Ambtelijke brief / personeelstaat.
Origineel
Ambtelijke brief / personeelstaat. [Marginale notities linksboven:]
14/1 ’39
Hs
8 A/g/1 [in rood potlood/stempel]
[Hoofdtekst:]
A’dam, 13/1 1939
Den Heer
Wethouder
van de Arbeidszaken
Raadhuis
Ter voldoening aan Uw circulaire dd. 31 December 1901 No 721 Arb. heb ik de eer U te berichten dat op 31 December 1938 in dienst waren bij het Marktwezen:
66 vaste ambtenaren
4 tijdelijke volwassen ambtenaren;
1 tijdelijke jeugdige ambtenaar;
3 reservisten (in ambtenaarsfunctie)
8 vaste werklieden.
Op 1 Januari 1939 zijn bovenvermelde aantallen niet gewijzigd.
[Handtekening/Paraaf] * Inhoud: Het betreft een kwantitatieve rapportage van het personeelsbestand van de Amsterdamse dienst 'Marktwezen'. De rapportage wordt gedaan naar aanleiding van een zeer oude instructie (circulaire) uit 1901, wat duidt op een sterke ambtelijke traditie en continuïteit in de informatievoorziening.
* Personeelsstructuur: Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen 'vaste' en 'tijdelijke' krachten, en tussen 'ambtenaren' en 'werklieden'. Interessant is de vermelding van 'reservisten' die een ambtenaarsfunctie bekleden, wat mogelijk duidt op personeel dat in tijden van mobilisatie of extra drukte (markttoezicht) werd ingezet.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk taalgebruik van de vroege 20e eeuw ("heb ik de eer U te berichten", "ter voldoening aan"). Dit document stamt uit januari 1939, een periode van verhoogde spanning in Europa (vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog) en de nasleep van de economische crisis van de jaren '30. De gemeente Amsterdam hield in deze tijd scherp toezicht op de arbeidskrachten en de kosten daarvan.
Het "Marktwezen" was verantwoordelijk voor de organisatie en het toezicht op de vele dagmarkten en de Centrale Markthallen in de stad. De wethouder van Arbeidszaken (in die periode de SDAP’er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger, afhankelijk van de precieze portefeuilleverdeling op dat moment) had toezicht op de rechtspositie en aantallen van het gemeentepersoneel. De verwijzing naar een circulaire uit 1901 laat zien hoe diep geworteld de administratieve procedures waren binnen de Amsterdamse bureaucratie. Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: Het betreft een kwantitatieve rapportage van het personeelsbestand van de Amsterdamse dienst 'Marktwezen'. De rapportage wordt gedaan naar aanleiding van een zeer oude instructie (circulaire) uit 1901, wat duidt op een sterke ambtelijke traditie en continuïteit in de informatievoorziening.
- Personeelsstructuur: Er wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen 'vaste' en 'tijdelijke' krachten, en tussen 'ambtenaren' en 'werklieden'. Interessant is de vermelding van 'reservisten' die een ambtenaarsfunctie bekleden, wat mogelijk duidt op personeel dat in tijden van mobilisatie of extra drukte (markttoezicht) werd ingezet.
- Taalgebruik: Formeel ambtelijk taalgebruik van de vroege 20e eeuw ("heb ik de eer U te berichten", "ter voldoening aan").
Historische Context
Dit document stamt uit januari 1939, een periode van verhoogde spanning in Europa (vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog) en de nasleep van de economische crisis van de jaren '30. De gemeente Amsterdam hield in deze tijd scherp toezicht op de arbeidskrachten en de kosten daarvan.
Het "Marktwezen" was verantwoordelijk voor de organisatie en het toezicht op de vele dagmarkten en de Centrale Markthallen in de stad. De wethouder van Arbeidszaken (in die periode de SDAP’er Florentinus Marinus Wibaut of diens opvolger, afhankelijk van de precieze portefeuilleverdeling op dat moment) had toezicht op de rechtspositie en aantallen van het gemeentepersoneel. De verwijzing naar een circulaire uit 1901 laat zien hoe diep geworteld de administratieve procedures waren binnen de Amsterdamse bureaucratie.