Handgeschreven financiële aantekening/overzicht.
Origineel
Handgeschreven financiële aantekening/overzicht. [Regel 1] in 1937 betaalden
[Regel 2]
[Regel 3] de Grossiers:
[Regel 4] a aan pakhuis huren f 100.572,98-
[Regel 5] b " open plaatsen / 54.140,13- (plaatsgelden
[Regel 6] c " entree gelden 3.000 -- dus zoowel open plaats
[Regel 7] als plaatsen in de hal)
[Regel 8]
[Regel 9] de Tuinders:
[Regel 10] aan plaatsgelden / 29.700 --
[Regel 11] aan entree gelden 3.634 --
[Regel 12]
[Regel 13] de winkeliers, venters en expediteurs:
[Regel 14] ┌──────────────────────────────────────┐
[Regel 15] │ markt loopers │
[Regel 16] │ aan entree gelden f 35.760,25. │
[Regel 17] └──────────────────────────────────────┘ * Structuur: Het document is onderverdeeld in drie hoofdgroepen van betalers: Grossiers, Tuinders, en een gecombineerde groep van Winkeliers, Venters, Expediteurs en Marktloopers.
* Inkomstenbronnen: De inkomsten worden gespecificeerd als 'pakhuis huren', 'open plaatsen/plaatsgelden' en 'entreegelden'.
* Bedragen: De bedragen zijn genoteerd in guldens (aangeduid met het florijn-teken 'f'). De grootste inkomstenbron is de pakhuis huur van de grossiers (ruim 100.000 gulden).
* Verduidelijking: Een handgeschreven aantekening aan de rechterkant verduidelijkt dat onder 'plaatsgelden' zowel de buitenplaatsen als de plekken in de markthal vallen.
* Opmaak: Er wordt gebruik gemaakt van accolades (links bij de grossiers) en een kader (onderaan) om categorieën te groeperen. Schuine strepen ('/') worden gebruikt om de overgang naar de bedragenkolom aan te geven. Dit document lijkt een interne boekhoudkundige samenvatting te zijn van een grote (gemeentelijke) marktinstelling in Nederland, zoals de Centrale Markthallen in Amsterdam of een vergelijkbare faciliteit in een grote stad.
Het jaar 1937 valt in de periode tussen de twee wereldoorlogen, tijdens de nasleep van de Grote Depressie. De aanzienlijke bedragen suggereren een zeer omvangrijke handelsactiviteit. Het document geeft inzicht in de economische verhoudingen op de markt: de groothandel (grossiers) draagt het meest bij via vaste huur, terwijl kleinere handelaren, vervoerders en hulppersoneel (marktloopers) voornamelijk bijdragen via entreegelden. Het onderscheid tussen 'open plaatsen' en 'plaatsen in de hal' wijst op een fysieke infrastructuur met zowel binnen- als buitenruimtes voor de handel.