Ambtelijk rapport of brief (conceptversie).
Origineel
Ambtelijk rapport of brief (conceptversie). ~~Concept.~~
Wat de van 1 tot en met 12 genummerde voorstellen van adressant betreft merk ik allereerst op, dat ~~dazexvxorx stakkenxxxoorxxxdaakxnietx~~ een aantal dezer voorstellen in het voorafgaande algemeene deel niet zijn gemotiveerd en dat zij ook verder zonder eenige motiveering worden gesteld. Ik heb nochtans getracht zoo goed mogelijk de bedoeling na te gaan, welke adressant met elk der voorstellen kan hebben gehad en ik heb daartoe ook een bespreking gevoerd met een vijftal ambtenaren van mijn dienst, namelijk den chef-marktopzichter Van Moerkerken, de marktopzichters Vrij, De Wolff en Stroër, benevens den contrōleur-marktopzichter Uitvlugt, welke ambtenaren ieder op een der dagmarkten dienstdoen. Deze ambtenaren hebben zich eenstemmig vereenigd met de zienswijze, welke hieronder [tussenvoeging: onder] ten aanzien van de voorstellen van het Arbeidsfront wordt weergegeven.
Een der voornaamste grieven, welke door het Arbeidsfront zijn geuit, is, dat het op grond van de bestaande reglementsbepalingen mogelijk is, dat marktkooplieden, die zeer regelmatig een bepaalde markt bezoeken aldaar op sommige, gunstige dagen (vooral des Zaterdags) of in bepaalde gunstige seizoenen plaats moeten ruimen voor kooplieden, die overigens de markt slechts weinig bezoeken, hetzij omdat zij ook op andere markten staan, hetzij omdat zij ondersteuning ontvangen. Zooals ik hierboven bij de behandeling van punt B bereids mededeelde, is de hierbedoelde grief niet ongegrond. Het is daarom wenschelijk, dat maatregelen worden getroffen, waardoor de regelmatige bezetting van de markt, zoo-veel mogelijk steeds door dezelfde kooplieden, wordt bevorderd. Het door adressant sub 1 gedane voorstel, om de kooplieden te verplichten ~~minstenex~~ ten minste drie dagen per week een marktplaats op een dagmarkt te bezetten, in plaats van twee dagen, zooals artikel 9 sub a van het Reglement op de Markten thans voorschrijft, geeft deze strekking. Ik kan dit voorstel daarom overnemen, ook voor de markt aan de Dapperstraat, waar tot nu toe zelfs met een uitstalling van slechts één dag per week kon worden volstaan. Zooals ik U bereids op vervolgblad 3 van mijn rapport d.d. 24 Januari jl. (No. 8A/25/1 M.) berichtte, is uit een desbetreffend onderzoek gebleken, dat de meerderheid der vaste plaatshouders op de markten hier ter stede slechts op een enkele markt een plaats bezetten. Bijlage 4 van het bedoelde rapport gaf daarvan een overzicht, * Inhoud: Het document betreft een ambtelijke reactie op twaalf voorstellen tot wijziging van de marktverordening. De kern van dit fragment is het voorstel om de aanwezigheidsplicht voor marktkooplieden te verhogen van twee naar drie dagen per week. Dit moet voorkomen dat 'gelegenheidskooplieden' de beste plekken bezetten op drukke dagen (zaterdagen) ten koste van de vaste kooplui.
* Personen: Er worden specifieke namen van marktbeambten genoemd (Van Moerkerken, Vrij, De Wolff, Stroër, Uitvlugt), wat waardevol is voor genealogisch of lokaal-historisch onderzoek.
* Locatie: Er wordt specifiek verwezen naar de dagmarkten "hier ter stede" (waarschijnlijk Amsterdam) met expliciete vermelding van de Dapperstraat.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de destijds gebruikelijke spelling (zooals, wenschelijk, Zaterdags). Dit document dateert uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). De cruciale aanwijzing hiervoor is de vermelding van het "Arbeidsfront". Hiermee wordt het Nederlandsche Arbeidsfront (NAF) bedoeld, de nationaalsocialistische vakorganisatie die in 1942 door de bezetter werd opgericht ter vervanging van de ontbonden vakbonden. Het NAF hield zich intensief bezig met de regulering van de economie en de arbeidsomstandigheden, in dit geval de marktsector. Het document toont aan hoe de nationaalsocialistische invloed doordrong tot in de kleinste details van het dagelijks leven en de lokale economie, zoals de bezettingsgraad van de Dapperstraatmarkt. Er worden specifieke namen van marktbeambten genoemd (Van Moerkerken Vrij De Wolff Stroër Uitvlugt) wat waardevol is voor genealogisch of lokaal-historisch onderzoek.