Archief 745
Inventaris 745-313
Pagina 362
Dossier 11
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypt ambtelijk advies of concept-besluit met handgeschreven correcties.

Origineel

Getypt ambtelijk advies of concept-besluit met handgeschreven correcties. om twee vaste plaatsen op een weekmarkt (het komt wel voor, dat een koopman op dezelfde weekmarkt, byvoorbeeld Uilenburg twee vaste plaatsen heeft), doch om plaatsen op twee weekmarkten.

    Daarby komt, dat myns inziens niet eerst by het toewyzen van een nieuwe vaste plaats door den koopman moet worden gekozen op welke markt hy zich wenscht te vestigen, doch dat deze keus reeds by het uitreiken van de voorkeurskaart moet geschieden. Immers de houder van een voorkeurskaart is (krachtens artikel 10 b) verplicht de markt geregeld te bezoeken. Ook hy zal dus, by invoering van de Reglementswyzigingen drie keer per week ter markt moeten komen. Aan deze verplichting kan hy geen gevolg geven als hy reeds drie dagen per week op een andere dagmarkt en twee dagen op twee weekmarkten moet komen.

    Al hetgeen ik hierboven sub II heb besproken, wordt myns inziens tot uitdrukking gebracht door de onderstaande wyziging van artikel 16, welke ik hierby voorstel:

    Ingevoegd worde een nieuw eerste lid, luidende:
    "Een zelfde persoon kan, hetzy alleen hetzy met zyn echtgenoote, ten hoogste over één vaste plaats op een algemeene dagmarkt en over ~~twee~~ vaste plaatsen op ~~een~~ weekmarkte beschikken. Voor de toepassing van deze bepaling wordt degene, wien een voorkeurskaart als bedoeld in artikel 8 is uitgereikt, aangemerkt als te beschikken over een vaste plaats op de markt, waarvoor de voorkeurskaart is verleend."

    Het eerste lid wordt tweede lid en komt te luiden:
    "Onverminderd het bepaalde in het vorige lid, komen uit elk gezin, op dezelfde markt, ten hoogste twee personen voor een vaste plaats in aanmerking, namelyk het gezinshoofd of zyn echtgenoote en een der andere gezinsleden".

    Teneinde het voorts mogelyk te maken, dat de inschryving op de sollicitantenlyst wordt doorgehaald van dengene, die, als hy de voorkeurskaart komt in ontvangst nemen, verkiest de vaste marktplaats, die hy reeds heeft, te behouden, stel ik voor aan artikel 10 sub a toe te voegen:
    "voor de toepassing van deze bepaling wordt de ingeschrevene ook geacht in gebreke te blyven, wanneer hem op grond van het bepaalde in artikel 16 lid 1 geen voorkeurskaart kan worden uitgereikt."

    III. By de Uwerzyds voorgestelde wyzigingen van artikel 8 lid 1 en van artikel 7 lid 2 wordt blykbaar ervan uitgegaan, dat voorkeurskaarten telkens voor een dag worden verleend. Dit is geenszins het geval: De voorkeurskaarten worden eens voor al verstrekt; de houder eener dergelyke kaart is een losse koopman, die binnenkort vaste-plaatshouder zal worden en daarom reeds tot regelmatig marktbezoek wordt verplicht, door middel van de voorkeurskaart, die krachtens artikel 7 lid 1 ("in de tweede plaats") voor losse kooplieden onmisbaar is om een vaste plaats te kunnen krygen.

    Uit het vorenstaande volgt, dat artikel 8 geen wyziging behoeft. Alleen artikel 7 lid 2 worde gewyzigd door daarin onder "in de tweede plaats" te lezen:
    "degenen, wien een voorkeurskaart als bedoeld in artikel 8 is verstrekt, in de volgorde van hun inschryving op de in artikel 5 genoemde sollicitantenlyst, met dien ver- Dit document is een ambtelijk voorstel tot wijziging van het Marktreglement. De kern van het betoog is de regulering van het aantal "vaste plaatsen" dat een marktkoopman mag bezetten.

De belangrijkste punten uit de analyse zijn:
1. Beperking van Cumulatie: Er wordt voorgesteld om het bezit van vaste plaatsen te limiteren (maximaal één op een algemene dagmarkt en beperkingen op weekmarkten) om te voorkomen dat handelaren te veel plekken bezetten en daardoor niet aan hun aanwezigheidsplicht kunnen voldoen.
2. De Voorkeurskaart: De tekst verduidelijkt de status van de "voorkeurskaart". Deze kaart is bedoeld voor "losse kooplieden" die op het punt staan een vaste plaats te krijgen. Het document stelt dat het bezit van een voorkeurskaart juridisch gelijkgesteld moet worden aan het hebben van een vaste plaats bij het toetsen van de limieten.
3. Gezinsbepaling: Er wordt een expliciete beperking voorgesteld voor gezinsleden (maximaal twee personen per gezin per markt), wat duidt op een poging om monopolisering door grote koopmansfamilies tegen te gaan.
4. Aanwezigheidsplicht: Er wordt verwezen naar de verplichting om de markt regelmatig te bezoeken (artikel 10 b). De schrijver wijst op de praktische onmogelijkheid om deze plicht na te komen als een koopman op te veel verschillende markten tegelijk actief is. Het document dateert waarschijnlijk uit de periode tussen 1920 en 1940, gezien de spelling (Marchant-spelling/vóór de spellingwijziging van 1947) en de ambtelijke toon. De specifieke vermelding van Uilenburg plaatst het document in Amsterdam.

Uilenburg was historisch gezien een wijk in het Amsterdamse centrum met een zeer drukke markt, die nauw verbonden was met de Joodse gemeenschap. De markten in Amsterdam stonden in deze periode onder streng toezicht van de gemeente om de handel eerlijk te verdelen en wildgroei aan staanplaatsen te voorkomen. De discussie over "losse kooplieden" versus "vaste-plaatshouders" was een constant punt van zorg voor de marktmeesters en de gemeenteraad in hun streven naar een geordend marktsysteem. De tekst weerspiegelt de bureaucratisering van het marktwezen in een groeiende stad.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk voorstel tot wijziging van het Marktreglement. De kern van het betoog is de regulering van het aantal "vaste plaatsen" dat een marktkoopman mag bezetten.

De belangrijkste punten uit de analyse zijn:
1. Beperking van Cumulatie: Er wordt voorgesteld om het bezit van vaste plaatsen te limiteren (maximaal één op een algemene dagmarkt en beperkingen op weekmarkten) om te voorkomen dat handelaren te veel plekken bezetten en daardoor niet aan hun aanwezigheidsplicht kunnen voldoen.
2. De Voorkeurskaart: De tekst verduidelijkt de status van de "voorkeurskaart". Deze kaart is bedoeld voor "losse kooplieden" die op het punt staan een vaste plaats te krijgen. Het document stelt dat het bezit van een voorkeurskaart juridisch gelijkgesteld moet worden aan het hebben van een vaste plaats bij het toetsen van de limieten.
3. Gezinsbepaling: Er wordt een expliciete beperking voorgesteld voor gezinsleden (maximaal twee personen per gezin per markt), wat duidt op een poging om monopolisering door grote koopmansfamilies tegen te gaan.
4. Aanwezigheidsplicht: Er wordt verwezen naar de verplichting om de markt regelmatig te bezoeken (artikel 10 b). De schrijver wijst op de praktische onmogelijkheid om deze plicht na te komen als een koopman op te veel verschillende markten tegelijk actief is.

Historische Context

Het document dateert waarschijnlijk uit de periode tussen 1920 en 1940, gezien de spelling (Marchant-spelling/vóór de spellingwijziging van 1947) en de ambtelijke toon. De specifieke vermelding van Uilenburg plaatst het document in Amsterdam.

Uilenburg was historisch gezien een wijk in het Amsterdamse centrum met een zeer drukke markt, die nauw verbonden was met de Joodse gemeenschap. De markten in Amsterdam stonden in deze periode onder streng toezicht van de gemeente om de handel eerlijk te verdelen en wildgroei aan staanplaatsen te voorkomen. De discussie over "losse kooplieden" versus "vaste-plaatshouders" was een constant punt van zorg voor de marktmeesters en de gemeenteraad in hun streven naar een geordend marktsysteem. De tekst weerspiegelt de bureaucratisering van het marktwezen in een groeiende stad.

Kooplieden in dit dossier 62

A. Boersen Uilenburg — " —
A. Cuijpstr Waterlooplein
A. Cuypstraat Waterlooplein 89
A. Cuypstraat Waterlooplein
B. Schmiedemind Uilenburg v. Burg en Dijkema
B. Schmiedemind Uilenburg — " —
G. Burgers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg — " —
G. Hillegers Uilenburg v. Burg.
G. Hillegers Uilenburg Renz en Uitvlugt
G. Hillegers Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Uitvlugt
J. J. Reenslag. Uilenburg — " —
J. Hillegers Uilenburg Moerkerken en Bakker
J. Trapman Uilenburg — " —
J. v.d. Beek Uilenburg — " —
L. Scholten Uilenburg — " —
M.A.J. Roozen Uilenburg — " —
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 12 October meerdere
Op Zaterdag 15 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 1 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Op Zaterdag 22 Februari meerdere
B.J. Maart meerdere
Alle 62 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2