Archief 745
Inventaris 745-313
Pagina 91
Dossier 15
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte ambtelijke brief of rapportage.

Circa oktober 1940 (verwijst naar een schrijven van 10 september 1940 en toekomstige data in oktober en november 1940). Van: De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke marktdienst in een grote stad).

Origineel

Getypte ambtelijke brief of rapportage. Circa oktober 1940 (verwijst naar een schrijven van 10 september 1940 en toekomstige data in oktober en november 1940). De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke marktdienst in een grote stad). meedeelde, nog doen nagaan, welke de gevolgen zouden zijn, van het voorloopig berekenen op de markten, waar de kramen electrisch verlicht kunnen worden, van het tarief, dat op de niet-verlichte markten geldt. Het laatstbedoelde tarief is uiterst laag, het bedraagt namelijk slechts f 0,05 per strekkenden meter per dag (of f -,20 per week). Zou men dit tarief op alle markten hier ter stede invoeren, gedurende den tijd, dat de verduisteringsmaatregelen moeten gelden, dan zou dit een verminderde opbrengst van rond f 40.000,- per jaar beteekenen. Een dergelijke inkomstenvermindering is mijns inziens onaanvaardbaar.

Daarbij komt, dat de zomertijd voorloopig is verlengd, hetgeen tengevolge heeft, dat de markten een uur langer mogen duren, dan werd verwacht. Tot en met 15 November a.s. eindigen de markten op andere weekdagen dan des Zaterdags, volgens de Bepaling van de uren, waarop de markten worden gehouden, om 18 uur; na dien datum om 17 uur. Thans moeten de markten ½ uur vóór zonsondergang worden ontruimd, hetgeen beteekent, dat vanaf 24 October a.s. niet meer tot 18 uur kan worden uitgesteld, doch dat van 2 tot hoogstens 42 minuten (op 15 November a.s.) eerder moet worden opgehouden. Na 15 November kan, indien de zomertijd gehandhaafd blijft, op andere weekdagen dan des Zaterdags in den regel tot 17 uur worden uitgesteld. Alleen voor den Zaterdag, als de markten, in normale omstandigheden, tot 22 uur mogen duren, moet de markttijd thans gedurende verscheidene uren worden ingekort. Dit beteekent echter geenszins, dat de verkoopsgelegenheid evenredig vermindert, aangezien het publiek na zonsondergang nergens meer inkoopen kan doen en dus thans op den dag koopt, wat het voorheen tot de avonduren, vooral tot des Zaterdagavonds, placht uit te stellen.

Er is voorts mijns inziens geen enkel bezwaar tegen, om ook in den a.s. winter, op donkere middagen, zoolang de zon nog niet onder is, de marktverlichting te ontsteken, hetgeen in normale tijden eveneneens voorkomt. De kooplieden kunnen dan dus nog eenig gebruik van de verlichting maken.

Hoe dit trouwens zij, ik ben van meening, dat ook de verduisteringsmaatregelen moeten worden begrepen onder de maatregelen, welke uitvloeisels zijn van de tijdsomstandigheden, zooals bedoeld in Uw missive van 10 September jl. (No. 800 L.M. 1940). In die missive deelde U mij mede, dat het principieel niet juist is te achten om schade te vergoeden, die door dergelijke maatregelen wordt geleden. In overeenstemming hiermede heb ik de eer U beleefd in overweging te geven der adressante te doen berichten, dat haar verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen.

De Directeur, Dit document weerspiegelt de bureaucratische afhandeling van de eerste beperkingen tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
1. Financiële afwijzing: Er is een verzoek ingediend (waarschijnlijk door een marktkoopliedenbond) om het marktgeld te verlagen naar het tarief voor onverlichte kramen, omdat de verlichting door de verduistering nauwelijks gebruikt kan worden. De directeur wijst dit resoluut af vanwege het verlies van 40.000 gulden voor de gemeentekas.
2. Verduistering & Markttijden: De verduistering ("blackout") vereist dat markten een half uur voor zonsondergang leeg zijn. Dit raakt vooral de zaterdagmarkt, die normaal tot laat in de avond (22:00 uur) duurde.
3. Economische logica: De auteur stelt dat kortere openingstijden niet per se tot minder omzet leiden. Omdat winkelen in het donker verboden is, is de consument gedwongen zijn aankopen simpelweg eerder op de dag te doen.
4. Oorlogsschade: De directeur baseert zijn definitieve afwijzing op een beleidslijn van september 1940: schade die voortvloeit uit algemene "tijdsomstandigheden" (oorlog Maatregelen) komt niet in aanmerking voor compensatie. Na de inval in mei 1940 voerden de Duitsers direct de Duitse zomertijd in om de klok gelijk te zetten met Berlijn. In 1940 werd besloten deze zomertijd de gehele winter door te laten lopen, wat verklaart waarom de brief spreekt over de "verlengde zomertijd". De verduisteringsvoorschriften waren streng om te voorkomen dat geallieerde piloten zich op de lichten van de stad konden oriënteren. Dit document toont aan hoe snel na de capitulatie de ambtelijke molen zich aanpaste aan de nieuwe realiteit van de bezetting, waarbij economische belangen van de overheid prevaleerden boven de schade van individuele burgers of kooplieden.

Samenvatting

Dit document weerspiegelt de bureaucratische afhandeling van de eerste beperkingen tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
1. Financiële afwijzing: Er is een verzoek ingediend (waarschijnlijk door een marktkoopliedenbond) om het marktgeld te verlagen naar het tarief voor onverlichte kramen, omdat de verlichting door de verduistering nauwelijks gebruikt kan worden. De directeur wijst dit resoluut af vanwege het verlies van 40.000 gulden voor de gemeentekas.
2. Verduistering & Markttijden: De verduistering ("blackout") vereist dat markten een half uur voor zonsondergang leeg zijn. Dit raakt vooral de zaterdagmarkt, die normaal tot laat in de avond (22:00 uur) duurde.
3. Economische logica: De auteur stelt dat kortere openingstijden niet per se tot minder omzet leiden. Omdat winkelen in het donker verboden is, is de consument gedwongen zijn aankopen simpelweg eerder op de dag te doen.
4. Oorlogsschade: De directeur baseert zijn definitieve afwijzing op een beleidslijn van september 1940: schade die voortvloeit uit algemene "tijdsomstandigheden" (oorlog Maatregelen) komt niet in aanmerking voor compensatie.

Historische Context

Na de inval in mei 1940 voerden de Duitsers direct de Duitse zomertijd in om de klok gelijk te zetten met Berlijn. In 1940 werd besloten deze zomertijd de gehele winter door te laten lopen, wat verklaart waarom de brief spreekt over de "verlengde zomertijd". De verduisteringsvoorschriften waren streng om te voorkomen dat geallieerde piloten zich op de lichten van de stad konden oriënteren. Dit document toont aan hoe snel na de capitulatie de ambtelijke molen zich aanpaste aan de nieuwe realiteit van de bezetting, waarbij economische belangen van de overheid prevaleerden boven de schade van individuele burgers of kooplieden.

Kooplieden in dit dossier 62

A. Boersen Uilenburg — " —
A. Cuijpstr Waterlooplein
A. Cuypstraat Waterlooplein 89
A. Cuypstraat Waterlooplein
B. Schmiedemind Uilenburg v. Burg en Dijkema
B. Schmiedemind Uilenburg — " —
G. Burgers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg v. Burg.
G. Hillegers Uilenburg Renz en Uitvlugt
G. Hillegers Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Uitvlugt
J. J. Reenslag. Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Moerkerken en Bakker
J. Trapman Uilenburg — " —
J. v.d. Beek Uilenburg — " —
L. Scholten Uilenburg — " —
M.A.J. Roozen Uilenburg — " —
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 15 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 1 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 22 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Alle 62 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2