Archiefdocument
Origineel
[Briefhoofd gedrukt]
DE GECOMBINEERDE TUINBOUW ORGANISATIES
AMSTERDAM
[Linksboven stempel en handgeschreven kenmerken]
Nº 66/29/III. 1940
30/12
[Linkerkolom gedrukt]
Kantoor:
Centrale Markt
H A L, 2e verdieping
No. 91
—
Privé:
N. J. DINKGREVE
Hoofdweg 75 Beletage
Tel. 85304
==
No. 435
v.P/E
[Rechtsboven]
AMSTERDAM, 30 December 1940
TELEFOON 83670
[Bestemming]
Aan de Directie van het Marktwezen
te
.- A M S T E R D A M -.
[Handgeschreven aantekening in blauwe inkt]
M. i. Dir.
[Inhoud brief]
WelEd. Heer Sixma,
Gezien de huidige kantoorruimte van de, van U in gebruik hebbende lokaliteit ( Kamer No. 91) door de meerdere werkzaamheden verbonden aan, in ontvangst nemen van omzetbelasting, benzine regeling en daaraan verbonden contrôle administratie, enz., zulks ten gerieve van de tuinders, voor heden te beperkt is, verzoek ik U beleefd ook het lokaal, Kamer No. 90 aan ons te willen verhuren, eveneens , als voor het thans van U in gebruik hebbende kantoor, tegen een huurprijs per jaar van drie honderd gulden.
Uwe geeerd antwoord spoedig tegemoet ziende en vertrouwend op een gunstige beslissing, verblijf ik met de meeste hoogachting,
[Ondertekening]
(getekend) N.J. Dinkgreve
Alg.Voorzitter der
GECOMBINEERDE TUINBOUW
ORGANISATIES TE AMSTERDAM. In deze brief verzoekt de voorzitter van de Gecombineerde Tuinbouw Organisaties om uitbreiding van hun kantoorruimte op de Centrale Markt in Amsterdam. De organisatie huurt op dat moment Kamer 91 en wil daar Kamer 90 bij huren voor een bedrag van 300 gulden per jaar.
De reden voor dit verzoek is een aanzienlijke toename van de administratieve werklast. Specifiek worden genoemd:
* De inning van omzetbelasting.
* De uitvoering van de "benzine regeling" (distributie/rantsoenering).
* De bijbehorende controle-administratie ten behoeve van de aangesloten tuinders.
De toon van de brief is uiterst formeel en hoffelijk, wat passend is voor de correspondentie tussen een belangenorganisatie en een gemeentelijke instantie (het Marktwezen) in die periode. De datum van de brief, 30 december 1940, plaatst het document in de eerste winter van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De genoemde "benzine regeling" is een directe verwijzing naar de oorlogsomstandigheden; al snel na de inval in mei 1940 werd brandstof schaars en ging deze op de bon.
De tuinbouwsector was essentieel voor de voedselvoorziening van de stad Amsterdam. De Gecombineerde Tuinbouw Organisaties fungeerden hierbij als schakel tussen de individuele tuinders en de overheid/marktmeesters. Dat zij extra ruimte nodig hadden voor de uitvoering van nieuwe regelingen, duidt op de toenemende bureaucratisering en regulering van de economie onder het bezettingsregime. De "WelEd. Heer Sixma" aan wie de brief gericht is, was waarschijnlijk een hoge ambtenaar of directeur binnen de Amsterdamse gemeentelijke havendienst of het marktwezen. N.J. Dinkgreve Marktwezen