Doorslag van een officiële brief / besluit.
Origineel
Doorslag van een officiële brief / besluit. 1 juli 1940. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst of instelling). 46A/11/9 M
[Handgeschreven:] m. de Laer
[Handgeschreven:] Verzonden 1/7
G.
1 Juli 1940.
den Heer B.Groenteman,
Korte Houtstraat 31 III,
Amsterdam-Centrum.
Wyk 2.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 20 Juni jl. bericht ik U, dat aan het daarin vervatte verzoek niet kan worden voldaan. Mynerzyds bestaat geen aanleiding terug te komen op de U door Burgemeester en Wethouders opgelegde straf.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een formele afwijzing van een verzoekschrift of bezwaarschrift. De geadresseerde, de heer B. Groenteman, had op 20 juni (kort na de Nederlandse capitulatie) een brief gestuurd naar aanleiding van een straf die hem was opgelegd door het College van Burgemeester en Wethouders (B&W). De directeur deelt mede dat er geen reden is om deze straf te herzien of in te trekken.
* Vorm en Stijl: Het betreft een zakelijke, ambtelijke mededeling op doorslagpapier (herkenbaar aan de grijzige tint en de typemachine-indruk). De stijl is kortaf en beslist. Opvallend is de spelling "Mynerzyds", wat in 1940 reeds als enigszins archaïsch gold maar in ambtelijke correspondentie nog voorkwam.
* Status: De handgeschreven notitie "Verzonden 1/7" duidt aan dat dit het archiefexemplaar is van de verzonden brief. * Historische periode: De brief is gedateerd op 1 juli 1940, minder dan twee maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een reguliere ambtelijke afhandeling lijkt, is de context van de vroege bezettingstijd van belang.
* Geadresseerde en Locatie: De achternaam "Groenteman" en het adres "Korte Houtstraat" (gelegen in de Amsterdamse Jodenbuurt) suggereren dat de geadresseerde van Joodse afkomst was. In de zomer van 1940 begonnen de eerste beperkingen voor Joodse burgers, alhoewel een "straf door Burgemeester en Wethouders" in deze fase vaak nog betrekking kon hebben op reguliere gemeentelijke verordeningen of arbeidsrechtelijke disciplinaire maatregelen.
* Bestuur: De Amsterdamse gemeenteraad werd pas in 1941 door de bezetter ontbonden, maar in juli 1940 stond het college van B&W al onder toezicht van de bezettingsautoriteiten. Dit document illustreert de voortzetting van het dagelijks bestuur en de handhaving van sancties vlak na de inval. B. Groenteman
Samenvatting
- Inhoud: De brief is een formele afwijzing van een verzoekschrift of bezwaarschrift. De geadresseerde, de heer B. Groenteman, had op 20 juni (kort na de Nederlandse capitulatie) een brief gestuurd naar aanleiding van een straf die hem was opgelegd door het College van Burgemeester en Wethouders (B&W). De directeur deelt mede dat er geen reden is om deze straf te herzien of in te trekken.
- Vorm en Stijl: Het betreft een zakelijke, ambtelijke mededeling op doorslagpapier (herkenbaar aan de grijzige tint en de typemachine-indruk). De stijl is kortaf en beslist. Opvallend is de spelling "Mynerzyds", wat in 1940 reeds als enigszins archaïsch gold maar in ambtelijke correspondentie nog voorkwam.
- Status: De handgeschreven notitie "Verzonden 1/7" duidt aan dat dit het archiefexemplaar is van de verzonden brief.
Historische Context
- Historische periode: De brief is gedateerd op 1 juli 1940, minder dan twee maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de brief een reguliere ambtelijke afhandeling lijkt, is de context van de vroege bezettingstijd van belang.
- Geadresseerde en Locatie: De achternaam "Groenteman" en het adres "Korte Houtstraat" (gelegen in de Amsterdamse Jodenbuurt) suggereren dat de geadresseerde van Joodse afkomst was. In de zomer van 1940 begonnen de eerste beperkingen voor Joodse burgers, alhoewel een "straf door Burgemeester en Wethouders" in deze fase vaak nog betrekking kon hebben op reguliere gemeentelijke verordeningen of arbeidsrechtelijke disciplinaire maatregelen.
- Bestuur: De Amsterdamse gemeenteraad werd pas in 1941 door de bezetter ontbonden, maar in juli 1940 stond het college van B&W al onder toezicht van de bezettingsautoriteiten. Dit document illustreert de voortzetting van het dagelijks bestuur en de handhaving van sancties vlak na de inval.