Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie).
Origineel
Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie). 1 april 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Vischhal of het Marktwezen Amsterdam). Den Heer A. Groenteman, Jodenbreestraat 62 II, Amsterdam-Centrum (Wijk 2). [Rechtsboven handgeschreven:]
Ten handelen
I en II [?]
VP/HG.
46A/12/4 M. [Handgeschreven:] Verzonden 1/4-40.
1 April 1940.
den Heer A. Groenteman,
Jodenbreestraat 62 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
In verband met het feit, dat U zich op 23 en 29 Maart jl. op de Vischmarkt alhier hebt schuldig gemaakt aan wangedrag tegenover een op de voornoemde markt dienstdoenden ambtenaar, heb ik U, ingevolge artikel 14 lid 1 van het Reglement op den afslag in de Gemeente Vischhal op de Vischmarkt, gestraft met intrekking van het toegangsbewijs voor de Vischmarkt voor den tijd van 14 dagen, namelijk van 2 tot en met 15 April a.s. Bovendien is aan Burgemeester en Wethouders de vraag voorgelegd, of [handgeschreven invoeging: 26] terzake van een en ander voor langeren tijd behoort te worden gestraft.
De Directeur,
--- * Onderwerp: Een disciplinaire maatregel tegen een marktkoopman of handelaar.
* Kernboodschap: De heer A. Groenteman krijgt een tijdelijk verbod van 14 dagen voor de Vischmarkt in Amsterdam wegens wangedrag tegenover een ambtenaar op twee verschillende dagen in maart 1940.
* Juridische basis: Artikel 14 lid 1 van het 'Reglement op den afslag in de Gemeente Vischhal op de Vischmarkt'.
* Escalatie: De directeur geeft aan dat de zaak is voorgelegd aan het College van Burgemeester en Wethouders voor een eventuele zwaardere of langduriger straf.
--- * Historische periode: De brief is gedateerd op 1 april 1940, slechts vijf weken voor de Duitse inval in Nederland. De toon van de brief is formeel en strikt ambtelijk.
* Locatie: De Jodenbreestraat was in die tijd het hart van de Joodse buurt in Amsterdam. De familienaam 'Groenteman' en de woonlocatie suggereren dat de betrokkene een Joodse Amsterdammer was die werkzaam was in de vis- of markthandel.
* Sociaal-economisch: De Vischmarkt (waarschijnlijk de visafslag aan het Singel of in de latere Markthallen) was een streng gereguleerde plek. Toegangsbewijzen waren essentieel voor iemands levensonderhoud; de intrekking ervan was dan ook een zware economische sanctie. De vermelding "Wijk 2" verwijst naar de oude Amsterdamse wijkindeling die destijds nog in ambtelijke stukken werd gebruikt.
Samenvatting
- Onderwerp: Een disciplinaire maatregel tegen een marktkoopman of handelaar.
- Kernboodschap: De heer A. Groenteman krijgt een tijdelijk verbod van 14 dagen voor de Vischmarkt in Amsterdam wegens wangedrag tegenover een ambtenaar op twee verschillende dagen in maart 1940.
- Juridische basis: Artikel 14 lid 1 van het 'Reglement op den afslag in de Gemeente Vischhal op de Vischmarkt'.
- Escalatie: De directeur geeft aan dat de zaak is voorgelegd aan het College van Burgemeester en Wethouders voor een eventuele zwaardere of langduriger straf.
Historische Context
- Historische periode: De brief is gedateerd op 1 april 1940, slechts vijf weken voor de Duitse inval in Nederland. De toon van de brief is formeel en strikt ambtelijk.
- Locatie: De Jodenbreestraat was in die tijd het hart van de Joodse buurt in Amsterdam. De familienaam 'Groenteman' en de woonlocatie suggereren dat de betrokkene een Joodse Amsterdammer was die werkzaam was in de vis- of markthandel.
- Sociaal-economisch: De Vischmarkt (waarschijnlijk de visafslag aan het Singel of in de latere Markthallen) was een streng gereguleerde plek. Toegangsbewijzen waren essentieel voor iemands levensonderhoud; de intrekking ervan was dan ook een zware economische sanctie. De vermelding "Wijk 2" verwijst naar de oude Amsterdamse wijkindeling die destijds nog in ambtelijke stukken werd gebruikt.