Administratief kas- of begrotingsdocument (bijlage).
Origineel
Administratief kas- of begrotingsdocument (bijlage). Vermelde data variëren van 22 juni 1936 tot 31 juli 1939. [Rechtsboven:] Bijlage I
[Midden boven:] Bezuinigingen op Salarissen.
[Onderstreept:] ontslagen, doch niet vervangen ambtenaren
[Kolom rechts:] Bedrag per jaar
- [Doorgestreept: De] Hoofd-opzichter P. M. de Jonge (Salaris groep VII)
[Ingevoegd boven regel:] is reeds per 22 Juni 1936 naar den dienst der Gem. Handelsinrichting gedetacheerd,
werd per 1 Januari 1937 vervangen door den technisch-opzichter S. Jonkman (salaris groep V)
[Ingevoegd:] Laatstgenoemde werd [doorgestreept: per 1 Jan 1937] in den rang van [doorgestreept: Hoofdonderwijzer] Hoofdopzichter (salaris groep VII) aangesteld.
Niet vervuld werd de functie van technisch-opzichter (salaris groep V)
[Doorgestreept: Salaris op het tijdstip van]
Besparing te stellen op f 2700.- + 5% toeslag voor nacht- en zondagsdienst f 135.- | 2835.- v
-
De controleur M. J. Boender (Salarisgroep II) werd per 10 Mei 1937 overgeplaatst naar het magazijn.
Salaris op het tijdstip van overplaatsing | 1595.- v -
De marktopzichter P. J. Buitenbal (Salaris groep III) werd op 1 September 1937 ontslagen.
Besparing te stellen op f 2000.- + f 75.- toeslag uniformkleeding | 2075.- v -
De controleur G. de Haan (Salarisgroep II) werd per 1 Mei 1939 overgeplaatst naar de Gemeentekas.
Salaris op het tijdstip van overplaatsing f 1670.- + f 85.- toeslag v. uniformkleeding | 1755.- v -
De controleur P. Winter (Salarisgroep II) werd per 31 Juli 1939 ontslagen.
Besparing te stellen op f 1800.- + f 90.- toeslag voor nacht- en zondagsdienst + f 75.- uniformkleeding | 1965.- v
[Onderaan:] Transport | 10225.- Dit document is een administratieve verantwoording van gerealiseerde bezuinigingen op de personeelskosten van een Nederlandse gemeente of overheidsinstantie eind jaren '30. De kern van de besparing ligt in het feit dat wanneer een ambtenaar vertrok (door ontslag, overplaatsing naar een andere dienst zoals de 'Gemeentekas' of detachering naar de 'Handelsinrichting'), de vrijgekomen formatieplaats niet opnieuw werd ingevuld door een nieuwe kracht van buitenaf.
Wat opvalt is de nauwkeurige berekening, waarbij niet alleen het basissalaris maar ook secundaire arbeidsvoorwaarden zoals de "toeslag voor nacht- en zondagsdienst" en "uniformkleeding" (uniformkleding) worden meegerekend als besparingspost. De correcties bij item 1 laten zien dat er geschoven werd met functies: een technisch-opzichter promoveerde naar hoofdopzichter, waarna de lagere functie (technisch-opzichter) werd opgeheven om kosten te besparen. De totale besparing op deze vijf posten bedroeg 10.225 gulden per jaar, een aanzienlijk bedrag voor die tijd. De jaren '30 stonden in Nederland in het teken van de Grote Depressie en de daaropvolgende 'aanpassingspolitiek' van de kabinetten-Colijn. De overheid probeerde de gevolgen van de economische crisis te bestrijden door rigoureus te bezuinigen op de eigen uitgaven om de begroting sluitend te houden en de gouden standaard te handhaven.
Ambtenarensalarissen waren een geliefd doelwit voor deze bezuinigingen. In deze periode werden salarissen van rijks- en gemeenteambtenaren herhaaldelijk verlaagd (de zogenaamde 'salariskortingen'). Dit document illustreert een andere methode van diezelfde bezuinigingsdrift: de 'vacaturestop' of het niet-invullen van plaatsen na natuurlijk verloop of interne verschuivingen. Het document geeft hiermee een lokaal, menselijk gezicht aan de macro-economische soberheidspolitiek van het vooroorlogse Nederland. De genoemde functies (marktopzichter, controleur, magazijnbediende) duiden op een gemeentelijk apparaat dat toezicht hield op handel en openbare orde.