvloeden via limieten.
4. Markteffecten: De auteur vraagt zich af wat de gevolgen zijn als het veilingsysteem zou verdwijnen (prijsstijgingen, gevolgen voor het tuindersbelang). Dit document lijkt een kladversie of een gespreksnotitie van een jurist (verwijzing naar "Mr. P." en "commentaar") of een economisch adviseur die betrokken is bij de regulering van de afzet van agrarische producten in Nederland. In de 20e eeuw was de "veilingplicht" een groot discussiepunt: moesten producenten verplicht via de veiling verkopen, of mochten zij ook direct aan de handel leveren? De notities tonen de spanning tussen het belang van de producent (de tuinder), de tussenpersoon (commissionair) en de eindconsument.