Archief 745
Inventaris 745-313
Pagina 277
Dossier 7
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte rapportpagina (waarschijnlijk een doorslag).

Na september 1940 (verwijst naar data tot en met september 1940).

Origineel

Getypte rapportpagina (waarschijnlijk een doorslag). Na september 1940 (verwijst naar data tot en met september 1940). heeft toegegeven, dat zijn voorstel tot het toe-
laten van compagnonschappen op alle markten feite-
lijk in dit rapport niet thuis hoort, doch dat het
uitsluitend zijn persoonlijke meening weergeeft.
Teekenend is in dit verband nog, dat het meestal
Joodsche kooplieden zijn, die verzoeken een compag-
non te mogen nemen, welke in het bezit is van stof-
fen, dameshoeden, enz. Inwilliging van dit verzoek
van het Arbeidsfront zal ongetwijfeld een bevorde-
ring beteekenen van den Joodschen handel en gros-
sierderij.

Onder E wordt nin het rapport van het
Arbeidsfront beweerd, dat vooral de Joodsche markt-
kooplieden des winters in steun gaan. Deze bewering
houdt geen steek, hetgeen blijkt uit de in bijlage
hierbij overgelegde lijsten, betreffende de markten
Albert Cuypstraat en Ten Katestraat, waarop staat
aangegeven de perioden, waarin steun werd genoten
van September 1939 tot September 1940 door Joodsche
en door niet-Joodsche kooplieden. De markten Albert
Cuypstraat en Ten Katestraat zijn speciaal gekozen,
omdat ~~ook~~ hier het Joodsche en het niet-Joodsche
element vrijwel tegen elkaar opwegen; de markten
Lindengracht of Waterlooplein ~~zijnxxxxxx~~ leveren
voor dit onderzoek geen bewijsmateriaal op, omdat
er overwegend respectievelijk niet-Joodsche en
Joodsche kooplieden staan. Deze pagina vormt een weerlegging van een rapport van het Arbeidsfront betreffende de economische positie en het gedrag van Joodse marktkooplieden in Amsterdam. De tekst concentreert zich op twee hoofdpunten:

  1. Compagnonschappen: Er wordt gesteld dat het toestaan van partnerschappen (compagnonschappen) vooral gunstig zou zijn voor Joodse handelaren die voorraden (stoffen, hoeden) zoeken, wat de Joodse groothandel zou bevorderen. De auteur van dit document nuanceert een voorstel hierover door het als een "persoonlijke meening" te bestempelen die niet in het officiële rapport thuishoort.
  2. Sociale steun: Het Arbeidsfront beweerde dat Joodse kooplieden vaker "in de steun" (werkloosheidsuitkering of bijstand) terechtkwamen tijdens de wintermaanden. De auteur weerlegt dit met statistische gegevens van de Albert Cuypmarkt en de Ten Katemarkt over de periode 1939-1940. Deze markten zijn gekozen als vergelijkingsmateriaal omdat de verhouding tussen Joodse en niet-Joodse kooplieden daar evenwichtig was, in tegenstelling tot de Lindengracht (overwegend niet-Joods) of het Waterlooplein (overwegend Joods).

De toon is zakelijk-ambtelijk, maar de onderliggende spanning tussen de anti-semitische retoriek van het Arbeidsfront en de feitelijke administratieve realiteit van de markten is duidelijk voelbaar. Het document is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland, vermoedelijk eind 1940 of in 1941. Het Nederlandsche Arbeidsfront (NAF) was een nationaalsocialistische organisatie die de vakbonden verving en trachtte het economisch leven te "gelijkschakelen". Een belangrijk onderdeel van hun ideologie was het marginaliseren van Joodse burgers in de economie.

De genoemde markten (Albert Cuyp, Ten Katestraat, Lindengracht en Waterlooplein) zijn iconische Amsterdamse locaties. Vooral het Waterlooplein was van oudsher het centrum van de Joodse handel. Dit document lijkt een ambtelijke reactie te zijn, mogelijk van de Amsterdamse Marktwezen-administratie, die trachtte de beschuldigingen van het Arbeidsfront met cijfers te ontkrachten in een periode waarin de anti-Joodse maatregelen steeds stringenter werden. Kort na deze periode zouden Joodse kooplieden volledig van de algemene markten worden geweerd en verbannen worden naar specifieke "Joodsche markten". Marktwezen

Samenvatting

Deze pagina vormt een weerlegging van een rapport van het Arbeidsfront betreffende de economische positie en het gedrag van Joodse marktkooplieden in Amsterdam. De tekst concentreert zich op twee hoofdpunten:

  1. Compagnonschappen: Er wordt gesteld dat het toestaan van partnerschappen (compagnonschappen) vooral gunstig zou zijn voor Joodse handelaren die voorraden (stoffen, hoeden) zoeken, wat de Joodse groothandel zou bevorderen. De auteur van dit document nuanceert een voorstel hierover door het als een "persoonlijke meening" te bestempelen die niet in het officiële rapport thuishoort.
  2. Sociale steun: Het Arbeidsfront beweerde dat Joodse kooplieden vaker "in de steun" (werkloosheidsuitkering of bijstand) terechtkwamen tijdens de wintermaanden. De auteur weerlegt dit met statistische gegevens van de Albert Cuypmarkt en de Ten Katemarkt over de periode 1939-1940. Deze markten zijn gekozen als vergelijkingsmateriaal omdat de verhouding tussen Joodse en niet-Joodse kooplieden daar evenwichtig was, in tegenstelling tot de Lindengracht (overwegend niet-Joods) of het Waterlooplein (overwegend Joods).

De toon is zakelijk-ambtelijk, maar de onderliggende spanning tussen de anti-semitische retoriek van het Arbeidsfront en de feitelijke administratieve realiteit van de markten is duidelijk voelbaar.

Historische Context

Het document is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland, vermoedelijk eind 1940 of in 1941. Het Nederlandsche Arbeidsfront (NAF) was een nationaalsocialistische organisatie die de vakbonden verving en trachtte het economisch leven te "gelijkschakelen". Een belangrijk onderdeel van hun ideologie was het marginaliseren van Joodse burgers in de economie.

De genoemde markten (Albert Cuyp, Ten Katestraat, Lindengracht en Waterlooplein) zijn iconische Amsterdamse locaties. Vooral het Waterlooplein was van oudsher het centrum van de Joodse handel. Dit document lijkt een ambtelijke reactie te zijn, mogelijk van de Amsterdamse Marktwezen-administratie, die trachtte de beschuldigingen van het Arbeidsfront met cijfers te ontkrachten in een periode waarin de anti-Joodse maatregelen steeds stringenter werden. Kort na deze periode zouden Joodse kooplieden volledig van de algemene markten worden geweerd en verbannen worden naar specifieke "Joodsche markten".

Locaties

Albert Cuypmarkt Lindengracht Ten Katemarkt Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Dieren: Kat Huishoudelijk: Pan Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Hoed Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Lever Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 62

A. Boersen Uilenburg — " —
A. Cuijpstr Waterlooplein
A. Cuypstraat Waterlooplein 89
A. Cuypstraat Waterlooplein
B. Schmiedemind Uilenburg v. Burg en Dijkema
B. Schmiedemind Uilenburg — " —
G. Burgers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg v. Burg.
G. Hillegers Uilenburg Renz en Uitvlugt
G. Hillegers Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Uitvlugt
J. J. Reenslag. Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Moerkerken en Bakker
J. Trapman Uilenburg — " —
J. v.d. Beek Uilenburg — " —
L. Scholten Uilenburg — " —
M.A.J. Roozen Uilenburg — " —
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 15 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 1 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 22 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Alle 62 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2